Passie en gedrag, daar gaat het Romme om

Interview Liga-ploeg kreeg onder de twee-eenheid Timmer-Romme een belangrijke duw in de goede richting

CALGARY - Twee weken geleden. In de catacomben van Thialf vertelt Yvonne Nauta enthousiast over haar Nederlandse titel op de vijf kilometer. Won ze onverwacht - slechts weinig kenners hadden rekening gehouden met een wederopstanding van het talent van weleer. Als Gianni Romme naast haar komt staan, valt ze even stil. "Ik heb haar moeten overtuigen", zegt Romme stralend. "Ze wist nog niet dat ze een langeafstandsschaatsster was. Maar nu wel." Als Romme verder loopt, schudt Nauta even lichtjes met het hoofd, ze kan maar niet geloven dat Romme gelijk heeft gehad.

Aan een tafeltje op de campus van de Universiteit van Calgary nipt Romme een dag of twaalf later van een kop cappuccino. Behoedzaam steekt hij af en toe een stukje bananencake in zijn mond. De voormalig olympisch kampioen - twee keer goud in Nagano, 1998 - is nog steeds de spraakwaterval die hij als schaatser ook al was. Zijn aanstekelijk enthousiasme heeft er niet alleen voor gezorgd dat Yvonne Nauta haar belofte op het NK inloste. Hij lijkt de vrouwenploeg van Liga een belangrijke duw in de goede richting te hebben gegeven. Op papier als assistent van hoofdcoach Marianne Timmer. "Noem het maar zoals je wilt", zegt hij er zelf over. "Wij zijn een twee-eenheid."

Romme stopte in 2006 met zijn loopbaan als professioneel schaatser. Het ging niet meer, zegt hij er zelf over. Daarna zwierf hij door Europa. Hij werd de coach van Anni Friesinger, werkte in Duitsland en werd bondscoach van Italië. Terug in de moederschoot van het schaatsen is hij tot de conclusie gekomen dat hij Nederland heeft gemist. "Ik ben weer thuis", zegt hij, aan de vooravond van de eerste wedstrijd om de wereldbeker in het Canadese Calgary. "In Italië was het prestatieniveau nooit zo hoog als in Nederland. Er was geen enkele interne druk. Ik merk dat ik dat heb gemist."

Eigenlijk zegt hij meer. Dat hij het als bondscoach van Italië moeilijk heeft gehad. Als olympisch kampioen begreep hij niet waarom zijn schaatsers er niet vol voor wilden gaan. Omdat de concurrentie in Italië - zwak uitgedrukt - nogal magertjes was, leefden zijn schaatsers niet volledig toegewijd aan de sport. "Dat was wel een probleem. Ik kon de manier waarop zij met hun sport omgingen niet begrijpen. Ze zaten daar zes treden lager op de ladder dan ik. Ik heb daar enorm veel geleerd. Gedrag en passie maken het verschil. Maar dat kon ik niet voldoende duidelijk maken. Deels omdat ik de taal niet goed genoeg sprak en deels omdat het er gewoon niet in zat."

Terug in Nederland, aan de zijde van Marianne Timmer, is dat vooral waarop hij hamert: passie en gedrag. Timmer en Romme waren in Nagano goed voor liefst vier gouden medailles. In zijn huidige functie probeert hij de vrouwen van Team Liga te sturen, ze duidelijk te maken dat het de sport niet alleen draait om talent. Romme: "Kampioenen hebben altijd iets speciaals." Als schaatsers waren Timmer en Romme dat. Ze wonnen grote prijzen, durfden in zichzelf te geloven. "Dat is precies wat ik nu doe. Ik probeer de passie van onze schaatssters aan te wakkeren. Wees blij met wat je doet! Geniet van een goede dag op de training! In die rol kan ik mezelf heel goed kwijt."

Door de komst van Romme lijkt de sfeer bij Team Liga te zijn veranderd. Marianne Timmer oogt meer ontspannen dan in voorgaande jaren. Romme: "Dat is toch logisch? In vorige seizoenen was het soms meer een bokswedstrijd dan iets anders. Ze moest met de assistenten van toen continu in conclaaf. Dat gaf haar enorm veel stress. En andersom heb ik het bondscoachschap van Italië enorm onderschat. Nu doen we het echt samen. Echt samen hè. Natuurlijk denken wij over sommige zaken anders, maar dat houden we binnenskamers. En ook belangrijk: ik wil het niet van haar overnemen. We hebben van te voren onze taakverdeling heel goed afgesproken en daar houden we ons aan."

En toch. De twee kampioenen van weleer hebben het soms moeilijk om de schaatsers van nu te begrijpen. Romme maakte van zijn hobby - schaatsen - zijn beroep. En nog steeds is het de hartstocht voor de schaats en het ijs die hem drijft. Bij de nieuwe generatie schaatsers mist hij die intrinsieke motivatie wel eens. "Het is soms te zakelijk, niet echt een way-of-life. Vergelijk het met een gitarist. Je kunt miljoenen verdienen met je muziek, maar in essentie draait het maar om één ding: de gitaar. Een gitarist ademt muziek, ademt zijn gitaar. Dat mis ik wel eens bij de schaatsers van nu."

"Als schaatser moet je ook iets willen creëren. Een vol stadion laten ontploffen. Dát. Kijk naar Kramer. Die heeft dat nog wel. Ik kwam hem hier tegen en toen was hij net buiten wezen fietsen. Daar had hij van genoten. Hij ademt ook die passie, dat gevoel. Maar er zijn natuurlijk ook schaatsers die dat minder hebben. En dat is wel eens lastig om mee om te gaan. Omdat zowel Marianne als ik dat natuurlijk wel hebben gehad. Ik zeg dan: doe wat je doet heel goed. Leef ervoor! Een absolute winnaar heeft alles van nature. Anderen moeten het leren. Ik probeer de meiden van ons team te laten geloven in zichzelf. Daar begint het mee toch?"

De lichaamstaal van Romme werkt aanstekelijk. Hij gebruikt zijn armen, verheft soms zijn stem. Te midden van honderden studenten op de campus in Calgary spreekt hij bevlogen over zijn vak. Dat het hem weinig moeite kostte om trainer te worden. Ging eigenlijk vanzelf. Toen er voor hem geen plaats meer was bij DSB (van trainer Jac Orie) besloot hij zelf een trainingsgroepje op te zetten. Aanvankelijk om zelf ook nog als schaatser actief te kunnen zijn, maar die droom vervloog al snel. Daarna schreef hij de trainingsschema's, was hij plots coach. "Zoiets moet in je zitten. Je leert het vak op de schaatsbaan en daarbuiten."

Uiteindelijk haalde hij ook zijn papieren. Nu wil hij zich bekwamen in de mentale begeleiding van sporters. Ook daarvoor deed hij een cursus. De meiden van Team Liga hebben er baat bij.

"Ik wil weten hoe mensen in elkaar zitten", zegt Romme. "Al weet ik ook dat je niet alles kunt leren. Trainer zijn en een goed team leiden heeft vooral te maken met chemie en persoonlijke betrokkenheid. En ik ben daarin dienend. Ik heb nooit geschaatst voor het applaus. Ik wilde winnen, de beste zijn. Daar schaatste ik voor. Ik hoef niet op de voorgrond, daar heb ik het nooit voor gedaan."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden