Peeskamers Amsterdam veranderen in ateliers

Jonge modeontwerpers krijgen een plek op de Amsterdamse Wallen. „Deze locatie is erg goed voor mijn naamsbekendheid.”

Achttien creatievelingen trekken vanaf volgende week in voormalige prostitutiepanden op de Wallen. Ze mogen de ’ramen’ een jaar lang gebruiken als atelier.

Ontwerper Bas Kosters is een van de gelukkige deelnemers aan het project Red Light Fashion. „Het is echt een hel om aan een betaalbaar atelier te komen in het centrum van Amsterdam”, vertelt Kosters. „Deze locatie is erg goed voor mijn naamsbekendheid. Daarnaast verwacht ik dat onze aanwezigheid op de Wallen een interessante mix kan opleveren.”

Voor de ’modevormgever’, zoals hij zichzelf noemt, is het de ideale kans om zijn label uit te breiden. „Ik kan nu mijn bedrijfsvoering gaan splitsen”, legt Kosters uit. „In mijn huidige studio in het World Fashion Centre in Slotervaart heb ik eigenlijk te weinig ruimte. Op de Oudezijds Achterburgwal wil ik vooral klanten ontvangen en aan grotere projecten werken, zoals mijn poppen en schilderijen. En het is de ideale plek om mijn werk aan het publiek te laten zien.”

Die presentatie is een van de tegenprestaties die Amsterdam van de ontwerpers verwacht. In de etalages moeten ontwerpen te zien zijn en die moeten ook regelmatig worden vervangen. De VVV gaat namelijk wandelroutes langs de ateliers aanbieden. Ook komt er een winkel waar alle ontwerpers hun creaties kunnen verkopen. De panden worden gehuurd op anti-kraakbasis, de gebruikers betalen alleen gas, water en elektra.

Voor de Leidse ontwerper Edwin Oudshoorn is verhuizen naar de hoofdstad een logische stap. „Voor mijn werk ben ik toch al drie tot vier keer per week in Amsterdam. Alle stoffenwinkels zitten er en ook de modellen en pr-bureau’s. Dit was een fantastisch aanbod dat ik niet kon laten liggen.” De Leidenaar verwacht een goede sfeer in de ontwerpers-enclave. „Ik geloof niet dat we heel erg veel gaan samenwerken, behalve misschien voor een enkel project. Maar we kunnen elkaar natuurlijk wel erg goed stimuleren.”

Het is de eerste concrete stap van de gemeente Amsterdam om de Wallen leefbaarder te maken. De ontwerpers gaan de 17 panden gebruiken die de gemeente samen met ontwikkelingsmaatschappij NV Stadsgoed overnam van seksbaas Charles Geerts. „Het moet zo snel mogelijk duidelijk worden dat de Wallen ook een andere functie dan prostitutie kunnen hebben”, vertelt gemeentewoordvoerder Herbert Raat. Met de Zeedijk als succesvol voorbeeld moet het oudste stukje van Amsterdam worden schoongeveegd. „We willen graag jonge creatievelingen helpen”, zegt Raat. „Modeateliers passen volgens ons dan ook prima in het gebied. Onze wethouder Lodewijk Asscher verwoordde het al treffend: Je koopt de jurk en niet de vrouw.”

Het idee om de peeskamers te gebruiken als ateliers ontstond tijdens een bezoek van de gemeente aan het advies- en bemiddelingsbureau HTNK. Aan directeur Mariëtte Hoitink werd gevraagd een selectie te maken van talentvolle ontwerpers. „Toen moest ik meteen denken aan de ontwerpers van ons project ’Turning talent into business’, zegt Hoitink. „Dat programma loopt sinds januari vorig jaar en is bedoeld om beginnende ontwerpers te ondersteunen in hun ondernemerschap. We hebben ze benaderd en ze reageerden allemaal meteen positief.”

Het bureau verwacht veel van het initiatief. Mariëtte Hoitink: „Het is voor de ontwerpers een kans om meer publiciteit te genereren en voor de gemeente om zich te profileren als creatieve stad.” En de rode lichtjes? „Die gaan verdwijnen”, zegt ze. „Het straatbeeld krijgt hier echt een ander aangezicht.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden