Pieta vertelt Pompes levensverhaal

Leon van Liebergen, directeur van het museum van religieuze kunst te Uden, beschrijft in drie afleveringen zijn favoriete objecten. Afl. 3.

Walter Pompe werd in 1703 in Lith, het dorp aan de rivier, geboren. Zijn aanleg voor de beeldhouwkunst viel vroeg op en zijn eerste biograaf merkt daarover op: 'wird Pompe uyt den geest tot sculptuur jonk gedreven. En zonder meester wist konstwerk int licht te geven'. Dat zonder meester zou spoedig veranderen. Hij vertrok naar Antwerpen om daar in de leer te gaan bij de vermaarde beeldhouwer Michiel van der Voort. Eerst als leerling, later als assistent. Uit deze vroege leerperiode dateert dit beeldje, voorstellende Maria met het lichaam van haar gestorven Zoon in de schoot. Het is de periode dat de jonge Pompe in Antwerpen en omgeving de produkten van zijn grote voorgangers moet bestuderen, leert tekenen en op schaal mag kopiëren. Voor dit beeldje heeft hij vooral gekeken naar het werk van Colijn de Nole en meer speciaal nog naar een verloren gegaan albasten beeld in de Houtbrekerskapel van de Antwerpse kathedraal. Hij heeft er schetsen van gemaakt, waarvan er enkele bewaard worden in Uden, andere in Antwerpen. Daarnaast boetseerde hij een prachtig terracotta beeldje met dit onderwerp dat nu in het bezit is van het Museum Vleeshuis. Zij waren allemaal op de tentoonstelling over het werk van Pompe in 1977 in ons museum te zien. Behalve dit beeldje, niet hoger dan 12,2 cm, en een getekende voorstudie ervan. Zij waren toen nog onbekend. Zij waren in het bezit van een weduwe wier voorouders nog gewerkt hadden in het atelier van Walter Pompe. Immers, Pompe zou zich na zijn leertijd bij Van der Voort in 1730 als zelfstandig meester in Antwerpen vestigen en zich ontwikkelen tot een van de belangrijkste beeldhouwers van zijn tijd. Zijn werk was zeer gewild en al spoedig had hij een eigen atelier compleet met leerlingen en assistenten. Hij werd vooral populair om zijn kleine beeldjes, kundig gesneden uit ivoor of palmhout.

In dit groepje ligt het levensverhaal van Pompe besloten. Zijn gang naar de seignorenstad, zijn studietijd en zijn groeien naar het meesterschap. Zijn stijl, zijn verfijnde techniek en de voorliefde voor zijn onderwerpen zijn al te herkennen. Hij heeft veel religieus werk vervaardigd, pompeuze altaaropstanden, rijke preekstoelen, talrijke beelden van heiligen, maar ook veel profaan werk op kleine schaal, even subtiel als scherp gesneden en met een goed oog voor het anatomisch detail. Een te lang vergeten meester in de schaduw van zijn grote voorgangers in de zeventiende eeuw. Nu glorieert hij al zwakjes als het Antwerpse antwoord op de rococo, waarbij vooral zijn kinderfiguurtjes en zijn putti in het oog springen. Als geen ander wist hij hun onschuldige openheid te vangen, hun bolle kopjes te vormen. En daarom mag dit engeltje met zijn treurgebaar hier figureren. Pompe heeft het toegevoegd, het drama met zijn ontwapenende voorkeur verrijkt. En die spijker is van later.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden