Review

Pim en Volkert met een twist

Ik wil het liefst nooit meer iets over Pim Fortuyn lezen, ik ben blij dat de hele business achter de rug is. En ik hou niet van factie, oftewel de vermenging van feiten en fictie. Het stoort me bij het lezen. Telkens denk ik: ,,Jongeman, verzin zelf eens een list'', en ,,Ja, dat zeg je nou wel maar ik weet dat het niet waar is''. Dit gezegd hebbende moet ik concluderen dat Tomas Ross met 'De zesde mei' een boeiende thriller heeft geschreven, die ik met plezier heb uitgelezen, al mijn vooroordelen vergetend. Hij is niet in de fout van Appel vervallen, die de bekende figuren verzonnen maar zeer doorzichtige namen gaf: dat werkt infantiel. Hij vertelt het verhaal van de dood van Pim en wat eraan voorafging zoals het was, maar vanuit een andere gezichthoek en met een twist.

De hoofdpersoon is het meisje Anke, dat vrijkomt na drie jaar in de gevangenis te hebben gezeten voor de overval op een laboratorium waar op apen werd geëxperimenteerd en waarbij een dode viel. Eigenlijk heeft ze onschuldig gezeten: ze heeft geweigerd de namen te noemen van de werkelijke daders, onder wie haar geliefde. Ze wil alleen maar een nieuw leven beginnen, maar daar komt niets van terecht. De BVD heeft een geheimzinnig telefoongesprek afgeluisterd en wil dat zij contact opneemt met haar oude vriend. Uiteindelijk doet ze dat ook, door chantage gedwongen.

En dan blijkt dat ze in een wespennest terecht is gekomen, dat weliswaar Volkert van der Graaf de dodelijke kogels afvuurde, maar dat de moord voorkomen had kunnen worden. Daar nu geloof ik niets van, ik ben wel slecht, maar zo slecht toch niet. Het kan me evenwel niet schelen, want het verhaal klopt van begin tot eind. En dat is het enige dat er toe doet. Bravo, Tomas Ross!

Ik ben een grote fan van Peter de Zwaan, maar ik vind het wel een beetje jammer dat hij in zijn laatste boeken iets van zijn magie laat vallen. Zijn decor was altijd een stad vol vervreemding; aan de ene kant onmiskenbar Nederlands-

provinciaal, maar met exotische foefjes en bizarre vreemde namen voor rare snuiters. Zijn romans worden steeds gewoner en ik wil niet zeggen dat hij niet zonder die buitenissigheden kan, maar ik mis ze toch. 'De Klusjesman' gaat weer over zo'n eenling die zijn draai niet kan vinden en bovendien niet deugt.

Ditmaal is hij wel erg slecht, maar hij heeft zijn trekken thuis gekregen: hij heeft zijn huis laten ontploffen om zijn overspelige vrouw te doden, maar zijn drie kinderen zijn per ongeluk mee de lucht ingegaan. Dat was niet de bedoeling. De journalist Jeff Marckus ziet het niet meer zitten en lijkt een gemakkelijke prooi voor opa, een oude boef, die zijn schoonmakers traint in het openlaten van ramen zodat anderen gemakkelijk naar binnen kunnen. Het lijkt alsof Jeff in de val is gelopen, temeer omdat hij vast is komen te zitten aan de dikke Becca, die opa met recht en reden opa mag noemen. Maar de helden van Peter de Zwaan zijn nooit voor één gat te vangen: ze zien altijd kans aan de voor hen opgezette val te ontglippen. Zo ook hier. Mogen we tenminste aannemen. Vakwerk, maar dat zijn we van De Zwaan gewend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden