’Pionieren hoort bij mijn leven’

Het is stil geworden rond Lousewies van der Laan. Eind 2006 verliet de D66-leider de Haagse politiek na een hectisch jaar, waarin ze het kabinet-Balkenende II liet vallen en de strijd om het lijsttrekkerschap van D66 verloor. Ze begint aan een nieuwe klus, kabinetschef van de president van het Internationaal Strafhof.

Ze koos in de afgelopen twee jaar bewust voor de publicitaire stilte. Niet om na vier jaar Europees Parlement, bijna vier jaar Tweede Kamer, waarvan de laatste acht maanden als politiek leider, tot rust te komen of te bezinnen. Rust zit niet in het karakter van oud-D66-leider Lousewies van der Laan en ’herbronnen’ na een hectische politieke periode vond ze ook niet nodig.

Ze richtte een bedrijf op dat opdrachtgevers voorziet van strategische adviezen. In opdracht van de VN stelde ze een rapport op over hoe overheden in arme landen rekening kunnen houden met mogelijke schade door natuurrampen en ze was verkiezingswaarnemer in Marokko. En nu wacht haar weer een nieuwe klus, als rechterhand van de president van het Internationaal Strafhof. De Europese en Nederlandse politiek volgt ze nog steeds op de voet en ze adviseert achter de schermen politici die haar om raad vragen.

Maar ze koos voor de stilte om Alexander Pechtold niet voor de voeten te lopen. „Alexander moet ruimte hebben voor zijn eigen lijn. Het geeft geen pas om vanaf de zijlijn te melden hoe het wat mij betreft zou moeten.”

Hoe doet Pechtold het volgens u?

„Hij heeft een herkenbare lijn en die voert hij consequent uit. De peilingen zijn fantastisch. Je ziet dat hij geniet van de vrijheid in de oppositie. En dit is ook een zalig kabinet om oppositie tegen te voeren, zo conservatief, zo weinig wil om zaken echt te veranderen. Echt een kabinet van de stilstand.” Ze is niet bitter, zegt ze, over de strijd om het voorzitterschap die ze in het voorjaar van 2006 nipt verloor. Het verschil was slechts 150 stemmen. „De leden hebben gekozen, dat is democratie.”

Jeuken uw handen niet als u hem daar in de Kamer oppositie ziet voeren?

„Nee, ik heb er zelf ook als fractievoorzitter gestaan. Om in de oppositie herkenbaar in beeld te blijven, in de wetenschap dat je vier jaar buiten spel staat, heb je een speciaal soort energie nodig. In de acht jaar dat ik in het Europees Parlement en Tweede Kamer actief was, ben ik heel erg verwend geweest. In het Europees Parlement zaten mijn fractiegenoot en ik in een spilpositie in de liberale fractie en ook in het parlement zelf ging het vaak om één of twee stemmen. Je kon daar het verschil maken en daarmee iets bereiken. In de Tweede Kamer was het precies zo. We zaten in de coalitie en we konden deals maken met de andere partijen. Voor iemand als ik, die graag iets voor elkaar wil krijgen, zou de oppositie erg wennen zijn geweest. Ik vind het knap van Alexander hoe hij de partij zo goed in beeld weet te houden, in het nieuws en in de debatten, ondanks het feit dat de hele oppositie niets in de melk te brokkelen heeft in de komende jaren.”

De campagne was hard tussen jullie, vooral van uw kant. U noemde hem op een keer ongeloofwaardig.

„Onze strijd is altijd inhoudelijk geweest. Het ging over inhoud en strategie, het is nooit persoonlijk geweest. Maar ik ging er wel volledig voor. Zo ging het ook tussen Obama en Clinton. Ze waren opponenten, maar uiteindelijk zit je bij dezelfde partij. Als er eenmaal is gekozen, is het klaar. Onze verhouding is goed. We drinken bij tijd en wijle een kopje koffie. Heel veel mensen zeggen dat hij is opgebloeid sinds hij in de oppositie zit, ik zie dat ook.”

Nu ze zich heeft teruggetrokken uit de politiek, is haar leven meer tot rust gekozen, vindt ze. Ze heeft meer grip op haar agenda. Ze ziet haar man en zoon Helix op dagelijkse basis. Er is meer regelmaat.

Terug naar 2006. D66-leider Boris Dittrich en fractiegenoot Bart Bakker dreigen met een crisis als het kabinet akkoord gaat met de gevaarlijke militaire missie naar Uruzgan. Maar oppositiepartij PvdA steunt onverwachts het kabinet en coalitiepartner D66 slikt het dreigement. Dittrich neemt de verantwoording op zich en treedt af. Van der Laan volgt hem op. Een paar maanden later stelt ze zich kandidaat voor het lijsttrekkerschap. Begin juni zegt zij namens de D66-fractie het vertrouwen in minister Verdonk op, omdat zij tegen de regels in het Nederlandse paspoort introk van VVD-icoon Ayaan Hirsi Ali. Het kabinet valt. Van der Laan verliest de race om het lijsttrekkerschap en kondigt in de zomer aan niet terug te keren in de Kamer.

2006 was voor u een veelbewogen jaar. Het leek wel alles of niets?

„Het was een achtbaan, maar dat realiseer je je pas als je er niet meer in zit. Het kwam inderdaad razendsnel achter elkaar. Tegelijkertijd geeft het ook een schat aan ervaring. Je leert wel met crises om te gaan. Als ik terugdenk aan die periode heb ik er volledig vrede mee.”

Waar heeft u spijt van?

„Het Uruzgan-debacle is het enige in mijn hele politieke carrière waarvan ik weleens denk: hoe was het afgelopen als ik anders had gehandeld. Uruzgan was een kabinetscrisis waard geweest. Het ging niet over niks, het ging over leven en dood. Het was ontzettend stom van de heren om met een crisis te dreigen en niet door te bijten. Ik vond dat we dat wel hadden moeten doen. Ik heb overwogen uit de fractie te stappen, want het zat me hoog. Maar het ging slecht met D66 en iemand moest puinruimen. Het vervelende is dat wij gelijk gekregen hebben. Het is geen opbouw maar een vechtmissie geworden, met het risico dat dat over tien jaar nog zo is.”

Uruzgan was nog niet voorbij of de volgende crisis diende zich aan. Verdonk vond dat Hirsi Ali gelogen had over haar persoonlijke gegevens en trok haar Nederlandse paspoort in.

„De lessen van Uruzgan heb ik toegepast op de Verdonk/Ayaan-crisis. Verdonk was te ver gegaan, de rechtsstaat was aangetast. We konden het ons niet permitteren om stoer te doen en niet door te bijten. We hadden alle stappen van tevoren doorgenomen, daarom zaten we er rustig in. Een van de opmerkelijkste zaken was dat het CDA hoopte dat wij een motie van wantrouwen zouden indienen. Die motie zou het niet halen, want zij hadden de LPF al gestrikt om door te regeren. Het CDA wilde nog acht maanden doorgaan alsof er niets gebeurd was. Wij vonden, nu de VVD voor Verdonk koos boven het voortbestaan van het kabinet, dat de grondslag onder het kabinet was weggevallen. Er moesten nieuwe verkiezingen komen. Zo is het gelukkig ook gegaan.”

Waarom bent u dan uit de dagelijkse politiek gestapt?

„Het is een vrij simpele analyse: een kleine partij kan geen richtingenstrijd hebben. Je kunt niet twee bekende mensen hebben die allebei iets anders willen. De partij gaat voor. Je ziet dat het werkt, D66 doet het fantastisch in de peilingen.”

Ze vindt dat de VVD een grote fout heeft gemaakt door Verdonk op de tweede plaats van de kandidatenlijst te zetten. „De VVD durfde niet te kiezen, omdat Verdonk veel stemmen opleverde. Ook al hebben ze haar er nu uit gegooid, nog steeds durft de partij niet te kiezen.”

U hebt ooit gezegd: ik ben verliefd op de politiek. Nu verlaat u definitief te politiek. Is de liefde over?

„Voor mij betekent politiek niet een zetel in het parlement, een vertegenwoordigende functie of een ministerschap. Voor mij is politiek iets bijdragen om de wereld te veranderen, een betere, veilige en een groenere wereld. Ook bij het Internationaal Strafhof kan ik mijn idealen kwijt, omdat het bijdraagt aan een betere, veilige wereld.”

Lousewies van der Laan is niet iemand die jarenlang in een functie werkt. In het Europees Parlement zat ze het langst, vier jaar. „Ik vind het leuk om dingen op te zetten, pionieren. Als het eenmaal loopt, doe ik graag iets nieuws. Dat is de rode draad in mijn leven. In Amerika zat ik bij de eerste 100 leerlingen van een nieuwe school, ik heb milieuprojecten opgezet in de voormalige Sovjet-Unie toen niemand dat nog deed. Ik mocht in Brussel in allerlei functies, onder meer als woordvoerder van de vroegere Eurocommissaris Hans van den Broek en als lid van het Europees Parlement, meemaken hoe tien nieuwe landen lid werden van de EU. In de Nederlandse politiek zijn we er als D66 in geslaagd, door te regeren met rechts tijdens Balkenende II, ons te ontdoen van het imago van een bijwagen van de PvdA. En nu ook weer met het Internationaal Strafhof. Dat bestaat zes jaar en de eerste zaak dient 26 januari. Dat is ook iets nieuws en dat past bij mij. Ik ben een positief ingesteld mens dat gelooft in de ’can do-mentaliteit’.”

De Tweede Kamer was een onderbreking van een internationale carrière voor Van der Laan. Ze bracht het grootste deel van haar leven door in het buitenland, in Amerika, Duitsland, België en Italië.

Spreekt de internationale wereld u meer aan?

„Ik vind het inspirerend om met mensen uit verschillende culturen en taalgebieden samen te werken. Ik voel me er ook in thuis. Maar het heeft ook met levensfases te maken. De periode dat ik de helft van mijn tijd in hotels en vliegtuigen doorbracht is voorbij. Ik heb dat een jaar of twaalf gedaan. Een privéleven heb je nauwelijks, maar als je jong bent, ervaar je dat niet zo. Ik heb nu een man en een kind. Je wilt er meer tijd mee doorbrengen, meer van hen genieten. Ons zoontje heeft de eerste twee jaar meer zijn vader dan zijn moeder gezien. Nu is het meer in balans, wij zijn er allebei.”

„Hoe meer je reist hoe meer je Nederland gaat waarderen. Ik denk dat we ons veel te weinig realiseren hoe veilig het hier is, hoe fijn het is als je een politieagent ziet dat je niet hoeft te denken: ik moet een blokje om anders gaat hij me afpersen. Het is een voorrecht hier te wonen. In veel landen zijn vrouwen al blij als hun man hun niet slaat.’’

Dan zegt ze met een grote glimlach: „Ik ga nu in een internationale functie werken in Den Haag, het beste van twee werelden, toch?”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden