Pieter Jongeling, boegbeeld van het vrijgemaakte leven

Ondanks zijn rechtlijnigheid was de GPV’er Pieter Jongeling bijzonder populair. ’Mensen dachten: wat schattig dat er nog zo iemand bestáát’.

Aan sympathie voor Pieter Jongeling (1909-1985) heeft het nooit ontbroken. Hij verbeeldt de opbouw van de vrijgemaakt gereformeerde zuil na de Tweede Wereldoorlog in de politiek, de journalistiek en de kinderliteratuur.

Een conferentie gisteren in Kampen ter ere van zijn honderdste geboortedag was al tijden uitverkocht. Alsof Jongelings leven en werken nog dezelfde zeggingskracht hebben als toen hij als Piet Prins de boekenreeks Snuf de Hond schreef, soms zelfs in de Tweede Kamerbankjes op het kopijpapier van het Gereformeerd Gezinsblad en Nederlands Dagblad, waaraan hij tevens leiding gaf.

Is Jongeling nog steeds de maatstaf van strikte gereformeerdheid in de jaren zestig en zeventig? „Er is een behoefte aan interpretatie”, zegt organisator George Harinck, directeur van het Archief- en Documentatiecentrum van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt). „De populariteit vraagt om historische duiding voor veel vrijgemaakten. Wat is ons overkomen dat we zo zijn veranderd?”

Met zijn Gereformeerd Politiek Verbond (GPV) debuteerde Jongeling in 1963 als lijsttrekker in de Tweede Kamer. Zijn nationaal-gereformeerde politiek, aangezet met Oranjeliefde, maakte hem een nieuwe representant van antirevolutionaire politiek op een moment dat binnen de Anti-Revolutionaire Partij (ARP) een radicale ideologische koerswijziging in de lucht hing. Jongeling hield vast aan politiek op basis van de gereformeerde geloofsbelijdenis, zoals deze luidde sinds de Vrijmaking van 1944, het schisma met de Gereformeerde Kerken in Nederland.

Zijn authentieke rechtlijnigheid en zijn tegelijk bescheiden optreden in de politiek maakten Jongeling ook buiten eigen kring populair. Collega-kinderboekenschrijver Godfried Bomans bracht hem in 1971 met een interview onder de aandacht van een groot televisiepubliek. Harinck stelt dat deze nationale populariteit ook een andere zijde heeft. „Kijkers dachten: wat schattig dat er nog zo iemand bestáát”, zegt hij. „Ik denk dat deze nationale sympathie voor Jongeling sterk ironisch is geweest en dat weinig mensen bewondering hadden voor hem en zijn politiek.”

Een verloren gewaande aflevering uit de documentairereeks Contrast van de AVRO in 1965 toont Jongeling met zijn onbevangen opvattingen over politieke kwesties en de rol van het geloof in zijn leven. Hij was voor een milde vorm van theocratie en voor de wijze waarop in Zuid-Afrika een invulling werd gegeven aan het apartheidsregime. Verder stond voor hem het protestants-christelijke karakter van de natie voorop.

Historicus Ewout Klei riep een heel ander beeld op van Jongelings partij. Rond 1967 sloop militair taalgebruik het GPV binnen. Bij een GPV-toogdag sprak partijsecretaris Bart Verbrugh over het inspecteren van de nationaal-gereformeerde troepen. Het bijna fascistische beeld dat destijds werd ervaren, verstoorde een warme herinnering aan Jongeling, net als de standpunten ten aanzien van apartheid hadden gedaan.

Op de conferentie presenteerde Herman Veenhof de biografie ’Zonder twijfel. Pieter Jongeling (1909-1985) journalist, politicus en Prins’. De journalist bij het Nederlands Dagblad hoopt hiermee een aanzet te geven tot herbezinning op Jongeling.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden