Pillenindustrie sleutelt aan imago

De farmaceutische industrie wil een beter imago. Vandaag begint de koepel met een advertentiecampagne over de zegeningen van de pillenindustrie. ’Tijd om de regie weer in eigen hand te nemen’.

Drie grote advertenties vol lange teksten liggen klaar voor plaatsing in enkele kranten. Ze vormen een weerwoord van Nefarma, de koepel van innoverende farmaceutische ondernemingen, op aanhoudende kritiek op de bedrijfstak.

„De farmaceutische industrie is voor Nederland een strategisch bezit waar we zuinig op moeten zijn. Er werken vele duizenden medewerkers die trots zijn op hun werk en trots op wat ze voor patiënten en samenleving betekenen’’, zegt René Peters, interim-directeur van de branche-organisatie.

De 50-jarige arts en jurist, die jaren in directies van ziekenhuizen werkte, volgde negen maanden geleden Cees de Visser op als tijdelijk directeur van Nefarma. De Visser stapte over naar de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk onderzoek, NWO. Op 1 november treedt een nieuwe directeur aan bij Nefarma, Michel Dutrée, nu nog algemeen directeur van Prismant, een dienstverlener in de zorg.

Peters heeft in de afgelopen maanden intensief gewerkt aan een campagne die het geschonden imago van de Nederlandse farmaceutische industrie moet opkrikken. Peters: „Nefarma heeft besloten de regie weer in eigen hand te nemen en het eigen, veel genuanceerder verhaal te vertellen.’’

Was Nefarma de regie kwijt, dan?

Peters: „Nee, we zijn de regie nooit kwijt geweest. Maar we stelden vast dat er in het afgelopen halfjaar heel veel over ons werd gesproken en geschreven: door Kamerlid Agnes Kant van de SP, in het blad van de Consumentenbond en ook in Trouw. Dat blijft als beeld hangen. Er is een beeld geschapen dat geen recht doet aan de branche. Op dat punt proberen we nu de regie weer in handen te krijgen. Er is een onevenwichtig beeld over ons gegeven.’’

Wat is er mis met het imago van de farmaceutische industrie?

„Gezondheidszorg is emotie en farmaceutische bedrijven zijn commerciële ondernemingen, die winst moeten maken. Emotie en winst, dat levert natuurlijk fricties op. Wat mij opvalt is, dat de aandacht altijd is gericht op ons, terwijl er in de gezondheidszorg meer leveranciers actief zijn waarover ook wel iets te zeggen zou zijn.’’

U bedoelt de leveranciers van medische hulpmiddelen?

„Nee, ik wil hier niet zeggen dat het in die branche niet goed zou zitten. Dat is niet aan mij. Maar ik weet wel dat de geneesmiddelbranche in Nederland de strengst gereguleerde bedrijfstak is. Dat hebben andere sectoren in de gezondheidszorg niet. Probleem is: als je eenmaal een slechte naam hebt, mag je ’m houden. Jaren geleden zijn artsen door farmaceutische bedrijven uitgebreid gefêteerd, met dure reisjes, bezoeken aan congressen. Die tijd is allang voorbij. Maar dat imago kleeft nog steeds aan de sector. Er zijn de afgelopen periode te veel, eenzijdige, negatieve publicaties geweest.’’

Nefarma was ook niet zo’n aanwezig in de discussie. Kwam er kritiek vanuit de kring van leden?

„Je mag het kritiek noemen. Maar het is flauw om over mijn voorgangers te praten. Dat doe ik niet. Natuurlijk is er een verlangen vanuit de achterban om weerwoord te bieden. Dat is ook goed voor het moreel van de eigen troepen. Dit is een branche die werk biedt aan 16.000 mensen, een sector die overigens niet bang is voor kritiek. Dat hoort erbij.’’

Is er echt zo veel veranderd, of speelt het gunstbetoon zich tegenwoordig minder aan de oppervlakte af?

„Nee, is er veel veranderd. Het hele probleem zou natuurlijk opgelost zijn als artsen niks meer zouden aannemen. Maar áls er nu nog wat gebeurt dat niet door de beugel kan, dan zijn dat incidenten.’’

De Amerikaanse activist en documentairemaker Michael Moore werkt aan een nieuw project: een aanklacht tegen Big Pharma in de VS. De film komt volgend jaar uit. Maakt Nefarma zich daar zorgen over?

„Wat er in de VS gebeurt kan niet zonder meer van toepassing worden verklaard op de Nederlandse situatie. Onze zorg is dat de maatschappelijke waardering voor de innovatieve geneesmiddelenindustrie in Nederland onverdiend laag is. Voor een deel is dat het gevolg van onderbuikgevoelens: fabrikanten van geneesmiddelen verdienen aan wenselijk leed. Dat doen wel meer partijen in de gezondheidszorg. We verdienen allemaal onze boterham aan ziekte en leed. Er zijn in het verleden dingen verkeerd gegaan.’’

Tijd om de Nederlander te informeren over het potentieel van de branche?

„Ja, wij willen duidelijk maken dat onze middelen niet alleen geld kosten, maar ook geld opleveren. Medicijnen zorgen voor minder ziekte, voor een betere kwaliteit van leven. Een paar jaar geleden belandde iemand met reuma nog vaak in een rolstoel, nu niet meer. Door nieuwe medicijnen zijn de overlevingskansen van mensen met een hartaanval enorm vergroot. Nieuwe medicijnen zorgen voor minder onderzoeken en minder en kortere ziekenhuisopnamen. Dat kunnen we met cijfers hard maken. We leven bovendien in een land waarin het voorschrijfgedrag zo gematigd is dat we de laagste medicijnrekening van Europa hebben. Bovendien vormen de uitgaven voor geneesmiddelen maar 10,3 procent van de totale zorguitgaven. Je kunt je afvragen wat nou eigenlijk het probleem is.’’

Nefarma is bezorgd over de stagnatie in het klinisch onderzoek naar nieuwe geneesmiddelen in Nederland. Hoe komt het dat die groei er uit is?

„Medisch onderzoek is Nederland is duur. De procedures om onderzoek goedgekeurd te krijgen duren erg lang. Azië en India en nu ook de Oost-Europese landen zijn enorm in opkomst, omdat de kosten daar veel lager zijn en de procedures sneller verlopen. Nederland was altijd populair voor klinisch onderzoek omdat we over hoogwaardige, specialistische kennis beschikken. We moeten gaan oppassen dat we door onze ingewikkelde regels en procedures de slag niet gaan verliezen.’’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden