Peter Sloterdijk / Mijn goede vriend: de menselijke soort

Even was hij in Nederland: Peter Sloterdijk, het enfant terrible van de Duitse filosofie, en de auteur van het bijna duizend pagina's tellende werk 'Sferen' dat nu ook in het Nederlands is vertaald. Sloterdijk is een meester in het prikkelen en schokken. En hij geniet van het leven. ,,Ik ben in tweede instantie optimist. De mens heeft de plicht gelukkig te zijn.''

Als Sloterdijk eenmaal begint te praten, is hij nauwelijks meer te stuiten. En dat doet hij net zo makkelijk in het Duits, als in het Frans of Engels. De grote denker is even in Nederland, het land waar zijn vader vandaan kwam. Hij heeft hem nooit gekend -net als zoveel Duitsers die vlak na de oorlog werden geboren.

,,Ik ben de slechtst opgeleide Europeaan'', zegt Sloterdijk, ,,omdat ik nooit ben blootgesteld aan de autoriteit die een vader uitoefent over zijn zoon.'' Twintig jaar lang zocht hij naar een vader. Een zoektocht die hem onder meer bij de Bhagwan zou brengen. ,,Maar uiteindelijk had de vaderlijke autoriteit geen vat op mij.''

Sloterdijk (1947) is hier vanwege zijn hoofdwerk 'Sferen', door Hans Driessen in het Nederlands vertaald. Het gaat ook al over familie. ,,Hoe moeten we samenleven? Als je een familie hebt, en een goede katholiek bent, dan is dat geen probleem. Maar als je een wees bent, en je vriendin of vrouw heeft je om goede of slechte redenen verlaten, en je zit in hartje Amsterdam naar de gracht te staren terwijl je twijfelt aan het bestaan van God, dan heb je wél een probleem. Dan zit je in de ideale situatie om na te denken over wat het betekent om met anderen samen te leven.''

Daar gaat 'Sferen' over, zijn 'schatkistje', dat 950 pagina's dik werd, en prachtig is uitgegeven. Het boek bevat de eerste twee delen van Sloterdijks trilogie over de 'bolwerken' waarin de mens leeft -aanvankelijk in een bolvormig ander mens, later als bolbewoner van de planeet aarde. Of na de eerste twee delen ('Bellen' en 'Globes') ook het derde deel ('Schuim') in het Nederlands vertaald wordt, is nog onzeker. Zo'n pittig filosofisch werk op de markt gooien, is voor een uitgever nogal een gok.

De denker nipt ondertussen van zijn witte wijn. Hij schaamt zich niet voor rijkdom. Ook al sterven er op dit moment nog zoveel mensen van de honger, zijn lunch smaakt er niet minder om. ,,We zullen eraan moeten wennen dat we nooit in staat zullen zijn om een huis te bouwen dat iedereen kan bevatten'', zegt hij.

,,De metafoor van de familie is niet sterk genoeg. We zijn niet de family of man, waarover denkers van de 18de eeuw fantaseerden. Of, als we wel echt een familie zijn, zouden we ons neer moeten leggen bij het feit dat de meeste familieleden op straat of onder de bruggen zullen slapen, en dat ons huis nooit in staat zal zijn om onderdak te bieden aan al diegenen die buiten in de kou staan. Als zij er niet zelf in slagen om onderdak te vinden, zullen wij hun dat ook niet kunnen bieden. Er blijft een 'daarbuiten'. Dat is een erg traumatische ontdekking. Het strookt niet met het humanitaire enthousiasme van de Europeanen en hun joods-christelijke traditie.''

Van politieke correctheid heeft Sloterdijk weinig last. Dat bleek al toen hij in 1999 een aardbeving veroorzaakte in het Duitse denken met zijn lezing 'Regels voor het mensenpark'. Daarin hield hij een pleidooi tégen het humanistische 'temmen', en vóór het op genetische wijze 'telen' van het menselijke 'huisdier'. Onlangs wist hij opnieuw een rel te veroorzaken door Amerika en Israël de enige echte rogue states (schurkenstaten) te noemen. In beide gevallen keerde hij zich heftig tegen de karikatuur die de media volgens hem van zijn woorden maakten. Zijn lezing over genetische manipulatietechnieken was geen lofzang op het nazisme, zoals werd gesuggereerd. En met zijn opmerking over Israël en Amerika bedoelde hij niet meer dan dat deze landen zich weinig aantrekken van de internationale gemeenschap. De term rogue komt volgens Sloterdijk oorspronkelijk uit de biologie, waarin het staat voor een 'dier dat los van de kudde de rimboe afstruint'.

Toch lijkt het of de filosoof een speciaal talent heeft om opschudding te veroorzaken. ,,De linkse partijen in Europa'', zegt hij, ,,zou ik willen vergelijken met een psychoanalyticus die tegen zijn patiënt zegt dat er één manier bestaat om perfect gelukkig te worden. Ik heb die manier gevonden, zegt de analyticus. Als je mijn vrouw zou kunnen huwen, dan zou je ook gelukkig worden. Maar helaas: ze is al getrouwd. Alles wat ik je kan zeggen is: trouw met haar, maar je krijgt haar nooit. Ik kan je het geheim van het geluk verraden, maar de verschrikkelijke waarheid is dat geluk niet gedeeld kan worden.''

Volgens Sloterdijk bereiken we langzamerhand de grens. ,,De politiek van het delen vraagt te veel van gewone mensen. Voor engelen en heiligen is het geen probleem, maar voor hedonistische sociaal-democraten kan dat niet. Want de hedonistische sociaal-democraat zal aarzelen om zijn portie aan de kreeftenbar te delen met een immigrant. En hij zal niet accepteren dat een vluchteling uit Somalië zijn intrek neemt in zijn mooie appartement in Amsterdam. Hij zal altijd zeggen: dat is de verantwoordelijkheid van de zogeheten samenleving. Sociaal-democraten -ik ben er zelf tussen twee haakjes ook een- hebben de vreselijke neiging om het woord 'samenleving' aan te zien voor een echt 'adres'. Het is dan de verantwoordelijkheid van 'de samenleving' om zorg te dragen voor al diegenen die we niet in onze slaapkamers tolereren.''

Dat is het probleem, zegt Sloterdijk. ,,We kunnen niet delen, maar we moeten delen. Dit zal hét morele dilemma zijn van de 21ste eeuw, en van de gehele toekomst van de mensheid. Als we niet in staat zijn tot revolutionaire vrijgevigheid, zullen we blijven hangen in een cyclus van terrorisme en een slecht geweten. Maar depressief pessimisme kan nooit een antwoord zijn. Ik ben in tweede instantie optimist. We hebben de plicht gelukkig te zijn.''

Terrorisme vindt hij moeilijk te onderscheiden van contraterrorisme. De oorlog tegen terreur vergelijkt Sloterdijk met een koortsreactie op een bacterieaanval: het is onduidelijk of de patiënt overlijdt aan de bacteriën of aan zijn overtrokken koortsreactie. Zowel terrorisme als de bestrijding ervan zijn reactionair: het zijn reacties op wat een ander doet en is.

Dat noemt hij in navolging van Friedrich Nietzsche 'ressentiment', een mix van wraakzucht, jaloezie, hebzucht en het verlangen om mensen die boven jou staan te vernederen. ,,Ressentiment is wat ze in Hollywood een basic instinct noemen, niet alleen een mooie film, maar ook het grootste gevaar. Mensen die handelen uit ressentiment -fascisten of communisten- zijn wat je noemt agressieve verliezers. Ze veranderen de regels van het spel. Het zijn mensen die, zodra ze merken dat zij niet kunnen winnen, ervoor zorgen dat dan helemaal niemand kan winnen.''

Volgens Sloterdijk is het daarnaast belangrijk om je af te vragen of een slecht geweten, of juist de reactie op een slecht geweten, gevaarlijker is. ,,Dat we een slecht geweten hebben, dat we last hebben van schuldgevoelens over al diegenen die 'daarbuiten' in de kou staan, uit zich in xenofilie. Xenofilie is, zolang je niet persoonlijk verantwoordelijk bent, een fijne houding. Je wordt dan een vriend van de menselijke soort. Je zegt over jezelf: ik heb een heel goede vriend, de menselijke soort, maar ik nodig hem nooit uit, want hij eet te veel. Ik vermijd iedere vorm van direct contact. De reactie op dit slechte geweten is de openlijke vorm van xenofobe politiek.''

Europa is het continent waar al deze problemen het duidelijkst naar boven komen. Hij wijdde er al eerder een boek aan ('Eurotaoïsme'). ,,De Europeanen zijn geworden wat Amerika altijd wilde zijn'', zegt hij. ,,Door een lange vakantie van de geschiedenis te nemen, vertegenwoordigt Europa nu de Amerikaanse Droom. En Holland is, misschien samen met de Scandinavische landen, het centrum van dit vakantiegebied. Er is geen land waar de bevolking haar historische ambities zo radicaal overboord heeft gezet.''

Onze cultuur, zegt Sloterdijk, is in de afgelopen zestig jaar sterker veranderd dan in de duizenden jaren daarvoor. De grootste verandering is dat we onze kinderen niet meer leren dat ze bereid moeten zijn om hun leven ergens voor te geven.

Sloterdijk: ,,Alles wat we cultuur noemen, vindt haar wortels in transmissie -het doorgeven van waarheid en kennis aan een nieuwe generatie. Dat is geen communicatie die horizontaal en symmetrisch is. Transmissie is verticaal en asymmetrisch. Maar wij kunnen niet meer doorgeven, omdat we geen zonen, dochters of leerlingen meer hebben. Zelfs kinderen zijn de klanten geworden van hun eigen docenten. Ze eisen voor zichzelf het recht op om verveeld te zijn, en het recht om vermaakt te worden. We zijn nu allemaal wezen. Vaderloos.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden