'Parterre, garnituren en naaidozen!'

'Pippi Langkous' draait al jaren in de bioscopen, maar 'Minoes' is nog nooit verfilmd. Geen enkel kinderboek van Annie M. G. Schmidt. De achterstand op Astrid Lindgren lijkt nu te worden ingehaald. Er zijn vergaande plannen om het gehele oeuvre van de beroemdste Nederlandse auteur te verfilmen. Walt Disney mag zich er niet mee bemoeien, maar de regisseurs Ben Sombogaart en Orlov Seunke hebben deze maand toestemming gekregen om een scenario te schrijven voor 'Abeltje' en 'Pluk van de Petteflet.' De eerste premiere wordt volgend jaar verwacht. De schrijfster, uitgever, omroepchef, producent en regisseur over het ambitieuze miljoenenproject.

In de kleine cabine scheiden zich op dat moment de geesten. Passagiers die nog nooit van Abeltje hebben gehoord, halen hun schouders op. Toevallig moeten ze op de bovenste etage zijn, ja, maar wat dan nog? Daar weten de mede-reizigers die het boek van Annie M. G. Schmidt kennen wel een antwoord op.

De lift zou wel eens het dak van het warenhuis uit kunnen vliegen om te landen in het Central Park van New York of het presidentiele paleis van Quoquapepapetl. En dat mag dan avontuurlijk zijn, maar thuis wacht een ziek kind of een dorstige papegaai. Dus hopen de meesten dat de lift niet verder gaat dan het dak.

'Abeltje', het verhaal over 'The Flaaing Lift', verscheen voor het eerst in 1953, twee jaar later gevolgd door 'De A van Abeltje'. Het eerste boek komt nu al uit in de 23ste druk. Generatie na generatie kent dus de liftjongen van warenhuis Knots in zijn vuurrode pak met gouden knopen. Met zijn clientele: juffrouw Klaterhoen die in de hele wereld zangklasjes vormt; meneer Tump die ontdekt dat zijn anti-mottenballen ook helpen tegen de lila ziekte. En Laura Suikervliet die fantastisch kan optreden met haar konijn Sam.

Naar het uiterlijk van de liftvaarders hoeven de lezers niet te raden, want er staan plaatjes bij het verhaal. Die werden oorspronkelijk gemaakt door Wim Bijmoer en in 1980 door The Tjong Khing. Maar Abeltje heeft nog nooit hoorbaar 'Dames en heren, parterre, garnituren en NAAIDOZEN' geroepen. Dat zal pas rond 1994 gebeuren als de film van Ben Sombogaart af is.

De regisseur die ondermeer 'Mijn vader woont in Rio' en 'Het zakmes' heeft gemaakt gaat het komende jaar aan de slag met het scenario van 'Abeltje'. Hij heeft daar deze maand het startsein voor gekregen van de stichting 'Kinderen van Annie M. G. Schmidt'. Filmmaker Orlov Seunke - onder andere bekend van 'De smaak van water' - heeft toestemming gekregen om een script te maken van 'Pluk van de Petteflet'. De contracten met hun producenten Bos Bros Produkties (Burny Bos) en Movies Filmprodukties - worden volgende maand getekend.

Deze initiatieven maken deel uit van een groot, ambitieus plan om alle kinderboeken van Annie M. G. Schmidt te verfilmen. Volgens optimisten kost het ongeveer een decennium voordat Wiplala, Otje, Floddertje en alle andere creaties van Schmidt op film en/of tv te zien zijn. Pessimisten schatten dat daar minstens een eeuw voor nodig is.

Over de filmplannen is niet iedereen enthousiast. Na de eerste berichten over het inititief kwam er drie jaar geleden meteen een verdrietige brief in Trouw. 'Ze mogen van mij alles verfilmen, maar van Jip en Janneke moeten ze afblijven', schreef een mevrouw uit Rotterdam. Nog steeds kunnen mensen in een emotioneel betoog losbarsten als ze horen dat het er echt van gaat komen. Zij laten zich het beeld dat zij hebben van hun geliefde boekfiguren niet door een stel filmers afpakken. De bedenkster van al deze personages reageert laconiek op het felle verzet. "Die mensen moeten dan maar niet naar de bioscoop gaan" , zegt Annie M.G. Schmidt resoluut. "Maar ik vind het tijd worden dat mijn boeken worden verfilmd. Niet voor mijzelf, maar voor de kinderen die mij nog steeds lezen. Het is toch te gek dat van Astrid Lindgren al het werk is verfilmd en van Annie M. G. Schmidt nog steeds niets? Ik begrijp daar niets van."

Zo onbegrijpelijk is dat nu ook weer niet. De twee schrijfsters worden vaak in een adem genoemd, maar hun werk is niet te vergelijken: de verhalen van Astrid Lindgren zijn realistisch en de verhalen van Annie Schmidt zitten vol fantasie. "Dat is waar" , geeft de schrijfster toe. "Ik laat dieren bijna altijd praten in mijn boeken. Dat is moeilijk te verfilmen, maar er zijn tegenwoordig zoveel technische mogelijkheden. Animatie is vreselijk duur, dat weet ik best. Maar het grootste probleem is dat veel mensen hun tanden in zo'n project zetten en niet doorbijten."

Het klopt dat menig regisseur en producent zijn zinnen heeft gezet op de verfilming van zo'n klassieker. Jip en Janneke spreken tot nu toe het meest tot de verbeelding. Bij Querido, de uitgever van Annie M. G. Schmidt, zijn de afgelopen jaren wel vijf plannen ingediend voor een film of tv-serie over het kleuterpaar. Volgens directeur Ary Langbroek waren ze geen van alle geslaagd. Alleen een animatiefilmpje aan het begin van een recente AVRO-documentaire over de schrijfster kon ermee door. De beelden waren simpel: Jip en Janneke klommen een ladder op en schoven letters aan elkaar tot er schots en scheef 'Annie M. G. Schmidt' stond.

Langbroek: "De zwarte silhouetjes zijn heel lastig voor animatiefilm. Je moet er al bijna witte lijntjes aan toevoegen om Jip en Janneke te laten bewegen. Daar maakt Fiep Westendorp terecht bezwaar tegen. Zij wil niet dat er geknoeid wordt met haar illustraties. Misschien is een serie met echte kinderen de enige oplossing."

Sinds twee jaar beoordeelt de stichting 'Kinderen van Annie M. G. Schmidt' alle plannen. De groep bestaat onder anderen uit Flip van Duyn, de zoon van de schrijfster, Ary Langbroek, filmer Frans Weisz en Kees van Twist van de AVRO. Zij noemen zichzelf 'de ogen en oren van Annie'. Niet dat de schrijfster zelf niet meer kan oordelen. Maar ze heeft geen zin in al het 'gedoe' eromheen. Daar mag de stichting zich mee bezighouden.

"Wij huizen niet in een groot bureau met rinkelende telefoons. Er staan geen vrachtwagens voor de deur die de boeken van Otje uitladen. We zijn maar een klein clubje met een groot ideeel doel. Als we dat willen bereiken, hebben we veel geduld en uithoudingsvermogen nodig. Anders houden we het nooit vol" , zegt Kees van Twist, hoofd van de afdeling cultuur bij de AVRO.

De 'kinderen' maken het zichzelf niet makkelijk. Hun oordeel over de binnengekomen plannen is streng: wie zich waagt aan de verfilming van Nederlands grootste kinderboekenschrijfster moet heel wat in huis hebben. Temeer daar het project vele miljoenen gaat kosten. Het resultaat moet alleen daarom al generaties meekunnen. Bovendien, Schmidt zegt het zelf: "Het barst al van de films die verknoeid zijn."

De schrijfster en de uitgever hebben de filmrechten van het gehele kinderboekenoeuvre overgedragen aan de stichting. Dat scheelt een boel georganiseer. Producenten die een optie op een boek nemen moeten een fors bedrag betalen. Langbroek: "Annie is nu eenmaal de beroemdste schrijfster van Nederland." Zij en Querido krijgen geld van de stichting; wat overblijft komt ten goede aan het filmproject.

De AVRO levert als co-producent een financiele bijdrage. Het project legt een zware druk op de middelen voor de jeugd-afdeling, maar 'we hebben het er voor over', aldus Kees van Twist. Hij schat dat zijn omroep de komende tien jaar zo'n drie miljoen in het project moet steken.

Maar wat gebeurt er wanneer de AVRO opeens grote geldproblemen krijgt? Zo goed staat zij er nu ook weer niet voor. "Als wij ons onverhoeds moeten terugtrekken, mag de verfilming niet worden geblokkeerd. Dat moeten we goed regelen."

Omdat de AVRO de tv-rechten heeft geclaimd, wil de omroep alle bioscoopfilms vervolgens als serie uitzenden. Van een paar boeken komt alleen een tv-versie. De korte verhalen over Jip en Janneke zijn bij voorbeeld te anecdotisch voor een speelfilm van anderhalf uur.

Het heeft grote voordelen dat een omroep zich garant stelt, vindt Kees van Twist. De stichting hoeft nu niet meer alle zendgemachtigden langs met haar pakketje jeugdfilms. En een omroep kan beter subsidieverzoeken indienen bij alle fondsen dan allemaal verschillende. Ook de onderhandelingen met het buitenland gaan gemakkelijker.

Van Twist heeft al gehoord dat het Filmfonds enthousiast is over het idee. Ook het Stimuleringsfonds en het Co-produktiefonds Binnenlandse Omroep gaat hij aanschieten. En nu de grenzen zijn verdwenen, kunnen de Europese filmfondsen een bijdrage leveren. De boeken doen het goed in Spanje, Duitsland en Frankrijk. Waarom zouden de verfilmingen daar dan geen kassuccessen worden?

Uitgever Ary Langbroek heeft nog zijn twijfels. Hij vindt dat de toon van de schrijfster typisch Nederlands is. Te Nederlands voor een film met internationale pretenties misschien. Die veronderstelling weerlegt filmproducent Burny Bos vol vuur. Volgens hem kan de film 'Fanfare' van Bert Haanstra bijna niet Hollandser. Toch is die wereldwijd bejubeld. Ook jeugdserie 'Kinderen van Waterland' van Ben Sombogaart is typisch Nederlands. Verkocht aan Zweden, Denemarken, Finland en Noorwegen en met Duitsland is Bos in onderhandeling. "Hoezo te Hollands? Een goeie film is een goeie film."

De filmproducent vindt het net zo gek als de schrijfster dat 'Pippi Langkous' wel al jaren in de bioscopen draait en 'Minoes' niet. Volgens hem ligt dat aan het filmklimaat in Nederland. "Het is toch ridicuul dat 'Kleine Sofie en Lange Wapper' van Els Pelgrom in Zweden wordt verfilmd. Daar is er meer interesse voor dan hier."

De verfilming van de Schmidt-kinderboeken houdt Bos al lange tijd bezig. Hij werkte nog bij de VPRO toen hij Orlov Seunke zeven jaar geleden opdracht gaf een scenario te maken voor 'Pluk van de Petteflet'. Dat was toen het enige script waar de schrijfster geen bezwaar tegen maakte. Maar de financiering kwam niet rond, dus verdwenen de papieren in een la.

Eind 1990 lanceerde Burny Bos het plan om de hele reeks te verfilmen. Daar zou hooguit drie jaar voor nodig zijn, verkondigde hij toen. De eerste premiere kon al een jaar later plaatsvinden. "Ik dacht dat het een fluitje van een cent was. Een beetje naief van me" , geeft hij nu toe.

Het idee om de stichting 'Kinderen van Annie M. G. Schmidt' op te richten was van hem. Maar toen hij er zelf in wou, kwam er protest. Als producent zou hij teveel belanghebbende zijn. 'Zit wat in', dacht Bos, 'ik ga wel even aan de zijkant staan'.

De stichting ging anders te werk dan hij zich had voorgesteld. De plannen waren hem te vaag en de aanpak te onprofessioneel. Tot zijn verbazing ging de stichting zelfs in onderhandeling met Walt Disney. Onbegrijpelijk, vindt Bos: "Disney en Annie passen niet bij elkaar." In zijn ogen liep het project een half jaar vertraging op door deze escapade.

Kees van Twist ziet dat anders. Hij is er niet rouwig om dat de Amerikaanse filmgigant is afgewezen, maar hij vindt het logisch dat de stichting het aanbod heeft onderzocht. Walt Disney was zo geinteresseerd, dat van het hele oeuvre een Engelse werkvertaling verscheen. De stichting wilde een produkt maken dat wereldwijd de aandacht trok. Die kans zou groter worden als Walt Disney in het project investeerde.

Zelfs de schrijfster reageerde niet afhoudend op Disney's toenaderingspoging. 'Wie weet', dacht ze. Maar de schrik sloeg haar om het hart toen Walt Disney zijn eisen stelde: Schmidt mocht zich onder geen beding met het scenario bemoeien. Onmiddellijk zag de schrijfster een commercieel wanprodukt voor zich. Walt Disney kon gaan.

"Ik heb een fout gemaakt" , zegt Burny Bos. "Het was heel anders gelopen als ik met Querido een bedrijf had opgericht voor de verfilming van de boeken. Maar ik durfde niet. Ik voelde me nog te klein voor zo'n miljoenenproject. Daarom stelde ik voor er ook andere producenten bij te betrekken. Als ik de enige belanghebbende was geworden, waren we nu veel verder. Dan was die stichting niet eens nodig geweest."

Niets meer aan te doen. Burny Bos is nu een van de kandidaten met drie voorstellen voor een verfilming: 'Minoes', 'Otje' en 'Abeltje'. Allemaal peperdure produkties, waarin hij zelf ook flink moet investeren; hij schat de totale kosten op zo'n vijf miljoen per film. 'Minoes' is prijzig omdat een kat de hoofdrol speelt. Zo'n superpoes is nooit te vinden, dus zijn er ingewikkelde constructies nodig om er een geloofwaardige film van te maken. Voor het scenario wil de producent Guus Kuijer aantrekken en voor de regie Ruud Schuijtemaker. De stichting staat welwillend tegenover het plan.

Voor de verfilming van 'Otje' denkt Bos aan regisseurs als Frans Weisz, Theo van Gogh of Harrie Geelen. Omdat de hoofdpersoon de taal van de dieren verstaat, moet de film een combinatie worden van animatie en 'liveaction'. Bos heeft het plan nog niet bij de stichting gedeponeerd.

'Abeltje' is als enige rond - op de handtekeningen onder de contracten na. Deze film wordt duur, omdat het verhaal zich op verschillende plekken afspeelt: van Middelum vliegt de lift naar New York, Zuid-Amerika en Nieuw-Zeeland. Bovendien is het technisch moeilijk om de cabine door het beeld te laten suizen. Iets voor Steven Spielberg? Burny Bos: "Ik weet zeker dat Ben Sombogaart er een prachtfilm van maakt."

Als de maker van E. T. met 'Abeltje' aan de gang ging, zou hij er vast een spektakelfilm van maken. Daar heeft Sombogaart geen trek in. "Ik wil voorkomen dat de vier hoofdpersonen worden ondergesneeuwd door al het gedoe eromheen. Verwacht geen spectaculaire scenes als de lift door de lucht schiet. De trucage die ik in mijn hoofd heb, moet passen in de stijl van de film."

Het boek dat hij als jochie al kende - ook als radiohoorspel, zondagmiddag om half zes - spreekt hem aan, omdat het consistent in elkaar zit. Na alle feuilletons die Annie M. G. Schmidt heeft geschreven, was dit een van de eerste romans met een duidelijke ontwikkeling. De hoofdpersonen hebben hun eigenaardigheden, de landen die ze bezoeken komen goed uit de verf en de voorvallen zijn klein, maar grappig.

Sombogaart stelt zich voor dat het verhaal zich afspeelt in de jaren vijftig. "Als je een lift in 1993 laat vliegen, is dat minder geloofwaardig. Je moet dan op z'n minst een capsule door de ruimte laten reizen. Kies je voor de jaren vijftig, dan kun je je fantasie meer gebruiken. Je mag overdrijven en aandikken; niet alles hoeft te kloppen met de werkelijkheid. 'Abeltje' wordt dan tijdlozer, dat is ook een voordeel."

Toevallig had Annie Schmidt net verzucht: "Als ze 'Abeltje' maar in de jaren vijftig laten afspelen. Anders denkt iedereen: in welke tijd leven we nou eigenlijk?" Het bericht dat Ben Sombogaart de liftjongen tot leven gaat brengen, doet haar duidelijk plezier. "Ik vind het enig als Ben het gaat doen. Hij is zo goed."

De schrijfster blijft graag betrokken bij de verfilming. Ze hoeft er niet voortdurend bij te zijn, maar ze wil in elk geval het scenario lezen. "En als ik 'jammer' denk, zal ik het zeker zeggen." Voor de regisseur is haar bemoeienis geen enkel probleem. "Annie denkt zo beeldend, daar heb ik juist veel aan."

Ook met de plannen van Orlov Seunke - die geen commentaar wil geven - is Schmidt tevreden. Ze noemt 'Pluk van de Petteflet' een leuke 'story', waar met animatie een sprookjesachtige film van is te maken. Beide regisseurs moeten trouwens wel opschieten. "Anders zal het voor mij postuum zijn. Ik houd het nog wel even, maar ik wil geen honderd worden."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden