'Pantani is een echte leider'

ALBERTVILLE - Felice Gimondi applaudisseerde maandagmiddag op Les Deux-Alpes het hardst van allen in de perstent, toen zijn landgenoot Marco Pantani niet alleen op grootse wijze een van de meest fascinerende bergetappes uit de Tourgeschiedenis won, maar in de bittere kou en de striemende regen ook een serieuze optie op de eindzege in de Ronde van Frankrijk nam.

Toen al kon niemand de naam van een renner opnoemen die de komende dagen alsnog de gele trui zal opeisen. Gisteren probeerde Jan Ullrich in de tweede, veel minder heroïsche Alpenrit aan die profielschets te beantwoorden, maar meer dan schouderklopjes voor de heldhaftige manier waarop hij de dag inkleurde, kreeg hij er niet voor.

De Duitser ging op de beklimming van de Madeleine in de aanval en loste iedereen, behalve Pantani. Die deed iets tegen-natuurlijks. Hij nestelde zich in het wiel van Ullrich om te voorkomen dat die ook maar een seconde van de verloren tijd zou terugwinnen. Pantani had soms moeite om aan te klampen. In het sprintje tussen beiden was Ullrich dan ook de terechte dagwinnaar.

Na afloop wisselden beide heren louter vriendelijkheden jegens elkaar uit. De status quo strekte zich uit tot de eerste zes van het klassement. Een achtervolgend groepje, met Julich, Escartin, Rinero en Boogerd, conserveerde keurig zijn toppositie. Massi viel terug, zodat Boogerd op zijn minst zesde lijkt te worden.

Felice Gimondi zag het andermaal goedkeurend aan. De Italiaan is vrijwel ieder jaar aanwezig in de Tour de France. Als een van de velen uit een nog veel omvangrijker peloton oud-renners, die in een loze pr-functie of baantje als tv-commentator niet uit het fietsende circus zijn weg te branden. Zelden werd Gimondi naar zijn mening gevraagd, nu is hij een 'onderwerp' voor de media. De laatste Italiaanse Tourwinnaar kent zijn verantwoordelijkheid. Vriendelijk staat hij iedereen te woord en als de verslaggever het Italiaans niet beheerst, verontschuldigt hij zich voor zijn moeizame Frans. “Ik vind het fantastisch dat ik na 33 jaar een Italiaanse opvolger als Tourwinnaar krijg. En dan vooral iemand als Pantani. Een spectaculaire renner, die door zijn manier van koersen deze dagen een deel van de geschiedenis van de Tour de France schrijft.”

Pantani en Gimondi zijn onvergelijkbare grootheden. Il pirata heeft er wel plezier in zich wat excentriek te gedragen. Zijn kale hoofd heeft in het peloton al heel wat navolgers gekregen. Toen hij in de Giro d'Italia in de afsluitende tijdrit zijn leidende positie moest verdedigen, nam hij maatregelen om zo aerodynamisch mogelijk op de fiets te zitten. Voor hem betekende dat geen helm dragen (“want niemand heeft zo'n aerodynamisch hoofd als ik”) en in de laatste kilometers zijn zonnebril afzetten. De piercing in zijn neus (een diamantje) had hij vooraf al laten verwijderen. Restte het diamanten oorringetje. “Dat heb ik al zo lang, dat laat ik maar zitten.”

Als eigenaar van twee verzekeringskantoren (in Milaan en zijn woonplaats Ponte San Pietro, bij Bergamo) ziet de 55-jarige Gimondi er uiterst verzorgd uit. De oud-coureur was ook veelzijdiger dan zijn opvolger. Hij won alle drie grote rondes (naast de Tour de France in 1965, de Giro in 1967, '69 en '76 en de Vuelta a España in '68), schreef zes klassiekers op zijn naam (waaronder Milaan-San Remo en Parijs-Roubaix) en excelleerde twee maal als tijdrijder in de Grand Prix des Nations. Een schaduw hing over zijn veertien jaar lange profcarrière: hij was een tijdgenoot van Eddy Merckx.

Gimondi tekende zijn eerste profcontract in 1964, nadat hij de Ronde van de toekomst had gewonnen. Zijn debuut in de Tour de France, een jaar later, was dus meteen een heel succesvolle. Negentien dagen droeg hij toen de gele trui. Gimondi, die in totaal vijf keer de Franse ronde reed (in 1972 was hij tweede, zijn laagste klassering was de zevende plaats in 1967), behoorde in zijn tijd tot een van de weinige Italiaanse renners, die de sportieve confrontatie met collega's uit andere landen niet schuwde. Als een gouden kroon op zijn sportieve loopbaan beschouwde hij de wereldtitel, die hij in 1973 op de Montjuich (bij Barcelona) met de zegen van Eddy Merckx veroverde. De Belg wilde kennelijk niet dat zijn landgenoot Freddy Maertens de sprint won en gaf daarom Gimondi een vrijgeleide naar het podium.

In sportief opzicht heeft hij een bijzondere band met zijn opvolger. Pantani rijdt immers op Bianchi-fietsen, het product waarvoor de vroegere kampioen in grote wielerkoersen reclame maakt. “Ikzelf reed al op Bianchi. Ik ben dat merk altijd trouw gebleven. Dat geeft de komende overwinning van Pantani ook iets speciaals. Hij is een deel van de familie. Ik vind hem een sieraad voor het wielrennen. Hij profileert die sport zoals die zou moeten zijn. Hij is avontuurlijk ingesteld, maar daarnaast ook tactisch heel sterk. Een echte leider, vergelijkbaar met Fausto Coppi. Maandag offerde hij een handvol seconden op door rustig een regenjas aan te trekken, wetende dat hij daardoor een veelvoud terug zou winnen. Hij heeft het ongelooflijke niveau om in elke bergetappe met de besten mee te zijn, als hij zelf al niet in de aanval gaat. Je kon nu van Ullrich iets speciaals verwachten, zoals het ook voor de hand lag dat Marco hem in ieder geval zou kunnen volgen.”

Naar alle waarschijnlijkheid is Pantani na Bottecchia (1924 en '25), Bartali ('38 en '48), Coppi ('49 en '52), Nencini ('60) en Gimondi de zesde Italiaanse winnaar van La grande boucle. De nieuwste naam op de palmares weet dat hij de sterkste is van een 'gemankeerde' Tour de France. “Ach”, zegt Gimondi geruststellend. “De wielersport heeft al zoveel affaires overleefd. Dat zal in dit geval niet anders zijn. Dat komt omdat het cyclisme de mensheid aanspreekt. Ik kan geen andere sport opnoemen waarin het zo op wilskracht en karakter aankomt.”

Gimondi wil er maar mee onderstrepen, dat Pantani die twee ingrediënten onmogelijk uit een potje kan halen. “Doping is er altijd al geweest. Ik reed in de Tour, waarin Tom Simpson overleed. Dat heeft mij geweldig aangegrepen. Ik lag net op de massagetafel, toen ik het slechte nieuws hoorde. Jong als ik was, overwoog ik te stoppen. Ik dacht aan mijn toekomst en aan mijn vrouw. Ik vervloekte op dat moment de Tour.”

Toen Gimondi juichend in Parijs werd binnengehaald, bestond in de Tour de France de dopingcontrole nog niet. Die werd een jaar later nogal bruusk ingevoerd, toen doktoren en politie hotelkamers invielen en de urine van enkele coureurs opeisten. Dat leidde prompt tot een door de Belg Rik van Looy geleide rennersstaking.

“De sport wordt steeds zwaarder, men eist steeds meer van de renners”, vindt Gimondi met velen. “We naderen de grens van de menselijke mogelijkheden. Sporters zoeken naar steeds sterkere middelen. Wil je de gezondheid onder topsporters bevorderen, dan moet je het accent op preventie leggen. Wat Festina heeft gedaan, is dom, maar ik vind het hypocriet om de jongens van de ploeg vervolgens aan de schandpaal te nagelen. Doping is van alle tijden. Elke periode kent zijn hoogte- en dieptepunten. Of ik zelf mijn toevlucht tot verboden stimulerende middelen heb genomen? Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen. Ik beantwoord deze vraag niet met ja en niet met nee.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden