Pastorie wordt straks blok aan ieders been

Protestantse gemeenten zijn volgens landelijke regels verplicht hun dominee een pastorie aan te bieden. Daarover ontstaat nu discussie.

Dominees kunnen beter een eigen huis kopen dan de pastorie betrekken. Dat is goed voor hen én voor de kerk, vindt Wim Oudheusden.

Hij heeft een adviesbureau in Loosdrecht, dat de financiële belangen van 2600 dominees behartigt. Die kregen deze week allemaal dit advies opgestuurd. Oudheusden was ooit adviseur van de Bond van Nederlandse Predikanten (BNP).

Dominees hebben inderdaad een probleem, zegt directeur Tobias Bos van de BNP (3600 leden). Kon een predikant die met pensioen ging zich vroeger net als de dokter en de notaris een knap huis veroorloven, met de gestegen huizenprijzen is dat nu onmogelijk. Het jarenlange verblijf in de pastorie heeft het opbouwen van vermogen belemmerd.

Volgens de regels van de Protestantse Kerk in Nederland zijn plaatselijke kerken verplicht te zorgen voor een ’passende woning die door de predikant en het gezin gebruikt moet worden’.

Dat is voor zowel de dominee als de gemeente een dure verplichting, zegt Oudheusden. Hij rekent voor hoe het anders kan.

Een ’gewoon’ koophuis komt voor de dominee binnen bereik als de gemeente helpt met een renteloze lening van, zeg, een ton. Dat geld kan komen uit de verkoop van de pastorie.

Alle partijen doen daar hun voordeel mee, stelt Oudheusden. De kerk kan het verkregen vermogen rustig laten groeien en wint jaarlijks tien- tot vijftienduizend euro. De predikant bouwt kapitaal op door de waardevermeerdering van de eigen woning. Bovendien is het huisvestingsprobleem bij emeritaat dan ook opgelost; nu moeten dominees na pensionering de pastorie uit.

Belastingadviseur Henk-Jan Versteeg rekent predikanten graag voor of het slim is een pastorie te betrekken of een huis te kopen. Versteeg werkt bij een accountantskantoor in Veenendaal dat vooral de rechterflank van de kerken bedient. Zeer behoudende predikanten zien niet snel van de pastorie af, zegt hij.

Bovendien: wil een koophuis profijtelijk zijn, dan moet je niet te snel een beroep uit een andere gemeente krijgen. „Je kunt nooit voorspellen wanneer die roeping komt”, zegt Versteeg. „Is dat na vier jaar, dan levert een eigen huis verlies op. Dat is een risico waar ik dominees op wijs.”

Versteeg vermoedt een verband tussen de ’modaliteit’ (behoudend of liberaal) van de predikant en diens ’mobiliteit’: waarschijnlijk verkassen bevindelijke dominees vaker.

Versteeg benadrukt dat zónder renteloze lening van een gemeente een koopwoning voor een dominee nauwelijks rendabel te krijgen is. Maar ook mét een lening schuilt er een addertje onder het gras: de belastingdienst. „Ik ben benieuwd wat die van zo’n gratis lening vindt.”

Het kopen van een eigen woning lijkt aantrekkelijk, maar directeur Bos van de predikantenbond is nog niet overtuigd van de voordelen. Hij somt de bezwaren op.

„Vind in een dorp maar eens een goede koopwoning. En stel: een gemeente biedt, in overleg met de predikant, geen pastorie aan. Die wordt verkocht. Vervolgens raakt de kerk vacant en moet ze op zoek naar een nieuwe dominee. De gemeente is verplicht die een passend huis aan te bieden. Waar haalt ze dat vandaan? Of moet ze zeggen: je mag hierheen komen, maar dan moet je zelf een huis kopen?”

Oudheusden ziet in zijn rekenvoorbeeld vooral voordelen: een ’win-winsituatie’.

Bos sluit zich aan bij de bedenkingen van belastingadviseur Versteeg. „Het is haalbaar als een predikant tien, vijftien jaar blijft. Vertrekt hij of zij na vijf jaar, dan is er helemaal geen winst.” Volgens de predikantenbond kan de oplossing van Oudheusden de mobiliteit van dominees zelfs negatief beïnvloeden.

De regeling die plaatselijke kerken verplicht een pastorie aan te bieden, wordt nu al flink uitgehold, zegt Bos. Hij schat dat een kwart van alle predikanten géén pastorie bewoont.

Oudheusden vindt dat de kerkelijke regels moeten worden aangepast. „Neem erin op dat de plaatselijke gemeente verplicht is predikanten te helpen huisvesten. Dan ben je van de problemen af.”

Directeur van de Vereniging voor kerkrentmeesterlijk beheer, H. Roth, beaamt dat de vrijheid voor gemeente en predikant ’groter moet worden’. Het voorstel van Oudheusden, met leningen, ziet Roth niet zitten, maar hij erkent dat pastorieën op termijn ’een blok aan het been zijn’. Roth stelt dat de pastorie haar langste tijd gehad heeft. „De burgemeester heeft tegenwoordig toch ook geen ambtswoning meer?”

Bos’ bond wil dit jaar de pastoriekwestie nader bestuderen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden