'Papa moest weer gaan liggen'

Van een onzer verslaggevers ARNHEM - Hij had haar vijf jaar niet gezien, zijn dochter. 'Dag pappa', zei ze. En ze sloeg haar vader met een hakbijl dood.

Het kwaad moest weg uit het jonge leven van Eva. Dat kwaad was Bert van Ravenhorst (47), eigenaar van een reclamebureau in Veenendaal. Ze voelde zich als kind door hem seksueel misbruikt.

De gedachte hem met een bijl te doden rees, nadat ze haar vriend Emile het boek 'Schuld en boete' van Dostojevski voor zijn achttiende verjaardag had gegeven. De hoofdpersoon voelt zich boven de wet verheven en doodt een woekeraarster met een bijl, om het kwaad uit te roeien. Vervolgens wordt hij met zijn geweten geconfronteerd en raakt verstrikt in gevoelens van schuld.

Zeventien was Eva nog, het was een dag voor haar verjaardag, toen ze op zondagavond 15 september met Emile naar de afgelegen bungalow van Van Ravenhorst aan het Moftbos in Bennekom fietste. Moordplan 3 zou worden uitgevoerd. Plan 1, de vader in het bos vermoorden als hij zijn hond uitliet, ging niet door, omdat de hond allang niet meer leefde. Plan 2: de slaapkamer binnendringen en hem daar ombrengen, bleek niet haalbaar, omdat het riante huis te goed beveiligd was.

De eerste moordplannen dateerden al van maart vorig jaar. Maar de voorbereidingen hadden ook nog een tijd stilgelegen, omdat beiden het zo druk hadden met hun schoolexamens, vertelde Eva. Eind 1996 zou Eva voor haar studie naar Amerika vertrekken, voor die tijd moest het gebeurd zijn.

Het werd dus moordplan 3. Emile zou aanbellen en zeggen dat zijn hond in een vossenhol vast zat, of hij even een schop kon lenen. Eva zou achter een houtschuurtje wachten.

En zo gebeurde het ook. Het was een uur of tien toen Emile aanbelde. Bert van Ravenhorst deed open en liep even later voor Emile uit naar de schuur om de schep te pakken. “Toen hij me voorbij liep heb ik toegeslagen. Een keer of vier, schat ik. Met de botte kant van de bijl.”

Eva stond als aan de grond genageld te kijken naar haar vader op het grintpad. “Vanuit een ooghoek zag ik Emile naar binnen lopen, maar het duurde even voordat ik dat besefte. Ik ben toen ook naar binnen gegaan en hoorde in de slaapkamer boven een gil en dezelfde klapgeluiden die ik daarvoor buiten had gehoord.”

Jacqueline van Ravenhorst, Eva's stiefmoeder, lag te slapen toen zich beneden het eerste deel van het drama voltrok. Ze had niet hoeven sterven, want Eva en Emile hadden afgesproken, dat zij alleen dood moest als ze getuige zou zijn van de moord op Bert. Eva maakte zich daarover weinig zorgen, ze wist dat Jacqueline altijd vroeg naar bed ging.

Maar Emile was toch naar boven gelopen. Het was eigenlijk een miscommunicatie tussen haar en Emile, zei Eva gisteren. Plan 3 was vooraf niet goed genoeg doorgesproken. “Dus Jacqueline is eigenlijk onterecht gedood”, vroeg rechtbankpresident P. C. Vegter. “Daar komt het wel op neer”, antwoordde Eva.

“Pardon mevrouw, is er iets gebeurd”, zei Emile die zondagavond tegen Jacqueline. De vrouw sprong verschrikt uit bed. “Ik weet niet meer hoe vaak ik heb geslagen”, zei Emile voor de Arnhemse rechtbank. Ze was vrijwel meteen dood.

Beneden trof hij Eva bij de voordeur. Ze wilden maken dat ze wegkwamen, maar opeens zagen ze dat Bert van Ravenhorst, zwaar gewond, opstond. Emile: “We zijn naar 'm toegelopen en op hem gaan slaan”. Met de scherpe kant van de bijl ditmaal. Eva sloeg ook, met de bijl die zij in een plastic draagtasje bij zich had. 'Dag papa', zei ze. En gisteren: “Het was niet de bedoeling dat hij overeind kwam. Hij moest weer gaan liggen.”

Zowel Eva als Emile praatten gisteren emotieloos en afstandelijk over wat er in Bennekom was gebeurd. “Over de dood van mijn vader heb ik op zich geen spijt. Wel dat Jacqueline is gestorven. Dat had niet gemogen. En ook dat mijn beide broertjes zo lang op hulp hebben moeten wachten.”

De twee jochies, één en drie jaar oud, werden pas anderhalve dag later in ontredderde toestand aangetroffen in hun bedjes. Ongerust geworden personeel van het reclamebureau was naar Bennekom gegaan om poolshoogte te nemen.

Die kinderen, wisten jullie dat dan niet, vroeg officier van justitie J. Wiarda aan Emile. “We wisten dat er twee kinderen in huis waren, maar we hebben er nooit bij stilgestaan. We hebben er ook nooit aan gedacht, wat we moesten doen, als zij wakker zouden worden. We hadden verwacht dat het de volgende dag wel ontdekt zou worden. We begrepen er niets van, toen dat uitbleef. Maar wat konden we doen?”

Ruim vijf weken na de dubbele moord werden Eva en Emile opgepakt. Ze waren aanvankelijk door de politie alleen nog als getuige gehoord, maar Emile wist dat het fout zat, toen hij en Eva een oproep kregen op het bureau te verschijnen om vingerafdrukken te laten nemen. De bijlen waren toen al gevonden en Emile wist dat hij sporen had achtergelaten. “We dachten, dit is het goede moment om te vertrekken.” De tickets voor hun vlucht naar het Verre Oosten lagen al klaar. Maar de politie was hen voor.

Omdat de verdediging nog onvoldoende tijd heeft gehad om het psychiatrisch rapport te bestuderen, dat over beide verdachten is gemaakt, is de zaak aangehouden tot 30 mei.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden