Percentage opgespoorde soa's stabiliseert

(Novum) - Van de 69 duizend mensen die vorig jaar een soa-centrum bezochten had dertien procent een seksueel overdraagbare aandoening. In vergelijking met voorgaande jaren is sprake van een stabilisatie, stelt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) maandag. De trend lijkt zich dit jaar voort te zetten. Het RIVM deed onderzoek bij de 56 soa-centra in Nederland, die vorig jaar tien procent meer consulten uitvoerden dan het jaar ervoor.

Van de bijna 69 duizend mensen die een soa-centrum hebben bezocht, bleek dertien procent een soa te hebben. Bij mannen die seks hebben met mannen lag dit percentage op twintig procent. Surinamers, Antillianen en Arubanen hebben vaker dan autochtonen een van de soa's chlamydia, syfilis en gonorroe.

Chlamydia blijft de meest voorkomende soa in Nederland. Bijna elf procent van de op deze aandoening onderzochte vrouwen bleek die te hebben. Bij mannen ligt dat percentage iets lager. Het zijn vooral heteroseksuele jongeren onder de 25 jaar bij wie chlamydia wordt vastgesteld.

Het percentage homoseksuele mannen bij wie een hiv-besmetting is vastgesteld is vorig jaar gedaald ten opzichte van 2005. Vorig jaar is 3,1 procent van de homoseksuele mannen die een soa-centrum bezochten hiv-positief getest. Een jaar eerder was dat nog 4,5 procent. Bij hetero's bleef de situatie ongewijzigd: 0,2 procent bij mannen en 0,1 bij vrouwen.

Nederland telt ruim dertienduizend mensen die met hiv zijn besmet. Vorig jaar zijn 871 nieuwe hiv-infecties geregistreerd. Vooral homoseksuele mannen raken besmet met een soa. Het RIVM stelt dat 'innovatieve methoden' nodig zijn om besmettingen te voorkomen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden