Parsifal: het blijft tobben met Wagners zwanenzang

Zondagmiddag ben ik nog een keer naar de 'Parsifal'-productie van de Nationale Reisopera geweest. Het was een impuls: de première begin februari in Utrecht was mij zwaar gevallen vanwege de scenische opzet door regisseur Henning Brockhaus. De muzikale uitwerking evenwel had mij verrast en vijf uur lang geboeid gehouden. Een dirigent met nog een prille carrière, Lawrence Renes, met een orkest dat niet veel opera-ervaring heeft en al helemaal niet op het gebied van Wagner,én een solisten-ensemble van betrekkelijke nieuwelingen als het om Wagner gaat, gaven 'Parsifal' met rijkdom van klankkleur en met elan gestalte. Die muzikale ervaring bleef kriebelen in het geheugen. Toch nog een keer gaan?

Je reist de Nationale Reisopera niet zo gauw na (het is háár taak om ons op te zoeken) en aangezien in Amsterdam de affichering van het toch niet onaanzienlijke gezelschap bedroevend slecht is, was 'Parsifal' in het achterhoofd weggezakt. Goed dat er kranten zijn met agendagegevens. Zondag 14 uur, Stadsschouwburg: Parsifal.

De gok gewaagd. Niet te geloven: er waren nog voldoende kaarten in alle prijsklassen. In cultuurstad Amsterdam waar een 'Parsifal' in het Muziektheater bij De Nederlandse Opera allang uitverkocht is, trekt een (in de pers goed ontvangen) 'Parsifal' van de Reisopera hooguit een redelijk goed gevulde zaal (helft kleiner dan Muziektheater).

De strijkers van Het Gelders Orkest bleken op deze matinee, de laatste voorstelling, even bedrijfszeker en fraai van toon als bij de première. Lawrence Renes zette met brede tempokeus de klankmachine in gang. Het werd een uitvoering waarin de zelfverzekerde dirigent de muzikale stroom met extase wist te vullen, vooral het derde bedrijf waarin Parsifal terugkeert in het Graalgebied op Goede Vrijdag. Prachtig wat de blazers presteerden. Terecht kon Gurnemanz (de indrukwekkende Zelotes Toliver) zingen: 'O Gnade! Höchstes Heil! Oh! Wunder! Heilig hehrstes Wunder!'

Maar wat de ogen zagen, werkte wederom verwarrend en tegen de muzikale beleving in, al kwam de visie van regisseur Brockhaus nu zinniger over. Bij een première krijg je in één keer het hele denkwerk van een regie-team over je heen. Wat moet je met een grauwkleurige hal in een vervallen badhuis waar in en rond badkuipen haveloos geklede, stuiptrekkende en rondsluipende mannen vegeteren?

In een gesticht geschikt voor het laatste bedrijf van 'The Rake's Progress', situeerde Brockhaus de Graalridderschap. Op zichzelf een interessant uitgangspunt om het moreel verval van deze, aan Jezus' Laatste Avondmaal gerelateerde gemeenschap, zo in beeld te brengen. Daarmee zette de regisseur de fantasie die door de muziek geprikkeld wordt, vast. Het sprookjesachtige van de bloemenmeisjes werd vastgepind op een sekshuis vol kirrende hoertjes. De verlossing die Parsifal aan de Graalridders brengt, bleek verengd tot een hergroepering van gedemoraliseerde soldaten die onder het ferm leiderschap van een nieuwe dictator voortsloffen naar de volgende heldenstrijd.

In feite een regie vol lawaaierige en nadrukkelijke beelden om de mythe van het 'Deutschtum', 'Heldenplatz' en 'Erlösung' te strippen. Wat zitten we in onze maag met de inhoud die steeds weer ter tafel moet komen omdat de muziek zo geweldig is. Maar die muziek zindert van dezelfde mythen als de tekst, en het was Lawrence Renes die als een jonge god de glorie van het wagneriaanse denken in klank optimaal diende.

Die tegenelkaar-inwerkende stromen maakten deze 'Parsifal'-productie tot een onoplosbare puzzle.

Wagner, diens 'Meistersinger', 'Parsifal', ook de 'Ring' zetten artistiek leiders voor schier onoplosbare problemen. Bernard Foccroule, intendant van de Brusselse Opera, legt daar in het maart-april nummer van Munt Magazine getuigenis van af als hij onder meer schrijft: “Het geval Wagner raakt ons in het bijzonder: in zijn houding, in zijn geschriften en zelfs in zijn werken treffen we aspecten aan die we hatelijk vinden en die dit ook zouden zijn zonder hun aanwending door de nazi's. Is het verhaal van de verlossing brengende missie van 'Parsifal' aan het einde van de 20ste eeuw niet bezoedeld door de echo van ideologieën die voorwendden de wereld te redden en uit te zuiveren? De bijeenkomst van de Graalridders, doet die niet denken aan die verwerpelijke sekten die het heilige van het rechte pad afbrengen? En toch ben ik van mening dat 'Parsifal' een echt meesterwerk is, en dat we er het stuk menselijkheid dat er in verscholen zit, ook in kunnen terugvinden, over het onzegbare lijden heen, onder het evenwel te vergeten.”

Foccroule vervolgt: “In dit opzicht is de rol van artiest-vertolker, en in het bijzonder die van regisseur, cruciaal: laten we Wagner brengen, maar zonder naïviteit, zonder te ontkennen wat, na Auschwitz, niet meer in alle onschuld kan gezongen worden. Zonder 'zijn' visie op te leggen, moet de regisseur de toeschouwer toelaten het verhaal vrij te situeren, zijn eigen interpretatie van het werk te vormen, door te putten uit al zijn semantische en esthetische rijkdommen.”

Met permissie: ik noem dit onzin. Indien 'niet meer in alle onschuld' Wagner kan worden gezongen, zou intendant Foccroule de partituur moeten (laten) herzien, herschrijven, bijkleuren door distantiërende, wrange ondertonen toe te voegen. Dat zal hij niet doen, en zijn dirigent, Antonio Pappano, zal bij de komende serie Parsifal-opvoeringen (van 10 tot en 25 april) in Brussel het hele kleuren- en gevoelsgamma van Wagners muziek laten uitkomen, daar kennen we Pappano onder de hand te goed voor. Zijn visie wordt dan gecombineerd met de mystieke, gestileerde en ijzingwekkend ogende regie van Klaus Michael Gruber.

Die productie wordt overgenomen van De Nederlandse Opera. Bij de tweede serie uitvoeringen in het Muziektheater daarvan was het niet de analyserende, goed bij Gruber passende muzikale visie van Hartmut Haenchen, maar de emotionele, geladen directie van Simon Rattle die in confrontatie kwam te staan met Gruber. Want Rattle trok zich niets aan van het getob over Wagners zwanenzang vol 'Erlösung', netzomin als Lawrence Renes.

Overigens: welk een potentie schuilt er in deze jonge Nederlander! Het zou mij niet verbazen als hij in Arnhem eenzelfde 'Erlösung' voltrekt bij Het Gelders Orkest als ooit Rattle bij het orkest van Birmingham. Ook dat hield ik over aan mijn impuls om toch nog maar een keer naar de 'Parsifal' van de Reisopera te gaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden