Perspectief voor Lucia de B.

Opgelucht vernamen familieleden en sympathisanten van Lucia de B. van de Hoge Raad dat de strafzaak tegen de verpleegkundige wordt heropend.

Er waren tranen en schouderklopjes in de grote zaal van de Hoge Raad der Nederlanden in Den Haag. Fabiënne, de dochter van de eerder wegens meervoudige moord veroordeelde Lucia de B., zei: „Dit is het beste dat we konden hebben.” De B. zelf ontbrak. Zij kampt met de fysieke en psychische gevolgen van het herseninfarct, dat haar in 2006 in de gevangenis trof.

De Hoge Raad, het hoogste rechtscollege, honoreerde gisteren het herzieningsverzoek van De B. en bepaalde dat haar veroordeling opnieuw moet worden bekeken. In 2004 veroordeelde de rechtbank de verpleegkundige voor vier moorden en drie pogingen tot levenslang en tbs. Twee jaar nadien kreeg zij van het hof levenslang voor zeven moorden en drie pogingen daartoe. Begin april dit jaar kwam zij echter voorlopig vrij, na gerede twijfels over de juridische gronden waarop zij destijds is veroordeeld.

Het gerechtshof in Arnhem zal de strafzaak tegen De B. opnieuw behandelen en in zijn geheel overdoen. Theoretisch is het mogelijk dat hierbij nieuwe feiten naar voren komen, die nog steeds een veroordeling van haar mogelijk maken. Dat scenario deed zich voor in de Deventer moordzaak, met een hoofdrol voor Ernst Louwes. Maar een herhaling hiervan is in de zaak tegen De B. niet waarschijnlijk. Aanzienlijk groter is de kans dat nieuwe feiten achterwege blijven en vrijspraak volgt voor de levensdelicten. Een veroordeling voor meineed en een aantal valsheid- en vermogensdelicten, met een lichtere straf, blijft nog mogelijk.

Twijfels hebben van meet af aan een rol gespeeld in de zaak tegen Lucia de B.. Onderzoeken van onder meer de Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken (CEAS) en, naderhand, van professor Jan Meulenbelt van het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum versterkten deze twijfels. Zij richtten hun aandacht mede op de dood van een zes maanden jonge baby, waarvoor het Openbaar Ministerie De B. verantwoordelijk had gesteld en waarvoor zij ook is veroordeeld. In een kinderziekenhuis in Den Haag zou zij het meisje een dodelijke hoeveelheid van het hartmedicijn digoxine hebben toegediend. De overdosis veroorzaakte een fatale hartstilstand, stelde het hof in zijn arrest. Het bewijs lag in een bij de baby afgenomen bloedmonster, waarin een hoge concentratie digoxine werd vastgesteld.

Voorts leidde het hof uit schriftelijke registraties van de ziekenhuismonitoren af dat de hartstilstand gepaard ging met een ademstilstand. Dit wees, volgens het arrest van destijds, op digoxinevergiftiging. Maar de toxicoloog Jan Meulenbelt kwam tot een heel andere conclusie. Hij noemde het ’niet waarschijnlijk’ dat digoxine een rol heeft gespeeld bij het overlijden van de baby. Een ’natuurlijk overlijden door totale uitputting’, luidde zijn slotconclusie. De Hoge Raad merkt dit deskundigenoordeel, evenals advocaat-generaal G. Knigge, aan als een nieuw feit, een ’novum’ dat het mogelijk maakt de strafzaak tegen de verpleegkundige te heropenen. Haar raadsman Ton Visser denkt dat de volgende belangrijke stap is gezet naar een volledig eerherstel van zijn cliënte.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden