Pantani: van redder van de Tour tot zondebok

Marco Pantani overleed zaterdag op 34-jarige leeftijd. De Italiaanse klimmer, de sensationele winnaar van de Giro en de Tour in 1998, begon door een dopingaffaire in 1999 aan een lange afdaling, die eindigde op een hotelkamer in Rimini.

John Graat

AMSTERDAM - Als de wielersport een ziel heeft, dan was Marco Pantani misschien wel de belichaming daarvan. Hij was goed en slecht in één persoon. Hij toonde de pracht én de smerigheid van het cyclisme. Hij werd de hemel in geprezen, maar ook aan zijn lot overgelaten. Hij hielp de verbeelding aan de macht -met gedurfde, meeslepende en eenzame vluchten door onherbergzame gebieden- en hij zorgde voor een ontnuchtering bij het volk dat hij in zijn sprookjes liet geloven.

Zaterdag werd de Italiaan dood aangetroffen in hotel Le Rose in de badplaats Rimini. Op zijn kamer werden verpakkingen van diverse medicijnen (waaronder antidepressiva) gevonden. Het zou op zelfdoding kunnen duiden. Vandaag zal autopsie worden verricht. Pantani leefde de laatste maanden in afzondering. De man die in 1998 de Giro en de Tour won was eenzaam en verbitterd. Hij voelde zich verraden door de sport waar hij zo van hield.

In de stroom aan reacties op Pantani's overlijden typeerde Miguel Indurain hem misschien wel het beste: als een 'tragisch genie'.

De kale cijfers van zijn loopbaan -36 profzeges, acht etappes in de Tour, zes gele truien, acht zeges in de Giro, veertien roze truien- maken het niet inzichtelijk waarom deze kampioen zo betreurd wordt. Het was de manier waarop hij koerste, gecombineerd met een markant uiterlijk, die zo tot de verbeelding sprak. Hij was een klimmer in de traditie van Gaul, Bahamontes en Van Impe -die ook ooit in de Alpen en Pyreneeën de Tour wonnen-, maar Pantani was vooral een charismatische kampioen die ook zijn zwakheden had, een romantische held bij uitstek.

Legendarisch was zijn aanval op de Galibier, in de vijftiende etappe van de Tour van 1998. Pantani zorgde voor een van de mooiste dagen in de geschiedenis van de wielersport. De rit tussen Grenoble en Les Deux Alpes was een helletocht, verreden in ijsregen. Op de Galibier liet Pantani geletruidrager Jan Ullrich kraken in zijn voegen. Met negen minuten voorsprong pakte hij het geel. Tourdirecteur Jean-Marie Leblanc kon zijn geluk niet op. Al twee weken was zijn evenement door dopingschandalen overschaduwd. En nu was daar Pantani, de redder van de Tour.

Het leek een sprookje. Een klein mannetje van 56 kilo met een kale schedel had dat jaar de Giro in eigen land al veroverd met zijn lichtvoetige pedaaltred. In de Tour veranderde dat roze in geel. Voor het eerst sinds Fausto Coppi in 1952 won een Italiaan de twee grote ronden in hetzelfde jaar. Hij deed het met grootse demarrages, vol passie, zoals zijn leermeester Claudio Chiapucci het hem had voorgedaan. Hoe populair hij ook werd bij de tifosi, hij bleef de bescheiden zoon van Fernandino, de joviale eigenaar van enkele broodjes- annex pizzazaken in Cesenatico.

Het was te mooi om waar te zijn, zo bleek in Madonna di Campiglio, op 4 juni 1999. Een dag voor de laatste etappe van de Ronde van Italië keerde op dramatische wijze het tij in zijn leven. Pantani's bloed bleek die ochtend een te hoge hematocrietwaarde te hebben. Hij moest zijn roze trui inleveren en mocht niet meer starten. Een te hoge hematocrietwaarde kon duiden op gebruik van het verboden middel epo. Het bleek het begin van zijn ondergang als wielerheld. De klimmer begon aan een lange afdaling.

De betovering bleek voorgoed verdwenen. In 2000 won hij in zijn jacht op eerherstel wel twee Touretappes. De ene keer zegevierde hij na een gevecht met José-Maria Jimenez, de Spaanse klimmer die na veel psychische problemen twee maanden geleden een eind aan zijn leven maakte. Op de Mont-Ventoux verleende Lance Armstrong in de gele trui hem voorrang op de streep, wat de trotse 'Piraat' als een grove belediging opvatte.

Zijn geloofwaardigheid kwam in mei 2001 verder op het spel te staan toen bij een politie-inval in San Remo tijdens de Giro op zijn hotelkamer een injectienaald met insuline werd gevonden. Daarvoor werd hij later door de UCI voor zes maanden geschorst. Zijn naam werd synoniem voor dopingaffaires en tal van rechtszaken. Hij werd genoemd in het eposchandaal rond dokter Conconi, wiens zaak onlangs is geseponeerd. En zijn uitsluiting van de Giro in 1999 kreeg een lange juridische nasleep. In oktober 2003 sprak de rechter hem vrij van de aanklacht: 'sportieve fraude'.

In mei vorig jaar maakte hij in de Giro nog zijn zoveelste comeback. Zijn optreden leverde niet meer dan schimmen van het verleden op. Deze zwoegende Pantani -die zijn flaporen door een chirurg had laten corrigeren- had weinig meer te maken met het Olifantje van weleer. Hij viel wel aan, maar zijn demarrages hadden geen venijn meer. Tijdens een Alpenetappe met sneeuw, ijzel en hagel vond hij zichzelf na een val huilend terug langs de weg. Ondanks zijn veertiende plaats in de Giro nodigde Jean-Marie Leblanc hem niet uit voor de Tour.

Van redder tot zondebok. Verstoten voelde hij zich. Was hij zo veel slechter dan zijn collega's die vrijuit gingen? Hij was te trots voor het martelaarschap dat zijn fans hem toebedeelden. Hij sloot zich meer en meer op in zichzelf. In juni werd hij opgenomen in een kliniek in de buurt van Padua, voor behandeling van zijn depressie en verslaving (men sprak van cocaïne).

In het najaar zei hij nooit meer als wielrenner terug te komen. Hij voelde zich in de steek gelaten door het 'milieu'.

Fietsen was voor hem alleen nog een manier om zijn benen te bewegen. Hij was vijftien kilo zwaarder geworden. ,,Ik heb de gestalte van een kleine stier'', zei de man die minder dan een jaar geleden nog droomde van een grootse rentree. ,,Ik wil met dezelfde opwinding afscheid nemen als ik ben begonnen.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden