Peilen tegen de stroom in

hoop voor | Trump Onder de weinige mensen die nog iets geven voor de kansen van Donald Trump is een Nederlandse opiniepeiler. Dezelfde die vorige keer de uitslag goed had.

De lijst met vijanden die Donald Trump geniepig van het presidentschap proberen af te houden, is weer wat langer geworden. "Als ze niet knoeien met de peilingen, en ze fatsoenlijk uitvoeren, dan sta ik op winst", riep de Republikeinse presidentskandidaat deze week tegen 8000 mensen in Florida. Naast de Republikeinse elite, en de media, zijn nu dus ook de opiniepeilers wat hem betreft deel van een landelijk complot om de verkiezingsuitslag te stelen.

Als er zo'n samenzwering is, dan is die bijna perfect opgezet. Want elke dag komt er wel weer een nieuwe peiling uit, telkens uit een andere bron, die het beeld bevestigt dat Trump aan de verliezende hand is. Soms is het onderzoek gehouden in opdracht van een krant of omroep om er nieuws mee te maken: Fox News meldde woensdag 5 procent voorsprong voor Clinton. Soms door een universiteit die er naamsbekendheid aan overhoudt: Quinnipiac University gaf Clinton vorige week 6 procent.

Scheurtje in het front

Maar er zit een scheurtje in dat front, waar Trump graag op mag wijzen. Eén opinie-onderzoek zingt consequent een ander lied, een lied van hoop. Hij stond gisteren met 0,7 procent voor in de peiling van Arie Kapteyn en zijn medewerkers aan het Dornsife College van de University of Southern California.

Gezien de statistische onzekerheid moet je dat een gelijke stand noemen, maar dat is al heel wat. En dat het een voor Trump vriendelijke peiling is, staat vast: zelfs na de twee partijconventies in augustus - die in de media werden afgeschilderd als een mislukking voor de Republikeinen en een succes voor de Democraten -werd voor Trump een voorsprong van 7 procent opgetekend.

Vanwege die contraire resultaten wordt de 'LA Times/USC Dornsife tracking poll', zoals hij voluit heet, door de media meestal genegeerd - behalve natuurlijk door de Los Angeles Times, waarmee Kapteyn samenwerkt. En zelfs die krant gaat er in zijn verslaggeving toch maar vanuit dat Clinton riant voor staat op Trump.

Dat is niet ten onrechte, zegt Kapteyn voorzichtig. Maar voor wie Hillary Clinton de overwinning gunt, moet zijn peiling toch een bron van zorg zijn. Want in 2012 was Kapteyn er ook bij als opiniepeiler. De meeste peilingen voorspelden toen een enorm spannende verkiezingsavond, omdat Barack Obama zo goed als gelijk op leek te gaan met Mitt Romney. De USC-peiling daarentegen voorspelde een duidelijke overwinning voor Obama met 3,3 procent van de stemmen. Het werd: 3,9 procent.

Kapteyn: "Als ik subjectief moet zeggen wat ik denk dat er zal gebeuren: ik zal verbaasd zijn als Trump wint. Maar ik denk wel dat het verschil veel kleiner is dan de meeste polls aangeven. De dingen die wij doen, zijn door andere peilers toch wel een beetje verwaarloosd."

De aanpak van de USC-peiling verschilt in meerdere opzichten van die van traditionele opinie-onderzoekers. Om te beginnen worden de vragen niet bij elke peiling aan een willekeurig opgebelde groep mensen gesteld, maar aan een vaste groep van enkele duizenden respondenten die uit nationale adresbestanden zijn getrokken.

Zoals bij elke opiniepeiling wijkt de samenstelling van die steekproef wat af van de samenstelling van de bevolking. Daarom worden de antwoorden gewogen: als er wat te weinig latino's in zitten, bijvoorbeeld, worden de antwoorden van de latino's die er wel zijn, wat zwaarder meegeteld. Dat is iets wat elke opiniepeiler doet. Maar wat ze niet allemaal doen, en Kapteyn wel, is vragen en dan wegen hoe hun stemgedrag was bij de vorige verkiezingen. Het percentage Amerikanen dat bijvoorbeeld in 2012 naar de stembus ging en voor de Republikein Mitt Romney stemde, is immers bekend. Een extra correctieslag dus om steekproef en werkelijkheid dichter bij elkaar te brengen.

Extra correctie

Critici zeggen echter dat Kapteyn daarmee in de fout gaat. "Er is een idee, en daar is ook wel enige evidentie voor, dat mensen achteraf zeggen dat ze voor de winnaar hebben gestemd, ook als ze dat niet gedaan hebben", geeft hij toe. "Dan hebben dus een aantal mensen in ons panel op Romney gestemd, maar ze zeggen dat ze op Obama hebben gestemd." Dat zou betekenen dat Kapteyns extra correctie op basis van eerder stemgedrag zijn peiling niet echt nauwkeuriger maakt.

Maar er is ook een andere verklaring voor het gegeven dat in enquêtes na verkiezingen de winnaar 'te veel' aanhang lijkt te hebben: niet een slecht geheugen, maar slecht tegen je verlies kunnen. "Een half jaar geleden kwam er een studie uit, waaruit bleek dat mensen minder de neiging hebben om mee te werken als er een enquêteur belt, wanneer het slecht gaat met hun kandidaat. Dat geeft dezelfde uitkomst: de kandidaat waarmee het goed gaat, is oververtegenwoordigd." In dat geval zou Clinton er dus minder goed voor staan dan de peilingen suggereren, en zijn het juist de traditionele enquêtes de steun voor Trump onderschatten.

Model

En dan is er nog een reden waarom Kapteyn denkt dat zijn peiling misschien nauwkeuriger is dan de andere: "Er wordt altijd gepeild onder mensen die 'waarschijnlijk zullen gaan stemmen'. Maar waar komt dat vandaan? Elke peiler heeft daar een model voor, dat probeert te voorspellen of iemand gaat stemmen. Ze vragen of iemand het van plan is, en of hij de vorige keer heeft gestemd. Maar als ze op basis daarvan dertig van de honderd respondenten eruit gooien, gaat een aantal daarvan natuurlijk toch stemmen, en die mis je dan."

In plaats daarvan vraagt de USC-peiling zijn deelnemers naar de kans dat ze zullen gaan stemmen. Hoe groter de kans, hoe zwaarder hun stem weegt. Net zo wordt hen ook niet gevraagd of ze voor Trump of voor Clinton zijn, maar hoe waarschijnlijk het is dat ze op de een en op de ander zouden kunnen stemmen.

Het voordeel van die aanpak is, dat er minder willekeurige grenzen en aannames inzitten, zegt Kapteyn. En die hebben grote invloed op het resultaat van een peiling. "Een paar weken geleden deed de New York Times een experiment: ze gaven vier verschillende opiniepeilers gegevens uit Florida en zeiden: vertel ons nu maar eens wat het percentage voor Clinton en het percentage voor Trump wordt. Het verschil tussen wat die vier peilers vonden, op basis van dezelfde data dus, was een procent of vijf."

Evengoed: Kapteyns peiling wijkt af van vrijwel alle andere peilingen, en dat al maandenlang. Websites die nieuws over peilingen volgen en de uitslagen middelen, kregen van gebruikers het verzoek om de LA Times/USC Dornsife peiling er maar buiten te houden. En hoe lang durft die LA Times nog elke dag de resultaten te publiceren onder de kop 'De stand in de race'? Wanneer wordt het gênant?

Nooit, wat Kapteyn betreft. "Het is wel vermakelijk. We werken bij de Los Angeles Times samen met David Lauter, het hoofd van hun Washington-redactie. Met hem hebben we het er over gehad toen we begonnen. Hij snapt statistiek, hij staat er zeker achter. Het is een avontuur waar we met zijn allen in gestapt zijn. En op zijn minst krijgt hij er veel publiciteit door."

Tussentijds koers wijzigen zou ook niet erg wetenschappelijk zijn: "De data zijn de data, daar moet je niet tussentijds aan gaan zitten knoeien."

Maar zo nu en dan moeten Kapteyn of zijn medewerkers zich toch verdedigen. "De University of Southern California is een heel grote universiteit, in het bestuur zitten mensen met veel prestige, ik krijg vragen: hoe kun je dat nou doen? Ik heb een medewerker in Londen, die niet eens bij dit project betrokken is, en die werd gevraagd: schaam je je niet? Mensen denken dat dit mijn politieke voorkeur is. Nou, ik laat me zo weinig mogelijk uit over die van mij."

Hardnekkige uitkomst

Maar die voorkeur is niet moeilijk te raden, en strookt niet met de hardnekkige uitkomst van de USC-peiling. "En voor zover ik kan kijken heeft ook niemand in mijn omgeving die voorkeur."

Dat maakt het voor Kapteyn nog makkelijker te geloven dat Clinton zal winnen. En zo vergaat het zelfs de leden van zijn panel: hoewel die dus niet in meerderheid voor Clinton zijn, gelooft 58 procent van hen wel dat ze zal winnen. Maar, waarschuwt Kapteyn: "Dat was ook het geval met de Brexit. Iedereen dacht: Brexit gaat niet gebeuren - want dat zei immers iedereen. Zulke dingen hebben we nu al een paar keer gehad. Iedereen denkt nu dat Clinton gaat winnen, maar als je kijkt wat onze mensen zeggen, dan valt het misschien toch tegen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden