Paus maakt 'reuzensprong' in zes dagen

Werd de paus de laatste tijd steeds meer ontzien tijdens zijn reizen, deze week wacht Johannes Paulus II een vol programma. Vanmiddag komt hij in Amman aan om -naast een bezoek aan de koning van Jordanië- enkele bijbelse plaatsen te bezoeken en een mis op te dragen. Dinsdag tegen de avond begint het bezoek aan Israël in Tel Aviv. De dag erop staat Bethlehem op het programma, inclusief een ontmoeting met de Palestijnse leiders en een bezoek aan een vluchtelingenkamp. Donderdag blijft de paus de hele dag in Jeruzalem. Naast enkele heilige plaatsen bezoekt de paus ook Jad Wasjem en ontmoet hij Israëls president en het opperrabbinaat. Vrijdag trekt de paus naar Galilea en draagt op de berg van de zaligspreking een naar verwachting massaal bezochte mis op. Zaterdag volgt Nazareth en een oecumenische ontmoeting in Jeruzalem, en zondag besluit de paus zijn reis met onder meer een bezoek aan de Klaagmuur, een ontmoeting met de groot moefti van Jeruzalem en een gesprek met de leiding van de rk kerk in het Heilige Land.

Meer dan zestig jaar hebben ze elkaar niet gezien. Op school in Polen zaten ze naast elkaar. De inmiddels tachtigjarige Joseef Bienenstock wil nu wel opbiechten dat hij vaak spiekte bij de knappe leergierige Lolek. Op zijn beurt nam hij zijn katholieke vriendje wel eens mee naar de synagoge, want Lolek was dol op de liturgische muziek. Ook viel Lolek vaak in als keeper in het joodse voetbalteam van Wadowice, dat haast altijd spelers tekort kwam. Joseef wist als een van de weinigen de vernietigingskampen te overleven en emigreerde naar het toenmalige Palestina.

Karol (Lolek) Wojtyla is inmiddels beter bekend als paus Johannes Paulus II. Morgen arriveert hij voor een zesdaags bezoek aan het 'Heilige Land'. ,,Hij is best zenuwachtig hoor'', fluistert Joseefs vrouw de Israëlische journalist toe, als Joseef zich groot houdt over de invitatie om zijn schoolvriend donderdag te ontmoeten in Jad Wasjem, het monument voor de holocaust in Jeruzalem.

Jeruzalem heeft een kleine facelift ondergaan. Straten zijn schoongepoetst, de Via Dolorosa heeft een vernisje plaveisel gekregen, zodat het popemobiel hobbelvrij de staties langs kan.

Bij de Grafkerk is een lift voor de paus aangelegd. Langs de hoofdwegen staan hekken klaar en de vlaggen van het Vaticaan wapperen in de Israëlische hoofdstad.

Niet overal. Het stadsbestuur heeft de ultra-orthodoxe wijk Mea Sjeariem overgeslagen. Daar laten de graffiti en posters weten dat de paus allesbehalve welkom is. 'Ontheilig de naam van God niet', 'Mijd de paus', 'Gezegend zijn degenen die korte metten maken met de afgoderij' en 'Ontheilig de sabbat niet', luiden de opschriften, die verdere uitleg overbodig maken.

Ultra-orthodoxe leiders hebben hun achterban bezworen zich gedeisd te houden en het bezoek niet te verstoren. Maar intussen hebben ze zelf luid geprotesteerd tegen het bezoek van de vertegenwoordiger van het Kruis dat voor hen synoniem is aan kruisvaarders, inquisitie en Jodenvervolging. Hun laatste eis luidt dat de paus zijn kruis afdoet bij zijn bezoek aan de Klaagmuur.

Eerder al hadden de opperrabbijnen geweigerd de paus bij de Klaagmuur te ontmoeten. Hij moest maar naar hen toe komen. Dat doet hij nu ook.

Er is deze dagen geen voorbeschouwing te vinden waarin de pelgrimstocht van de paus niet beschreven wordt als een kunststukje in het politiek balanceren, niet alleen tussen joden, moslims en christenen, maar ook tussen Israëliërs en Palestijnen. 'Holy visit, holy land, holy mess' kopte een van de kranten het bezoek. Een ander blad sprak van een 'bedevaart in de leeuwenkuil'.

De paus bezoekt Israëls president Ezer Weizman in Jeruzalem, en ontmoet de Palestijnse leider Jasser Arafat in Bethlehem. Hij gaat op visite bij de opperrabbijnen en hij is te gast bij de islamitische geestelijke leider. Maar zelfs deze zorgvuldig uitgekiende evenwichts-act roept slechts politieke, religieuze en historische rivaliteiten op.

Zo brengt de paus een bezoek aan een Palestijns vluchtelingenkamp, als een soort tegenwicht voor zijn bezoek aan Jad Wasjem. De Israëliërs kunnen de vergelijking tussen holocaust en Palestijns leed niet echt appreciëren.

En dan is er nog de strijd om Jeruzalem.

Opperrabbijn Lau ziet in de aanwezigheid van de paus in Jeruzalem een erkenning van de Israëlische soevereiniteit daar. De Palestijnen beweren exact het omgekeerde: de paus slaapt tenslotte alle zes nachten in (Arabisch) Oost-Jeruzalem. En burgemeester Olmert van Jeruzalem is kwaad dat hij niet bij het bezoek aan de Tempelberg mag zijn, waar de paus Palestijnse hoogwaardigheidsbekleders ontmoet. ,,Het is een aantasting van de Israëlische soevereiniteit", briest de burgervader.

Toch is voor Israël het huidige bezoek heilig vergeleken met het eerste bezoek van een paus, in 1964. Toen kreeg paus Paulus VI de naam Israël niet over zijn lippen. Hij sprak president Sjazar aan met 'excellentie' en niet met president, en reisde dezelfde avond nog terug naar Jordanië om toch vooral maar niet in Israël te hoeven overnachten. Bij thuiskomst in het Vaticaan zond Paulus VI een bedankbriefje geadresseerd aan: 'Mr. Sjazar, Tel Aviv' -niet Jeruzalem waar de Israëlische president zetelt.

Zestig jaar daarvoor was de allereerste ontmoeting tussen het zionisme en het Vaticaan nog rampzaliger verlopen. Dat was in 1904. De Weense journalist Theodor Herzl had alle moeite gedaan voor een audiëntie bij paus Pius X. Hij hoopte op steun van Rome voor zijn toen nogal fantastisch klinkende plannetje om de Joden in Palestina te vestigen. In het onderhoud, dat 25 minuten duurde, wond Pius X er geen doekjes om: ,,De joden hebben onze Heer niet erkend en daarom kunnen wij het joodse volk niet erkennen.'' De paus waarschuwde dat ,,als de heer Herzl naar Palestina gaat en hij en de joden zich daar vestigen, wij de kerken en priesters erop zullen voorbereiden hen te dopen.''

,,Het zesdaagse bezoek van paus Johannes Paulus II is een reuzensprong in de verhouding tussen de katholieke kerk en de joden'', zegt Jadin Roman, expert in de oorsprong van het christendom. Volgens Roman vertegenwoordigt het jongetje dat opgroeide in Wadowice en de schoolbanken deelde met joodse vriendjes, een andere kerk. Hij brengt op zijn reis een nieuwe leer met zich mee, waarin de Joden niet langer verdoemd zijn. Hij is de eerste paus die spreekt over het recht van de Joden op terugkeer naar hun land, hij is de eerste die antisemitisme als een zonde bestempelt, en de eerste die de Joden beschrijft als 'de oudere broeders van het christendom'. Hij is de eerste paus die Auschwitz bezocht, dat overigens vlak bij zijn geboortedorp ligt. Hij is de eerste paus die in Rome een dienst in een synagoge bijwoonde. En hij trotseerde de protesten in zijn eigen Vaticaan en knoopte diplomatieke betrekkingen met Israël aan.

,,De meeste Israëliërs hebben geen idee wat deze paus allemaal vertegenwoordigt'', verzucht Roman. ,,Het interesseert ze niet. Je kan in Israël ook niet in een boekhandel een Nieuw Testament kopen. Israëliërs schrikken er van terug. Kijk, ik heb bij de deur hier een heel mooi portretje van Jezus. Er is geen mens die als hij hier mijn kamer verlaat niet terugdeinst en vraagt wat dat hier moet. Het hele onderwerp van de oorsprong van het christendom, de gezamenlijke wortels, de geschiedenis van de kerk, wordt nauwelijks onderwezen, tenzij het om de inquisitie gaat of de rol van de kerk in de holocaust. Daarmee houdt onze kennis op. Israëliërs zien het bezoek van de paus op zijn best als een folkloristische en toeristische attractie.''

Sergio Minerbi vertegenwoordigt de sceptici binnen het kleine groepje Israëliërs dat zich met de verhouding tot het Vaticaan bezig houdt, en dat voornamelijk met zichzelf in discussie is. De oud-diplomaat noemde het deze week tijdens een symposium over de relatie met het Vaticaan geen toeval dat de paus in zijn Mea Culpa de holocaust 'vergat' te noemen. Hij denkt ook niet dat de paus die kerkelijke schuldbekentenis 'bewaard' heeft voor zijn bezoek aan Jad Wasjem.

De paus, stelt Minerbi, heeft tot nu slechts gesproken over 'kinderen van de kerk' die waren afgedwaald, maar hij heeft nooit schuld van de kerk als instituut aanvaard voor de jodenvervolging. Hij wil ook nog altijd zijn voorganger Pius XII heilig verklaren, dezelfde Pius XII die op zijn minst kan worden beschuldigd van een oorverdovend zwijgen tijdens de holocaust.

Minerbi verwijt de katholieke kerk de holocaust te willen 'ontjoodsen', waarbij zij zichzelf als slachtoffer van het nazisme presenteert. Het voorbeeld is de heiligverklaring van Edith Stein, een jodin die non werd en toch -als jodin- naar Auschwitz werd gedeporteerd. De dag van haar heiligverklaring is door de kerk tot herdenkingsdag van de holocaust gemaakt.

De voornaamste reden voor het pauselijk bezoek, meent Minerbi, is helemaal niet de joods-christelijke dialoog. De paus komt in de eerste plaats om de uitgedunde christelijke gemeenschap in het Heilige Land een hart onder de riem te steken en om de positie van het Vaticaan in Jeruzalem te versterken. Officieel, zo stelt ook het Vaticaan, heeft het bezoek helemaal niets met politiek te maken, is het een bedevaart 'in de voetsporen van Jezus'.

De uitnodiging van Israël aan Johannes Paulus II is 22 jaar oud. Toen, bij zijn installatie, reageerde de paus dat zo'n bezoek 'een dag van grote vreugde voor hem zou zijn'.

Het worden zes dagen. Hoe vreugdevol moet nog blijken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden