Partizaan van de Biesbosch vond zijn verzetsdaden allemaal niet zo bijzonder

De Amerikaanse president Dwight D. Eisenhower stuurde hem een persoonlijk gesigneerde dankbetuiging voor zijn verzetswerk in de Tweede Wereldoorlog. Zelf omschreef hij zijn heldendaden als koerier, als Partizaan van de Biesbosch, bescheiden als 'ik heb een beetje heen en weer gevaren'.

Hij was opstandig geboren, zei hij vaak. Graag schetste hij dan zijn eerste daad van verzet. Kwajongensgedrag nog. Maar Piet van den Hoek vond dat het daar allemaal was begonnen, als negentienjarige in het eerste jaar van de oorlog. "Ik schilderde samen met een vriend regelmatig leuzen op de muur nadat we naar catechisatieles waren geweest. Totdat we een keer bijna betrapt werden door enkele Duitsers. We hebben toen net gedaan alsof we een vrijend paartje waren. Ze liepen zonder iets te zeggen voorbij."

De jongeman uit Leerdam piekerde er even later niet over zich te melden voor de Duitse Arbeitseinsatz. Hij werd in 1942 opgepakt en in Keulen aan het werk gezet. In een interview in het Algemeen Dagblad, in mei 2001, vertelde hij dat hij daar eerst de schade die door bombardementen was ontstaan, moest repareren. Later deed hij niets anders dan mensen uitgraven. "Een schuilkelder vol dode mensen. Opa's met hun kleinkind nog op schoot. Dat beeld vergeet je nooit meer."

Het maakte hem nog opstandiger. Tijdens zijn verlof in november 1943 dook hij onder. Hij vond uiteindelijk onderdak op een ark in de Biesbosch, waar steeds meer mannen zich schuil hielden. Zo ontstond in de zomer van 1944 de verzetsgroep 'De Partizanen van de Biesbosch', een koeriersdienst tussen het al bevrijde zuiden en het nog bezette gebied boven de grote rivieren. Met gevaar voor eigen leven roeiden de Partizanen, of 'crossers' in opdracht van het Bureau Inlichtingen van de Nederlandse regering op en neer tussen Werkendam en Drimmelen en tussen Sliedrecht en Lage Zwaluwe. Dwars door de Biesbosch waar Duitsers met zogeheten 'snelboten' de frontlinie in de gaten hielden.

De 'crossline' was in eerste instantie bedoeld om militaire informatie te smokkelen. Maar Van den Hoek en de andere twintig crossers roeiden ook neergestorte geallieerde piloten naar de andere kant en namen medicijnen mee uit het veilige deel van het land. "Ik heb een beetje heen en weer gevaren", zo bagatelliseerde hij dat werk. Als hem werd gevraagd of hij wel eens echt bang was geweest, zei hij: 'Nee, maar ik was wel altijd op mijn hoede'. Als een held zag hij zichzelf absoluut niet: "Ik had nooit het idee dat het allemaal nu zo bijzonder was, maar anderen vertellen je dat achteraf."

Het was bijzonder. En bijzonder gevaarlijk. Aaike Arie van Driel, meestal zijn vaste maatje tijdens de oversteek in de corjaal - een kleine, smalle kano, werd tijdens zijn 54ste crossing door de Duitsers gesnapt. Vijf dagen voor het einde van de oorlog maakte een executiepeloton in Fort De Bilt een einde aan zijn leven. Van den Hoek was er die dag toevallig niet bij geweest.

In januari 1945 liep het bijna verkeerd af voor Van den Hoek. In het AD vertelde hij luchtig over die angstige momenten: "We kwamen tijden een tochtje onder vuur te liggen. Toen mijn maat en ik dachten dat we veilig waren, liepen we zo in de armen van een Duitse wacht. Het verhaal dat we de oversteek hadden willen maken om onze vriendinnen in het vrije Brabant te bezoeken, werd geslikt. En dat terwijl ik een Engelse nachtkijker om mijn nek had hangen."

De Duitse commandant pikte de nachtkijker in, Van den Hoek werd als krijgsgevangene naar werkkamp Waterloo bij Amersfoort gebracht. Dat is het moment dat zijn ouders misschien zijn gaan vermoeden dat hun zoon in het verzet zat, zei hij later. Ze dachten dat hij bij een boer werkte.

Van den Hoek slaagde erin uit het kamp te ontsnappen en voer tot de bevrijding verder. Koningin Wilhelmina sloeg hem op 30 augustus 1948 tot ridder 4de klasse in de Militaire Willemsorde.

Van den Hoek was al enige tijd ernstig ziek. Toen koning Willem-Alexander in december vorig jaar commando Gijs Tuinman de orde opspeldde, kon Van den Hoek er om gezondheidsredenen niet bij zijn. Een dag later kwam het tot een ontmoeting tussen de twee helden. Hij had er graag bij willen zijn, bij de ceremonie op het Binnenhof, zei de 93-jarige Werkendammer. Maar: "Op mijn leeftijd moet je niet te lang op de tocht gaan staan."

Cornelis Pieter (Piet) van den Hoek werd geboren op 7 juni 1921 in Leerdam. Hij stierf op 12 februari 2015 in Werkendam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden