'Pas is eerder literair dan brute realiteit'

AMSTERDAM - De onverhoedse bezoeker stuitte zaterdag op slapstick-achtige taferelen in en rondom de Amsterdamse Westermarkt, dat die middag in het teken stond van de Dag van de Zwembadpas. Deze eigenaardige manier van hardlopen van Kees, held uit de klassieker 'Kees de Jongen' van Theo Thijssen, is fameus in de literatuur. De Zwembadpasdag bestond uit een mengeling van flauwekul en ernst, een wirwar van wild zwaaiende armen en hoog in de lucht gegooide benen, en bovenal veel liefhebbers van het werk van Theo Thijssen.

De Westerkerk zat vol met 'Kees de jongen'-fanaten die met spanning wachtten op de ontsluiering van het fenomeen zwembadpas. Fred Roodenburg (64), vriend van de Stichting Theo Thijssen, juicht het initiatief toe. Zijn ogen lichten op wanneer hij aan 'Kees de jongen' terugdenkt. ,, Ik identificeerde me met de fantasie van die jongen.'' Thijssen roemt hij als een baanbrekend schrijver met een unieke gedachtewereld. ,,Als kleine jongen voetbalde ik eens met Thijssens kleinzoon midden op straat in Amsterdam-West. We kregen bijna een bekeuring, ware het niet dat de naam Thijssen zo'n indruk maakte op de politieagent dat deze ervan afzag.''

Bewegingswetenschapper Piet van Wieringen oogstte succes met zijn uitleg over de ergonomie van de zwembadpas. Hij concludeert dat deze om fysiologische redenen zeer af te raden is. ,,Het is dan ook eerder een literaire pas dan een pas in de brute realiteit.'' AT5-hoofdredacteur Matthijs van Nieuwkerk verklaarde waarom geen andere fan tegen hem kan opboksen: ,,Ik woon naast het Theo Thijssen Museum, mijn kinderen gaan naar de Theo Thijssen-school en mijn zoon heet Kees.''

Hoewel de deelname minder massaal was dan verwacht, waren de Eerste Nederlandse Zwembadpas-kampioenschappen een lust voor het oog.

Rest de vraag: wat is de precieze vorm van de fameuze zwembadpas? Dat het een soort continue valbeweging is, daar zijn de liefhebbers het over eens, maar over het heen en weer bewegen van de armen verschillen de meningen. Zwaaien de armen nou van voren naar achteren, van links naar rechts of een beetje schuin zoals bij schaatsers?

Peter-Paul de Baar van de Stichting Theo Thijssen sluit in ieder geval uit dat er crawl-achtige bewegingen aan te pas komen: ,,Dat is een misverstand. De zwembadpas heeft niet met zwemmen te maken, het was voor Kees een manier om snel van school naar het zwembad te komen.'' Van Wieringen onderscheidt drie stromingen: sagitalisten zwaaien hun armen langs het lichaam, terwijl transversalisten hun armen voor het lichaam laten bungelen. Diagonalisten, ten slotte, zwaaien van links naar rechts met een lichte neiging achterwaarts.

Zéker is dat Kees de pas leert van een vriendje dat bij een gymnastiekvereniging zit. Een fragment uit de roman: ,,Als je 's goed opschieten wou; moest je voorover gaan lopen, net of je telkens viel, en dan maar met je armen zwaaien, heen en weer. Op deze manier van lopen lei Kees zich speciaal toe; d'r hóórden wel gymnastiekpantoffeltjes bij, maar 't voornaamste was toch, dat je armen heen en weer gingen.'' De rest blijft giswerk.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden