Patstelling rond Macedonie Bemiddelaar Cyrus Vance brengt partijen niet nader

AMSTERDAM - “Het was geen slecht gesprek, maar ik denk niet dat we veel vooruitgang hebben geboekt.” Cyrus Vance als diplomaat. Oftewel: de betrekkingen tussen Griekenland en Macedonie zitten nog altijd in het slop.

NICOLE LUCAS

Donderdag voerde Vance, als VN-gezant, in Geneve gesprekken met de Griekse minister van buitenlandse zaken Karolos Papoulias en diens collega, Stevo Crvenkovski, uit 'Skopje', zoals de Grieken hardnekkig aan hun noorderburen refereren. Onderwerp van gesprek: de door de Grieken op 17 februari afgekondige boycot jegens Macedonie. Nieuw zijn de problemen niet. Al sinds de armste Joegoslavische deelrepubliek zich op 17 november 1991, zeer aarzelend, onafhankelijk verklaarde, heeft Griekenland op alle mogelijke manieren duidelijk gemaakt daar niet mee ingenomen te zijn. Want Griekenland heeft het alleenrecht op de naam Macedonie, zo luidt de redenering, en dat 'Skopje' zich die naam toeeigent, kan niet anders dan duiden op territoriale ambities. Het feit dat de ster van Vergina, het symbool van Alexander de Grote, de vlag van dat land siert, is slechts als een bevestiging van dat vermoeden te interpreteren. Dat Macedonie middels een preambule bij de grondwet heeft laten weten geen territoriale ambities te hebben, noch zich te zullen bemoeien met de interne aangelegenheden van andere landen, doet daar niets aan af. Net zomin als het feit dat het land nauwelijks een leger heeft (15 000 lichtbewapende manschappen, 40 piloten, maar geen vliegtuig).

De landen van de Europese Unie zijn door Griekenland de afgelopen twee jaar zwaar onder druk gezet die redenering te volgen; van de landen die dat niet deden, werden de produkten in de ban gedaan. En om Kiro Gligorov, de president van Macedonie, tot inschikkelijkheid te bewegen, sloot Griekenland in augustus 1992 voor bijna een half jaar de grenzen voor de noorderbuur. De vorige maand afgekondigde boycot is wat dat betreft niet meer dan een herhaling van zetten. Er veel mee opschieten doen de Grieken niet. Binnen

de Europese Unie is de irritatie over de Griekse houding zo langzamerhand zo groot geworden, dat gedreigd is de lidstaat voor het Europees Hof van Justitie te slepen. En meer en meer landen (als laatste onlangs de VS) hebben Macedonie inmiddels toch erkend: hetzij onder die naam, hetzij als Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonie (Fyrom), onder welke titel het tot de VN is toegelaten.

Voor Macedonie (2,3 miljoen mensen op een gebied iets groter dan Nederland) betekent de Griekse houding in de eerste plaats economische malaise en grote onzekerheid over de toekomst. Het was al het minst welvarende deel van het voormalige Joegoslavie en heeft bovendien zwaar te lijden van de jegens klein-Joegoslavie door de VN afgekondigde sancties. Daardoor verloor het niet alleen een groot deel van zijn afzetmarkt, maar ook de belangrijkste transportroutes richting het noorden.

Het getalm met de erkenning betekende dat internationale geldschieters wegbleven en het recente verbod om gebruik te maken van de Griekse haven van Thessaloniki is een nieuwe klap. De economie van het geheel door land omgeven Macedonie is voor een groot deel afhankelijk van doorvoer door Griekenland. Wijs geworden door de eerste boycot is het land wel bezig steeds meer gebruik te maken van de veel kleinere haven in het Bulgaarse Burgas, maar de extra transportkosten bedragen maandelijks gemiddeld 10 miljoen gulden.

Het is een malaise die conflicten in de hand kan werken. Want ook Macedonie kent zijn extremisten. Enerzijds onder de Macedoniers zelf, waarvan een klein deel stiekeme verlangens heeft naar een Groot-Macedonie (dus inclusief, inderdaad, een deel van Griekenland en een deel van Bulgarije). Anderzijds onder de Albanezen in Macedonie, die tussen de 20 en 40 procent van de bevolking uitmaken en die niet tevreden zijn met hun positie. Ze vinden dat ze worden gediscrimineerd en ervaren het als een belediging dat ze in de grondwet slechts als 'minderheid' worden genoemd.

De door de wol geverfde Gligorov is er tot nu toe in geslaagd extremisten in beide kampen in bedwang te houden. Maar dat wordt steeds moeilijker. Zo hebben op het jongste partijcongres van de Albanese PDP (Partij voor Democratische Welvaart, de grootste partij van Albanezen in Macedonie) vorige maand de meer radicalen de macht gegrepen. Die spreken er nog niet openlijk over, maar ze denken wel aan aansluiting bij Albanie.

Het zorgt alles bij elkaar voor een gespannen sfeer in de kleine republiek. En het feit dat klein-Joegoslavie onlangs het luchtruim sloot voor vliegtuigen uit Macedonie draagt er ook niet toe bij de toekomst met erg veel optimisme tegemoet te zien.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden