Peuterschoenen

De elektronische media winnen terrein. Het gebruik van Internet, CD-ROM en CD-i wordt binnenkort net zo gewoon als het opslaan van kranten, catalogi, tijdschriften en folders of het aanzetten van cultuurprogramma's op tv. In de kunstwereld wordt het aanbod met de dag groter. Kunst leent zich bij uitstek voor dit soort media, met haar rijk geschakeerde aanbod aan plaatjes en geluid. De komende weken surft Trouw in 'Kunst DIGITAAL' langs de elektronische kunstgebieden. Vandaag aflevering 1: Internet.

Op de pagina's van het World Wide Web - zoals het meest gebruikte systeem op Internet heet - doen plaatjes het bijzonder goed. En dus zijn de schilderijen van Vermeer, de collectie-stukken van het Louvre, de bouwwerken van Alvar Aalto en duizenden andere kunstwerken op het net te bewonderen. Het vergt alleen enig geduld voordat de afbeeldingen op het beeldscherm verschijnen. Door technische beperkingen zijn de wachttijden soms tergend lang. Een oplossing voor dit wachtprobleem is echter in zicht, als de experimenten met het gebruiken van het kabelnet in plaats van het telefoonnet voor het doorseinen van de informatie vruchten afwerpen.

Voorlopig is Internet nog vooral interessant als informatiebron over culturele evenementen in binnen- en buitenland. De wereld ligt letterlijk aan je voeten. Binnenkort een tripje naar Los Angeles? Op Internet staat wat er de komende maanden te beleven is in de metropool van glitter en glamour. Via ingenieuze zoekmethodes zijn complete overzichten van musea, galeries, theaters en concertzalen in Los Angeles op te vragen. De voorpret kan niet groter zijn.

In de Verenigde Staten bestaat het zoeksysteem 'Artdirect' (adres http://sigmar.artdirect.com/home.html), dat een overzicht geeft van het kunstaanbod in diverse grote steden in de VS. De elektronische culturele agenda's van New York, Boston, Los Angeles, San Francisco, Washington, San Diego en Sacramento zijn hierdoor met een druk op de knop op te vragen. Op de lijsten staan zowel instituten die een eigen 'website' hebben en daarop informatie geven over het instituut en de lopende en komende activiteiten, als instituten die zich beperken tot de meest basale informatie: openingstijden, lokatie en korte karakteristiek van het programma of de collectie.

Als vraagbaak is Artdirect voor de Verenigde Staten een zeer waardevolle informatiebron. Een weekendje New York kan zorgvuldig gepland worden. Wanneer zijn de interessante tentoonstellingen? Wie treedt wanneer op? Op welke dagen zijn welke festivals? Internet geeft antwoord. Nooit meer kun je zeggen: 'Had ik dat geweten, dan was ik een weekend eerder gegaan'.

Voor andere bestemmingen dan de grote steden in de Verenigde Staten is 'Yahoo' (http://www.yahoo.com/) dé plek om te zoeken. Van werkelijk iedere kunstuiting of -discipline heeft Yahoo overzichten. Een dansgezelschap in Australië? Een museum in Jeruzalem? Een theaterfestival in Zuid-Afrika? Het staat allemaal op het net.

Nu ja, allemaal... Internet staat wat internationaal aanbod betreft nog in de kinderschoenen. Pas de laatste paar jaar is het zeer populair geworden. Daarvoor werd het info-netwerk vrijwel alleen gebruikt door universiteiten en wetenschappers. In de Verenigde Staten sloeg het systeem voor het eerst bij een groter publiek aan en in dit land is het aanbod van culturele instellingen dan ook het grootst. Wat de rest van de wereld betreft is het aanbod hap-snap. Grote theatergroepen, opera-gezelschappen, galeries of musea ontbreken soms, terwijl kleinere instituten - die flink aan de weg timmeren - weer wel te vinden zijn. Helemaal compleet is het dus bepaald niet, maar de populariteit van Internet groeit zo snel, dat te verwachten valt dat binnen een jaar of vijf het aanbod veel representiever zal zijn.

In Nederland was het Nederlandse Bureau voor Toerisme (http://www.nbt.nl/) er al vroeg bij om een lijst met alle musea in het land - tot de kleinste aan toe - op het net te zetten. Ook in buitenlandse zoeksystemen wordt naar dit overzicht verwezen, wat een interessante promotie-kans voor veel musea biedt. Het Teylers Museum heeft dit ook ingezien en is in februari van dit jaar met een eigen 'website' begonnen. Eigenlijk hebben ze niet meer dan de museumfolder op het net gezet, maar het begin is er. In de eerste maanden 'lazen' zo'n 1200 mensen per maand de pagina, tegenwoordig zijn het er ongeveer 1000. De interesse komt uit de hele wereld. Van geëmigreerde Nederlanders bijvoorbeeld, die een snufje nostalgie willen opsnuiven. Het museum krijgt behoorlijk wat respons op de 'website' in de vorm van vragen die via het elektronische postbussen-systeem aan het Teylers worden gesteld.

Maar weinig kunstinstituten in Nederland hebben zoals het Teylers Museum een eigen 'website'. Wel zijn verschillende van hen door middel van de diverse digitale steden met het web verbonden. Daar zitten ze echter zo verscholen, dat ze voor de buitenlandse 'websurfer' vrijwel niet te vinden zijn.

Digitale steden en regio's zijn er onder meer in Amsterdam, Utrecht, Den Haag, Eindhoven, Amersfoort, Delft, Leiden, Friesland, Limburg en Twente. Hun cultuuraanbod is wisselend. De Digitale Regio Utrecht (http://dru.knoware.nl/) biedt bijvoorbeeld slechts informatie over het Nederlands Filmfestival (inmiddels afgelopen), het Centraal Museum (informatie van een maand of twee terug die momenteel niet wordt bijgewerkt), informatie over een festival in jongerencentrum Ekko. Daarnaast zijn er een paar elektronische exposities en muziekvoorstellingen in de stad te bewonderen.

De Digitale Stad Eindhoven (http://www.dse.nl/) is veel uitgebreider. Verschillende Eindhovense kunstinstellingen geven actuele informatie over hun programma's, zoals de Stadsschouwburg, die complete tekstpagina's met kleurenillustraties levert.

Internet in Nederland staat nog in de peuterschoenen. Inventieve kunstenaars en avantgardistische instituten hebben er hun weg al op gevonden, maar we zijn nog een eindje weg van een situatie waarin alle musea, theaters en concertzalen van Nederland hun aanbod voorhanden hebben via het net. De ontwikkelingen in de digitale steden zijn zonder meer interessant, maar moeten flink wat meer culturele deelnemers krijgen, wil Internet voor Nederlanders een serieuze informatiebron over cultuur worden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden