Pierre Mathieu wil volgend jaar titel nummer tien

Vandaag strijden de volleybalsters van VVC en Volco om de nationale beker. VVC-coach Appie Krijnsen hoopt dat zijn ploeg wint en eerlijk gezegd hoopt Volco-coach Pierre Mathieu dat ook. Volgens hem is Volco, dat in de opbouwfase zit, niet gebaat bij een Europees bekeravontuur. “Zeg nou zelf, wij zijn toch geen echte bekerwinnaars? Het zou het mooist zijn als AMVJ de landstitel wint en VVC de beker. Dan spelen wij Europa Cup III en dat komt goed uit, want zo had ik het gepland.”

Tussen de verhalen door houdt hij met regelmatige tussenpozen stil bij de negen landstitels, die hij in elf jaar tijd met verschillende Nederlandse en Belgische mannenteams behaalde. Het leek waarachtig wel alsof elke club die met Mathieu in zee ging, per definitie landskampioen werd. En meestal nog bekerwinnaar ook. Eén keer stond hij met Starlift zelfs in een Europa Cup-finale. Die helaas verloren ging. “En zilver telt niet mee. Maar het is wel het hoogste dat een Nederlands clubteam ooit heeft bereikt.”

Vanwege een ernstige rugblessure moest Mathieu het trainen van volleybalteams opgeven. Tijdelijk, naar later bleek. Er werd zo aan hem getrokken en op hem ingepraat, dat hij terugkwam. Onopvallend, als manager bij de vrouwen van Jong Oranje. “En dat terwijl ik altijd alleen maar met mannenploegen te maken had gehad. Vrouwen, daar had ik nooit aan gedacht. Die lopen twintig jaar achter, zei ik altijd.”

Drie jaar geleden contracteerde de Oldenzaalse club Pollux hem als hoofdtrainer voor het eerste vrouwenteam. “Voor mij was het een hele stap om vrouwen te gaan trainen. Ik heb het toch gedaan, omdat Pollux mij een club leek met visie.” De gedreven trainer diende een vijfjarenplan in bij het clubbestuur en stelde een ploeg samen met jonge speelsters. Het eerste en tweede jaar liep alles naar wens of, om in Mathieu's terminologie te blijven: “zoals ìk het zei.” In het derde jaar was het de bedoeling dat er flink geïnvesteerd zou worden in een sterspeelster naar zijn keuze. “Maar dat wilden ze niet”, zegt hij. “Terwijl we vooraf duidelijk hadden afgesproken dat de stijgende lijn zou worden voortgezet. Van enige visie was ineens geen sprake meer. Keuterboertjes zijn het, die de kop niet hoger durven uit te steken dan het gras lang is.”

Mathieu is iemand, die niet gediend is van compromissen. Als hij een plan maakt, dan dient dat gerealiseerd te worden in de volgorde en het tempo zoals hem dat voor ogen staat. Als dat om de een of andere reden niet kan, hoeft het voor hem niet meer. En dus hield hij het bij Pollux voor gezien.

Nou wilde het toeval, dat er veertig kilometer verderop in Ommen een vacature was voor een ambitieuze coach. Na een treurig jaar zonder sponsor was de eredivisieclub Volco er eindelijk in geslaagd een nieuwe geldschieter te vinden. En wat voor één! Dank zij de genereuze bijdrage van Dick de Lange kon het eerste vrouwenteam zowaar een eersteklas trainer aantrekken. Iemand als Pierre Mathieu, bijvoorbeeld. “Ik had gehoord dat Ommen geld had en opnieuw wilde beginnen, maar ik dacht: voor mij hoeft het niet, ik ga lekker terug naar de mannen. Het enige wat me dwars zat was dat ik Elles Leferink en Anouk Suythof had beloofd dat ik ze naar de top zou begeleiden. We hadden afgesproken dat we elkaar niet in de steek zouden laten.”

Twinkeling

Mathieu's twijfels verdwenen op het moment dat hij kennis maakte met de hoofdsponsor. “Ik gaf meneer De Lange een hand, keek hem in de ogen en zag daarin zo'n zelfde twinkeling als ik jaren eerder had gezien bij Dé Stoop, die Starlift opkocht en vastbesloten was daar een topclub van te maken. Meneer De Lange zei vier regels, vier volzinnen waren het, en dat was voldoende voor mij om te zeggen: ik doe het! Al liet ik hem voor alle zekerheid wel weten dat ìk de dienst uitmaak, dat niemand zich met het technische gedeelte mag bemoeien en dat ik elk jaar een financiële injectie nodig heb.”

En zo tekende Mathieu een tweejarig contract bij Volco, met een optie voor nog een jaar. Hij nam zijn sterspeelsters Leferink en Suythof mee, ging op zoek naar nog wat toppers, maar had de pech dat bijna iedereen al onderdak was. “We hebben Marjolein de Jong, Kirsten Gleis, Cyntha Boersma en Erna Brinkman benaderd. Allemaal voor niks. We moesten buitenlanders halen, er zat niets anders op. Want zonder goede speelsters had ik er geen zin in. Ik wilde niet meer voor des keizers baard werken.”

Uiteindelijk stelde hij zich tevreden met Aafke Hament van VC Schwerte en Jettie Fokkens van Olympus. Uit Rusland arriveerde Natalia Novikova en uit China Xu Xin. Onder Mathieu's bezielende leiding haalde Volco in de eredivisie een derde plaats en in het bekertoernooi een finaleplaats. “Dit seizoen hebben we ons doel bereikt”, zegt Mathieu voldaan. Volgend jaar wil hij een gooi doen naar de landstitel, het jaar daarop moet die titel een feit zijn. “Volgend jaar mogen we er komen, maar het derde jaar moeten we er komen. Vandaar dat we Elles Leferink voor de komende twee jaar hebben vastgelegd. Ik heb trouwens nog drie Nederlandse speelsters op het oog. Als ik die krijg, worden wij vast en zeker landskampioen.”

De weg is uitgestippeld en hoeft alleen nog maar bewandeld te worden. Mathieu weet precies wat hij nodig heeft om de top te bereiken. “De ranking is gelijk aan de geldbuidel. Het aantrekken van sterspeelsters is een geldkwestie. De sponsor moet gaan rammelen en dan kies ik de speelsters met wie ik kampioen kan worden. Voor 400 000 gulden heb je een kampioen in huis. Al is geld natuurlijk niet het enige. Toppers komen ook af op clubs die een goede ploeg en een goede structuur hebben. Denk maar niet dat Kluivert ooit naar FC Utrecht zou gaan, hoeveel geld hij er ook zou kunnen verdienen. Wat dat betreft zitten wij goed, want Volco is de best gestructureerde club van Nederland.”

Intimidatie

Mathieu staat bekend als een coach die geen middel zal schuwen om zijn doel te bereiken. Intimidatie, psychologische oorlogvoering, alles wat bij kan dragen aan de overwinning is geoorloofd. “Het zijn vaak kleine dingetjes, waarmee je de mentale druk kunt opvoeren. Al moet ik er wel bij zeggen dat ze maar één keer werken.” Kan hij daar een voorbeeld van geven? Mathieu schiet in de lach: als het moet kan hij er wel honderd geven. Neem nou die keer dat zijn club Brussel tegen Red Star Leuven moest spelen. In de voorbereiding op de wedstrijd hanteerde Mathieu een merkwaardig ritueel. “Zodra ik floot vormden mijn spelers een kring, stampten met hun voet op de grond en dan riep ik: 'Red Star . . .', en zij: 'LEUVEN!!!' Daar werden ze zo agressief van, dat ze op het idee kwamen om heel ruig gekleed naar de wedstrijd te gaan. Ze lieten hun baard staan, trokken spijkerpakken en leren jacks aan en zetten zonnebrillen op. Op de wedstrijddag zelf waren ze zo opgefokt, dat de tweede scheidsrechte mij vroeg of ik mijn jongens wel in bedwang had. Als beesten gingen ze te keer, ik heb een tegenstander nog nooit zo zien afdruipen. Zelfs het publiek was na twee sets doodstil.”

Van recenter datum herinnert hij zich een wedstrijd tegen VVC, in de tijd dat Heleen Crielaard er nog het spel verdeelde. Crielaard, zelf ook bepaald geen doetje als het op intimideren aankwam, beschuldigde Elles Leferink er ten onrechte van dat ze een bal had getoucheerd. De naïeve Leferink was zo met stomheid geslagen, dat ze geen woord kon uitbrengen. “Dat heeft Crielaard geweten”, lacht Mathieu. “Bij elke bal die ze daarna aanraakte, riep ik haar vanaf mijn bank toe: 'Vergane glorie, vergane glorie moet ermee stoppen!”

Dat soort praktijken is geoorloofd, beweert Mathieu. “Ploegen moeten uitstraling hebben, waarmee ze de tegenpartij moeten intimideren.” Met mannen lukt dat overigens beter dan met vrouwen. “Er is een hééééééél groot verschil tussen mannenteams en vrouwenteams”, zegt Mathieu grinnikend. “Vrouwen zijn heel moeilijk te coachen. Ze onthouden kleine geschilpuntjes veel te lang. Ze zeggen altijd dat ze hard willen worden aangepakt, maar in de praktijk blijkt dat juist niet zo te zijn. Bovendien zijn ze strategisch onontwikkeld. De grootste winst die trainers met vrouwen kunnen maken ligt op het gebied van strategisch inzicht.” Gaat hij zich daarop richten? Met een veelbetekenend lachje: “Dat ga ik proberen te doen.”

In het dagelijks leven is Mathieu leraar aan het Spectrum college in Breda. Gymleraar zeker? “Nee, ik ben betonstaalconstructeur. Zeg maar weg- en waterbouw, dat begrijpen de mensen beter.” Zijn beroepsmatige bezigheden botsen nogal eens met zijn volleybalaspiraties. Want behalve het vrouwenteam van Volco is (of liever gezegd: was) hij ook bondscoach van het mannenteam van Jong Oranje. Die laatste functie heeft hij onlangs opgezegd, omdat school en Jong Oranje niet langer te combineren waren. “Met zacht dwingende hand heeft de schoolleiding mij te kennen gegeven dat ik moet kiezen”, glimlacht Mathieu.

Zijn enige hoop is dat er ooit ergens zoveel geld vandaan komt, van sponsors of van de overheid, dat hij vrijgekocht kan worden. “In Nederland hebben we op clubniveau geen profspeelsters en proftrainers. Je moet altijd kiezen voor de maatschappij of voor de sport. Maar als de hoofdsponsor van Volco wil dat wij over twee jaar in de Europa Cup-finale spelen, dan moet het financiële plaatje er wel anders uit gaan zien. Dan zal hij geld bij moeten leggen.”

“Als ik me fulltime bezig kan houden met volleybal, krijgen ze in Ommen een topclub op Europees niveau”, voorspelt Mathieu zelfverzekerd. Het is een zelfbewustzijn, dat hij de afgelopen 25 jaar dank zij vallen, opstaan en een tomeloze ambitie heeft ontwikkeld. “Als volleyballer ben ik nooit verder gekomen dan tweede klasse en gymleraar ben ik ook al niet. Ik ben een door de bond gemaakte trainer, die met hard werken al zijn licenties heeft gehaald. Daarom ben ik zo ambitieus en denk ik veel meer over de dingen na dan de meeste andere trainers. Dertien jaar geleden was ik haantje de voorste met krachttraining en tien jaar geleden was ik een van de eersten die een computercursus ging volgen. Er wordt weleens gezegd: Mathieu heeft geluk gehad. Maar je maakt mij niet wijs dat het een kwestie van geluk is, als je negen keer landskampioen wordt. Met vier verschillende ploegen nog wel.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden