Opinie

Pittoors en Opbrouck schragen doorgezwikte plattelandsklucht

AMSTERDAM - Met een complot-smedende-valse grijns en als een kromme, o-benige, in versleten paardendekens gewikkelde Eucalyptaheks waggelt actrice Frieda Pittoors naar de keukentafel en leegt haar nachtelijke pispot in de teil waarin de afwas van gisteren nog weekt. Ze kijkt de toeschouwers frontaal aan en knipoogt de vetste knipoog van het theaterseizoen. Massaal huivert de zaal van schik.

Er weerklonk nog net geen daverend applaus, maar dat zal ongetwijfeld volgen in de weken waarin Pittoors haar 70-jarige Ierse boerin uit 'De Leenane trilogie' nog speelt. Hoe dat kan: een zaal vol volwassenen aan het schuddebuiken krijgen door een pot met pis in een afwasteil te gieten en daar nog eens zo'n van smeerolie druipende knipoog overheen te zetten waarvoor zelfs een zesderangs komiek zich schaamt? Kennelijk kan dat alleen wanneer je Frieda Pittoors heet en je regisseur Johan Simons is.

Het is de openingsscène na de pauze uit het boerenepos 'De Leenane trilogie', die de Ierse toneelschrijver Martin MacDonagh in het westelijke Connemare van zijn vaderland situeerde. Samen met Vlaamse acteurs van Het Toneelhuis speelt Zuidelijk Toneel Hollandia het drieluik in de vertaling van Peter Verhelst. Regisseur Simons zegt het boerendrama 'minder expliciet in Ierland te hebben geplaatst' maar liet de toneelvloer wel optasten met pakken Keltische turf, die gaandeweg verscheurd en in de rondte gesmeten een riekend, kamerbreed turftapijt vormen. Drank vloeit veelvuldig, de maagd Maria verschijnt in talloze miniatuurafbeeldingen, iedereen wil weg uit dit door water omsloten oord, een ooit door Ierland gewonnen Songfestivalliedje weerklinkt, de gebroeders dragen rossige pruiken, het meisje dat de dorpelingen van illegaal gestookte drank voorziet -en betaling in natura suggereert- is in vale textuur gekleed volgens de kleuren van de Ierse vlag.

Voor de rest zijn we in een dorp beland waar men dode en levende schedels inslaat, waar afgunst, bijgeloof, achterdocht, leugen, doortrapte biecht en zelfmoord zegevieren. ,,Je kunt hier niet eens een koe slaan zonder dat een of andere idioot twintig jaar niet meer tegen je praat.'' Een dorp dus dat overal ter wereld kan liggen.

Stuk voor stuk zijn de inwoners van Leenane verknipt, en dat zal de toeschouwer weten ook. De achterlijke plattelanders grossieren in scheldwoorden (ik was het turven van de hoeveelheden 'reet', 'rukhond' of 'jankteef' na een kwartier al moe) en spreken daar onverhoeds doorheen klinkende volzinnen met daarin bovendien een bijzin of drie, alsof het hele dorp ooit glansrijk het Dublinse Trinity College doorliep. Als het de bedoeling van vertaler Verhelst is om daarmee vervreemding te bewerkstelligen, is hij daar glorieus mee gestrand. Het is niet koddig, niet vervreemdend, al helemaal niet absurd en hooguit ongerangschikt maf.

Zo vergaat het de personages zelf ook. In hun motorische gestoordheid zijn ze allen zo getikt als een gemankeerde eierwekker. En daar gaat het mis met de geloofwaardigheid van 'De Leenane trilogie'. Het geschreeuw, gemankepoot, lekker-vies-doen-gekloot met pap, biscuitkruimels of toneelbloed, het gewurg en gezwiep met houtbalken, jachtgeweren en dolken is onverdroten vet aangezet.

Bij een boerenklucht hoort stemverheffing en 'krachtig fysiek theater' zegt men dan. Maar je hoort daar nooit achteraan of die aanhoudend kijvende, vechtende, rochelende en spuwende toneelspelers ook boeien. Regisseur Simons wist onmiskenbaar veel energie uit zijn spelers te peuren, zoveel is zeker. Vooral Frieda Pittoors en Wim Opbrouck met in hun schaduw ook Betty Schuurman en Fedja van Huêt halen een regenboog aan stemvoering, motoriek, gestiek en tempoversnelling boven de oppervlakte. Maar ze moesten te veel van hun regisseur; ze zijn vanaf de eerste minuten al karikaturen van zichzelf die gaandeweg nog grotere stukken schreeuwend bordkarton worden.

Ranzig, boertig en moddervet spel vermaakt niet wanneer je dat als repeterende herhaling vier overvolle uren voortmekkert. De plattelandsklucht of rurale tragedie had hooguit een half uur moeten duren. En dan nog.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden