Opinie

Piketty onderschat de samenleving

De tv-serie 'Downton Abbey' geeft een fraai beeld van de belle époque. Beeld ap

RAYMOND GRADUS   Een internationale belasting op kapitaal komt er toch niet. Laat consumenten daarom hun macht gebruiken om ongelijkheid aan te pakken, bepleit econoom Raymond Gradus.

Met 'Capital in the Twenty-First Century' heeft de Fransman Thomas Piketty ongelijkheid weer op de politieke agenda gezet. Zijn conclusie is dat het kapitalisme leidt tot een steeds verder oplopende vermogensongelijkheid die alleen via een progressieve kapitaalbelasting gecorrigeerd kan worden.

Piketty verdient waardering voor de onderbouwing van zijn stelling met gegevens. Op basis daarvan doemt het volgende beeld op. Voor de Eerste Wereldoorlog was de verdeling van vooral vermogen zeer ongelijk. Zo bezat de rijkste 1 procent in Engeland en Frankrijk respectievelijk 70 en 60 procent van het totale vermogen. Ook laat Piketty zien dat in de periode 1870-1914 (de belle époque) de ongelijkheid het grootst was. Het is de tijd die treffend wordt verfilmd in de Engelse televisieserie 'Downton Abbey'.

Vanaf de Eerste Wereldoorlog neemt de ongelijkheid af om vervolgens vanaf de jaren zeventig weer te stijgen. Overigens is het niveau van ongelijkheid voor Europa nog wel aanzienlijk lager dan tijdens de belle époque.

Het venijn zit hem vooral in de toekomst. Piketty verwacht dat de komende jaren de vermogens harder zullen groeien dan het inkomen, waardoor de vermogensongelijkheid fors zal toenemen. Hij heeft berekend dat we in deze eeuw het ongelijkheidsniveau van de belle époque zullen overstijgen. Hij ziet als enige oplossing om dit te corrigeren een (indien mogelijk internationaal ingevoerde) progressieve belasting op kapitaal.

Corrigerende instituties
In een reactie hebben de economen Daron Acemoglu en James Robinson laten zien dat dit doemscenario van Piketty niet voor de hand ligt. Zij wijzen daarvoor met name naar de geschiedenis. Zo voeren zij de doemscenario's van Marx, Ricardo en Malthus op en laten zien dat er in het verleden steeds weer corrigerende instituties zijn geweest, zoals een sterke civil society, waardoor deze doemscenario's niet opgaan. Zij vinden Piketty's benadering dan ook te mechanisch en te weinig institutioneel.

Piketty's boek bevat geen gegevens voor Nederland. Een recente verkenning van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) vult deze leemte op en trekt min of meer dezelfde verontrustende conclusies.

Van belang is vooral het hoofdstuk over vermogens. Daaruit blijkt een in internationaal perspectief hoge ongelijkheid. De WRR stelt ook maatregelen voor die daarop ingrijpen, zoals een verhoging van de vermogens- en erfbelasting, een begrenzing van concentratie van de economische macht over de media, en verdere begrenzing van de partijfinanciering.

De WRR redeneert daarbij wel erg vanuit de tweedeling markt-overheid. Het benadrukken van de eigen verantwoordelijkheid van politieke organisaties en de media is veel waardevoller dan gedetailleerde regelgeving.

Ook is er kritiek op de wijze waarop de WRR de vermogensongelijkheid berekent. Net als Piketty scheert de WRR alle soorten kapitaal over één kam en miskent daarmee de productieve aanwending. Bovendien laten beide het pensioenvermogen buiten beschouwing. Als daarvoor gecorrigeerd wordt, is de vermogensongelijkheid in Nederland aanzienlijk kleiner.

Gemiste kans
In Piketty's magnum opus zijn aanknopingspunten te vinden om meer vanuit de samenleving te denken. Zo laat Piketty zien dat er aanzienlijke schaalvoordelen zijn te behalen bij het beleggen van vermogens. Individuen en kleinere organisaties beschikken vaak niet over de noodzakelijke kennis om een verantwoorde vermogenskeuze te kunnen maken. Dit pleit voor het Nederlandse pensioenstelsel met een verplichte aansluiting bij het bedrijfstakpensioenfonds om daarmee een voldoende schaalgrootte te creëren.

Ook de door Piketty met cijfers gelardeerde discussie over topinkomens zou ons aan het denken moeten zetten. Een al te scheve verhouding tussen top- en modaal inkomen kan een destabiliserende werking hebben. Het is een gemiste kans dat Piketty en ook de WRR niet veel meer vertrouwen hebben in de kracht van de samenleving zelf. ING, Ikea en andere multinationals hebben te maken gehad met een publicitaire druk tot matiging van topinkomens en bonussen. Een twijfelachtige eer.

Ook het voorstel van een staatsbank om de inkomens van de top-100 met 20 procent te verhogen spreekt boekdelen. Opmerkelijk was het dat het echelon met veel klantcontacten in opstand kwam. De drempel voor gerichte consumentenacties wordt steeds lager en daarop inspelen is in mijn ogen vele malen effectiever dan een internationaal gecoördineerde progressieve belasting op kapitaal, die er bovendien waarschijnlijk niet zal komen, in ieder geval voorlopig niet.

Gebaseerd op een artikel voor Christen Democratische Verkenningen

Raymond Gradus: Directeur Wetenschappelijk Instituut voor het CDA

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden