'Pedoscanproof' - lijkt me niet geruststellend

In nrc.next schreef Victor Lamme, hoogleraar cognitieve wetenschap, vorige week een fascinerende column onder de titel 'De pedoscan'. Hij beschrijft een recent onderzoek van de Duitse hersenonderzoeker Jorge Ponseti, waarin gekeken werd of de hersenen van een pedofiel anders reageren dan de hersenen van niet-pedofielen op foto's van naakte jongens, meisjes, vrouwen en mannen.

De deelnemers waren 24 mannen, die zichzelf als pedofiel beschouwen en 32 'gezonde' mannen daartegenover. Een man wordt hier als gezond beschouwd als hij seksuele belangstelling heeft voor vrouwelijke of mannelijke volwassenen. De uitslag van het onderzoek was indrukwekkend. In 95 procent van de gevallen kon Ponseti de pedofiel ook op de scan als pedofiel uitboeken.

Het motief van de onderzoekers is duidelijk, zij willen pedofilie opsporen. Niet door een man te vragen of hij pedofiel is, want dat werkt niet. En helemaal niet door het te moeten vaststellen nadat een man zich aan een kind heeft vergrepen. Dit scannen zou preventief bedoeld zijn. Victor Lamme ziet er wel brood in, want er zijn heel wat beroepen of werkplekken waar pedofielen geweerd moeten worden: de crèche, het zwembad, de school en de kerk natuurlijk. "Een crèche kan zich mooi onderscheiden: 'Onze medewerkers zijn pedoscanproof!'" aldus de marketingsuggestie van Lamme.

Ik vraag me af of het werkelijk geruststellend is om pedoscanproof te zijn. Ik heb twee bezwaren. Het eerste is dat je wel kunt hebben aangetoond dat iemand niet pedofiel is, maar daarmee heb je nog niet aangetoond dat hij zich niet daadwerkelijk aan een kind te buiten zal gaan. En het omgekeerde is natuurlijk ook het geval: de pedofielenscan leidt niet onverbiddelijk tot seks met een kind. Ja, vind ik ook een beetje zwak als tegenwerping, maar toch, een scan toont geen toekomstig gedrag.

Mijn tweede bezwaar is lastiger, want we moeten het echt even hebben over het verband tussen wat je ziet op de scan en de geestelijke beleving die 'daarachter' zit. Je moet je bij een dergelijk onderzoek afvragen hoe de scans 'geijkt' zijn. Nou, bijvoorbeeld op de smaak van de gemiddelde pedofiel, als die bestaat. Maar wat moet je dan met de pedofiel die bij alle getoonde plaatjes wat te zeuren heeft: tis me tiep niet, te jong, te oud, te dik, te blank, etcetera.

Wat moet je zeggen van de man die op de getoonde plaatjes van naakte kinderen alleen maar reageert met woede, want we zien zijn 'woede'-centrum oplichten? Is hij woedend bij de gedachte dat er mannen bestaan die iets lichamelijks met kinderen willen? Of is hij een woedende pedofiel, die zich vreselijk opwindt bij de gedachte dat die stomme onderzoekers denken dat hij de hele scansituatie niet als een val zou ervaren?

Wat vinden we van de dodelijk ongeruste vader die bij het zien van de plaatjes allerlei nare fantasieën heeft uit angst dat zijn kind zoiets zou moeten ondergaan? Wat zeggen we van de man wiens pleziercentra oplichten, niet vanwege de lol over wat hij aan seksuele activiteit met kinderen ziet, maar vanwege de vreugde over wat hij de misbruiker allemaal aan akeligs zou willen aandoen?

Stel dat een pedofiel van wie we het niet vermoeden, maar die voor deze test gescreend wordt, bij het zien van pedoplaatjes helemaal geen plezier beleeft, maar zich schaamt? Precies dezelfde schaamte die, plaatsvervangend, wordt gevoeld door de hetero die ernaar kijkt. Wat zeggen we als Robert M. brandschoon blijkt op zo'n scan? Dat hij eigenlijk niks gedaan heeft? De drogreden blijft dat je op basis van een scan precies weet wat er door iemand heen gaat én dat je op grond daarvan gedrag kunt voorspellen.

Overigens vinden de onderzoekers het zelf ook een probleem dat de pedofielen die zij onderzochten al 'ontmaskerd' waren. Dat wil zeggen dat zij wellicht onder enige aanmoediging, maar in elk geval zonder vrees, via hun geslachtsdeel naar de plaatjes keken. Begrijpelijk, anders krijg je geen relevante scan.

De vraag is hoe zoiets zou uitpakken bij duizend willekeurige mannen die aan een onderzoek zouden meedoen waarbij het er zogenaamd om ging uit te zoeken waar hoofdrekenen zit, maar waarbij er 'per ongeluk' wat pedoplaatjes doorheen werden gegooid. Zou u de niet-reageerders in zo'n situatie durven uit te boeken als niet-pedofiel? Ook als je rekening houdt met het feit dat pedofielen vanwege de nu heersende aandacht voor hun probleem nooit meer spontaan, direct en ongeremd durven te reageren op dergelijke prikkels?

Mijn grondstelling blijft dat je op grond van een scan nooit met zekerheid weet wat iemand denkt en voelt. Wat we steeds weer vergeten is dat een scan slechts een minuscuul onderdeel is van een panorama waarvan we de omvang steeds weer onderschatten: een menselijk leven. Laten we onzeker eindigen: er is een punt waarop het minuscule aspect van een scan wel degelijk zo informatief is dat we er een conclusie aan mogen verbinden.

Ik geloof niet dat dat geldt voor Ponseti's pedoscans.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden