Pas op, waarschuwt de Oeso: zeeën lijden onder overexploitatie

De 'oceaan-economie' bloeit, maar weten landrotten daar wel mee om te gaan?

Wij landwezens verdienen jaarlijks voor zo'n 1,5 biljoen dollar aan 's werelds oceanen, ofwel 2,5 procent van wat er wereldwijd in een jaar aan inkomsten binnenkomt. En over vijftien jaar kan dat zo maar 3 biljoen zijn, denkt de Oeso. Want in die oceanen schuilt de belofte van nog onmetelijk veel meer rijkdom, een begeerlijke buit voor een onstuimig groeiende wereldbevolking die toch ergens van moet eten.

Maar let op: zee is geen land, waarschuwt de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso). Dat klinkt als een open deur, maar de denktank voor rijke landen maakt zich enigszins zorgen. Omdenken blijkt niet eenvoudig voor landrotten: 'Concepten en technieken die worden toegepast in planning en management op zee zijn dikwijls geleend van gewoontes en praktijken op land'.

Olie- en gaswinning, goed voor een derde van wat de oceaan oplevert, is de grootste bron van inkomsten. Daarnaast drijft de 'oceaan-economie' op windmolenparken, visserij en kwekerijen, biotechnologie, scheepsbouw, transport en havens, en pleziervaart. De vergrijzende wereldbevolking blijkt zo dol op cruises, dat zee-toerisme een kwart van die 1,5 biljoen dollar binnenbrengt. Omdat olie- en gaswinning krimpt, staat zee-toerisme in 2030 zelfs op één.

In 2010 boden de oceanen zo'n 31 miljoen voltijds banen. In 2030 zijn dat er 40 miljoen, schat de Oeso, al geeft ze onmiddellijk toe dat dat een beetje nattevingerwerk is. Bij gebrek aan gegevens is dat aantal lastig in te schatten.

Drie jaar lang zette de organisatie een onderzoeksteam op deze slecht gedocumenteerde economie, omdat de oceanen lijden onder overexploitatie, vervuiling, afnemende biodiversiteit en klimaatverandering, aldus de Oeso. Grotendeels veroorzaakt door economische activiteit op land trouwens; zo absorberen de oceanen meer CO2 als er meer van dat broeikasgas in de lucht zit. En zo vervuilt het water.

De Oeso noemt die CO2-opname een 'dienst' die zich niet in markttermen laat kwantificeren, maar die wel een plek verdient in de definitie van de oceaan-economie.

Probleem is dat grote delen van de oceanen van niemand zijn. Of van iedereen, een kwestie van perceptie. Daar, en zelfs in de zogenaamde 'exclusieve economische zones' voor de kust, waar individuele landen wél enige zeggenschap hebben, bepalen van oudsher de sectoren wat er gebeurt: de olie-industrie, de transportsector, noem maar op. Er is geen wereldautoriteit die de regie neemt en afdwingt dat de oceanen worden behandeld zoals ze verdienen: als een onmetelijk groot, diep en welgevuld water.

Die diepe, niet-doorzichtige oceaan vinden mensen maar lastig, stelt de Oeso vast, gewend als we zijn aan vaste grond en transparante lucht. Natuurlijk bestaat er technologie die onder water meet, maar die komt lang niet tot de oceaanbodem. Dus wat er in die diepte omgaat en vooral wat er door menselijke activiteit verandert, stellen we maar zeer gebrekkig vast.

En iets wat planners lang niet altijd meenemen: water stroomt. Wat mensen op één plek doen, kan duizenden kilometers verderop effect hebben. Oceaanbewoners zijn soms al even beweeglijk; ze gaan veel sneller en leggen veel grotere afstanden af dan landdieren. Wil je die beesten beschermen, dan moet je denken in snelheid en afstand; een hek om hun biotoop - niet ongebruikelijk bij orang-oetan of korenwolf - dat werkt niet.

Gelukkig zijn er volop innovaties: betere sensors, sateliettechnologieën, big data analyses en nanotechnologie. Of gelukkig? Regelgeving en toezicht kunnen die snelle technologische veranderingen nauwelijks bijbenen, schat de Oeso in. Een complicerende factor: de tijd dat de VS en hun partners de dienst uitmaakten, is voorbij.

Het aantal machtscentra neemt toe - met China als grootste nieuwe speler - en dat maakt het lastiger om consensus te bereiken over mondiale én regionale kwesties die cruciaal zijn voor het oceaanmilieu en -industrieën.

Dus, denkt de Oeso, blijven de sectoren nog wel even de dienst uitmaken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden