Peuters op de loopband

postbus 859, 1000 AW Amsterdam, lezers@trouw.nl

Hoe schokkend kan een foto op de voorpagina zijn: Een peuter op een fleurig gekleurde fitnessbank.

Peuterfitness lijkt me de aangewezen weg om een gezonde aversie tegen fitness te ontwikkelen. Het is voor volwassenen wellicht een oplossing om met surrogaatapparatuur gezonde beweging na te bootsen, maar voor een kind is dit volledig tegennatuurlijk. Iedere peuter beweegt genoeg uit zichzelf, vraag dat maar aan de ouders die er vaak achteraan moeten rennen. Als je kleine kinderen geïsoleerde bewegingen op een apparaat uit laat voeren, haal je juist de lol van het bewegen weg. Het kan veel simpeler: koop een bal van een euro en ga met het kind buitenspelen. Daar geniet een kind van.

Als ik een kind op zo’n apparaat zie, denk ik: haal weg dat stumpertje bij het Jumpertje.

Josje Erkelens voormalig kinderfysiotherapeut Hilversum

We laten onze kroost alvast naar de sportschool gaan om aan onze maatschappij te wennen. Een volgende stap zal wel zijn dat men de te dikke hond niet meer uitlaat maar onder begeleiding naar de sportschool stuurt!

Wil van Tienen Oisterwijk

’Je kunt niet vroeg genoeg beginnen’ staat er met grote letters boven het artikel over fitness op een kinderdagverblijf. In mijn beleving is zo vroeg beginnen met fitness geen oplossing voor obesitas. Na het verplichte half uurtje kan de groepsleiding denken dat de kinderen genoeg beweging hebben gehad, dus een dvd kijken kan geen kwaad. Als de kinderen weer thuis zijn kunnen de ouders hetzelfde denken. Voor een kind is het uitdagender om lekker buiten te rennen met een bal. Spelenderwijs met vriendjes en vriendinnetjes de wereld en de omgeving leren kennen.

Henrieke Segers Waddinxveen

Zotter kan het niet: een speels jongetje in de maxicosi, speen in de mond, een hand van de juf die hem vasthoudt en een gewicht in zijn handje! Spelen met blokken, trapjes, bankjes, klimrek: dat geeft hem uitdaging en plezier in bewegen. Dat is essentieel voor later.

Corry van Dijken Gorter

De heer De Groot bracht eergisteren in een ingezonden brief het gevaar van een uitdijende bevolking voor de natuur ter sprake.

Zelf beleefde ik mijn kindertijd in de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw. Toen leerde ik op school, dat ons land negen miljoen inwoners had. Naar mijn gevoelen is dat ook nu de bij ons gebiedsoppervlak meest passende bevolkingsgrootte. Als er dus gedurende de laatste dertig jaar geen enkele vluchteling en asielzoeker ons land zou zijn binnengekomen, zou naar mijn eerlijke gevoelen ons land dus ook al overbevolkt zijn geweest. Want ook ik ben zeer gevoelig voor natuur en ruimte en acht die van buitengewoon groot belang.

Met bloedend hart bezie ik de enorme bevolkingsdruk en desastreuze gevolgen. Desondanks bestaan er belangrijkere dingen voor de mensheid. Een daarvan is de noodzaak, dat mensen van waar dan ook ter wereld de kans krijgen naar elders te verhuizen als zij in hun bestaan worden bedreigd. Want kan een mens volstaan met de houding: „ik heb geluk dat ik in Nederland ben geboren en alle anderen hebben gewoonweg pech en die moeten maar zien wat ze doen?”

J.H. van den Berg Zuidwolde

Bijna twee jaar geleden stierf mijn vrouw aan darmkanker. In februari 2007 nog een gezonde vrouw; vol levenslust, ambitie, plannen, volop genietend van onze kinderen, kleinkinderen, haar werk, haar hobby’s, haar medemensen. Inspiratiebron voor velen in haar omgeving, vrouw van de gulle lach en tomeloze energie.

Een half jaar later stierf ze thuis, totaal uitgeput na maanden van

strijden, maar tot op het laatst zich vastklampend aan het leven. Het

leven dat ondanks alle toenemende pijn en ongemak voor haar een feest bleef. Met allen die haar dierbaar waren mochten wij tot op het laatst dit feest mee beleven, met veel vakbekwame én liefdevolle steun van(reguliere) thuiszorg en een schat van een (reguliere) huisarts.

En dan lees je onverhoeds in je eigen Trouw het krankzinnige verhaal van ene Christiane Beerlandt onder de kop ’Niemand wordt bij toeval ziek’. Plaatsing van dit artikel was voor mij bijna een reden om mijn abonnement op te zeggen, maar gelukkig las ik donderdagmorgen de column van Elma Drayer, die de boodschap van Beerlandt gevaarlijk gezwatel noemde. Door haar verhaal heb ik weer vrede in mijn hart gevonden en kan ik Beerlandts bezoedeling van het leven van mijn vrouw vergeten. En ook de bezoedeling van de strijd van vrouwen en mannen die het ongelijke gevecht met een levensbedreigende ziekte aangingen en kansloos waren.

Jan Diesveld Waalwijk

Sebastien Valkenberg gaat er in zijn filosofische overdenking ’Waarom is de natuur zo heilig?’ in Trouw van donderdag ten onrechte van

uit dat de boosheid van Vlielanders en natuurliefhebbers de aanwezigheid van vossen op het eiland betreft. Als lid van beide groeperingen kan ik hem geruststellen. Waren deze dieren zelfstandig hierheen komen zwemmen dan zou ik dat erg vinden. Erger is dat ik nu weet dat ze moedwillig hier uitgezet zijn, in een internationaal belangrijke vogelkolonie op het hoogtepunt van het broedseizoen.

Gelukkig hebben we met elkaar in dit land en internationaal afspraken gemaakt waarin onze geëvolueerde opvattingen over onze omgang met de natuur zijn vastgelegd. Niet omdat ’de natuur ons zo heilig is’, zoals Valkenberg stelt, maar

om dit soort ongewenst mensengedrag te bestrijden. Gisternacht is een van de vossen geschoten. Het is aan jagers om ook de andere vos(sen) te doden en aan de politie om onderzoek te doen naar de dader(s).

Michiel Muller Vlieland

De redactie maakt er iets moois van in het artikel op de buitenlandpagina over de Britse dubbelspion Blunt. Zo staat er: ’Burgess overreed hem ondergronds te gaan’. Dat klinkt als een drastische werkwijze. Six feet under heet dat in Engeland. Dat zal toch niet de bedoeling zijn geweest. Zelfs de communistische partij in Engeland zat, vermoed ik, niet te wachten op een doodgereden aspirant partijlid. Ik denk dat er had moeten staan: „Burgess overreedde hem om ondergronds te gaan.

Componist Theo Loevendie overweegt het schrijven van een opera over de filosoof Baruch Spinoza (Trouw, 17 juli). Alleen ging zijn collega en tijdgenoot Ton de Kruyf hem reeds vier decennia geleden voor. De opera Spinoza van Amsterdammer Ton de Kruyf (geboren 1937 te Leerdam) ging tijdens het Holland Festival in 1971 in première. De Kruyf ontleende het libretto voor zijn Spinoza aan het gelijknamige toneelstuk van Dimitri Frenkel Frank. Uw artikel (met overzicht van eerdere opera’s over filosofen) zou niet compleet zijn zonder deze belangwekkende aanvulling.

Rob WitteveenLeerdam

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden