Pionier voorzag succes luchtvaart

Welke Nederlanders hebben zo'n grote invloed gehad op de twintigste eeuw, dat na hen de wereld niet meer dezelfde was? Beroemd, berucht of onderschat, wie veroorzaakte een wending in onze levenswijze, markeerde een doorbraak in ons denken? Met het eind van de eeuw in zicht blikt Podium iedere dinsdag terug op invloedrijke landgenoten in de afgelopen honderd jaar.

Een fanatieke luchtvaartpionier of een visionair? Dr. Albert Plesman, oprichter van de KLM, was eigenlijk beide. Tachtig jaar geleden combineerde hij in ieder geval een groot enthousiasme voor nieuwe snufjes in vliegtuigen met de overtuiging dat vliegen big business zou worden. En twintig jaar later waarschuwde hij al dat Schiphol moest verhuizen. Hij kreeg veel voor elkaar, maar dat laatste niet...

De luchtvaart is nog niet eens als echte bedrijfstak ontdekt als de dertigjarige Plesman in 1919 probeert Nederlandse zakenlieden geld te laten steken in een eigen luchtvaartmaatschappij. Het vliegtuig heeft in de Eerste Wereldoorlog een snelle ontwikkeling doorgemaakt en Plesman acht het nu goed genoeg om er vracht en (maximaal twee) passagiers mee te vervoeren in plaats van bommen. Vooral de route Amsterdam-Londen lijkt hem interessant voor postvervoer en zakelijk verkeer.

De potentiële geldschieters zijn kennelijk al enigszins onder de indruk van de jonge luchtvaartpionier. Ze wijzen zijn ideeën in ieder geval niet meteen af. Wel willen de deftige en vermogende heren meer zekerheid over de capaciteiten van de jonge ondernemer. Hij moet zich eerst maar eens bewijzen door een grote luchtvaartexpositie te organiseren.

In de nazomer van 1919 lukt hem dat: de Eerste Luchtvaart Tentoonstelling Amsterdam (Elta) wordt een ongekend succes. Tienduizenden belangstellenden weten de weg naar het terrein aan het IJ te vinden.

Plesman smeedt het ijzer terwijl het heet is. Al een paar weken later, op 7 oktober 1919, kan hij de Koninklijke Luchtvaartmaatschappij voor Nederland en de Koloniën oprichten. Inderdaad, de 'Koninklijke', want in september heeft de regering hem dat predikaat al gegund. De luchtvaart in Nederland mag zich al direct op veel sympathie uit hoge kringen verheugen en dat zal niet in de laatste plaats te danken zijn aan Plesman.

De hele winter besteedt Plesman aan het organiseren van de eerste vlucht. Die vertrekt op 17 mei 1920 uit Londen en een paar uur later arriveert de open De Havilland met aan boord een piloot en twee Engelse journalisten op de drassige grond van de Haarlemmermeer. Anthony Fokker, die inmiddels de gebouwen van de Elta-expositie heeft betrokken om er vliegtuigen te bouwen, zorgt op dezelfde dag voor een extra stunt. Fokker landt op Schiphol met zijn nieuwste model: een toestel voor vier personen, maar vooral - veel comfortabeler - met een gesloten kabine. Plesman is meteen 'om' en zal vijftien jaar lang een goede klant van Fokker blijven. De voortdurende verbeteringen die Fokker doorvoert geven hem en Plesmans KLM een voorsprong op menig concurrent.

Plesman blijft zijn collega-pionier echter niet ten koste van alles trouw. Als begin jaren dertig de Amerikaanse fabrikant Douglas als eerste metalen vliegtuigen kan leveren, is Plesman er snel bij om ook van die vernieuwing te profiteren. De grotere vliegtuigen bieden de ruimte voor een ander nieuwtje: Plesman huurt persoonlijk de eerste drie stewardessen in, ,,vooral om onderweg de angstige passagiers gerust te stellen''.

De verbeteringen doen de KLM gestaag groeien. De maatschappij opent luchtroutes naar Nederlands Indië en vliegt in 1934 voor het eerst van Amsterdam naar de West. Plesman ziet het tevreden maar ook met zorgen aan. Schiphol ligt volgens hem te dicht bij Amsterdam en geluidshinder zal in de toekomst verdere groei belemmeren. In 1938 stelde hij daarom voor de luchthaven iets naar het zuiden te verhuizen, naar een plek halverwege Amsterdam en Rotterdam. Maar die steden wensten elk een eigen luchthaven te houden en mede onder druk van de chauvinistische Amsterdamse bevolking werd Plesmans idee afgewezen. Na de Tweede Wereldoorlog, waarin Schiphol goeddeels was vernield, zag Plesman zijn kans schoon om opnieuw voor die alternatieve plek te pleiten, maar dit keer vond hij Schiphol-directeur Jan Dellaert op zijn weg. Dellaert had een grote nieuwe luchthaven bedacht die een paar kilometer ten westen van het oude Schiphol moest komen. Dat was nog altijd heel dichtbij Amsterdam, maar de startbanen waren zo gepland dat er niet over de stad zou worden gevlogen.

Plesman bleef ervan overtuigd dat ook dit nieuwe Schiphol een groot probleem zou worden, en kreeg daarin gelijk vanaf het moment het huidige Schiphol eind jaren zestig in gebruik werd genomen. Plesman heeft dat echter niet meer meegemaakt. Hij overleed in 1953 op 64-jarige leeftijd, na 34 jaar aan de leiding van de KLM. Bij het bekend worden van zijn dood hield de radio een minuut stilte in acht - een eer die weinigen zal zijn gegund. Plesman liet een KLM na die tot de vooraanstaande luchtvaartmaatschappijen ter wereld werd en nog steeds wordt gerekend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden