Pijnlijke erkenning voor militairen Dutchbat

door George Marlet

De medaille voor Dutchbat-III heeft een pijnlijke keerzijde: overlevenden en nabestaanden van ’Srebrenica’ voelen zich er extra door in de kou gezet.

Minister van defensie Henk Kamp is er de man niet naar om loze beloftes te doen. Vorige zomer, tijdens de presentatie van het boek ’Herinneringen aan Srebrenica’, beloofde hij de honderd aanwezige Dutchbat-veteranen om na te denken over een aparte onderscheiding. De Dutchbat-militairen zijn „in een rotzooi terechtgekomen waarin ze niet konden slagen”, zei Kamp. „Ze hebben het heel erg zwaar gehad. Thuisgekomen kregen ze in plaats van begrip en waardering, verwijten over zich heen”, zei Kamp destijds.

Anderhalf jaar later kan hij dat beeld rechtzetten. Op 4 december zal minister Kamp op de Johan Willem Friso-kazerne in Assen het ’Draaginsigne Dutchbat III’ uitreiken aan honderden (oud-)militairen die aan de VN-missie in Srebrenica hebben meegedaan. Zo’n aparte onderscheiding is uitzonderlijk en roept heftige reacties en vragen op.

Nabestaanden en overlevenden van de massamoord in Srebrenica noemen het toekennen van de onderscheiding ’krankzinnig en onbegrijpelijk’. Nederland heeft voor hun gevoel ook na juli 1995 nauwelijks een vinger naar Srebrenica uitgestoken, weigert elke aansprakelijkheid en gaat dan wel militairen decoreren die in elk geval niet hebben voorkómen dat tussen de zeven- en achtduizend jongens en mannen zijn vermoord.

Dutchbat-III had in juli 1995 de taak om de moslimenclave Srebrenica te beschermen tegen het Bosnisch-Servische leger. Dat mislukte. Na een heldenontvangst bij terugkeer sloeg de publieke opinie snel om in het nadeel van de Dutchbat-militairen en met name van commandant Karremans. Het bataljon zou te weinig hebben gedaan om de massamoord te voorkomen.

Pas na een onderzoek door het Nederlands instituut voor oorlogsdocumentatie (Niod) en een parlementaire enquête kwam in 2002 een einde aan de beschuldigingen. De conclusie was helder: „De militairen van Dutchbat zijn niet verantwoordelijk voor wat daar is gebeurd. Zij hebben onder bijzonder moeilijke omstandigheden met grote inzet hun werk gedaan”, zoals minister-president Kok het verwoordde.

Voor die inzet hebben de achthonderd militairen destijds al een medaille gekregen, de VN-herinneringsmedaille voor vredesoperaties. Het nieuwe draaginsigne is ook bedoeld als erkenning van het ’gedurende langere tijd in een negatief daglicht zijn gesteld’. Die motivering kan voor individuele Dutchbat-militairen kloppen, maar komt op overlevenden en nabestaanden buitengewoon wrang over. Zij hebben hun vaders, zoons en mannen verloren en voelen zich door Nederland in de steek gelaten. De onderscheiding wrijft dat er nog eens extra diep in: eigen mensen krijgen wel erkenning, terwijl de slachtoffers vergeefs om compensatie vragen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden