Pantani even boegbeeld van de Azzurri

ALPE D'HUEZ - Ook vandaag zal Marco Pantani er in de Tour de France weer in vliegen. De slechts 149 kilometer lange etappe met twee cols van de eerste categorie (Glandon en Madeleine) en een zo mogelijk nog lastigere aankomst op Val Thorens leent zich uitstekend voor een nieuwe aanval op de tweede plaats achter Miguel Indurain, die nu gekoesterd wordt door Richard Virenque.

De Italiaan wil nog een keer koning kraaien en vervolgens urenlang als een kettingroker de euforische atmosfeer inhaleren, die dan ongetwijfeld rond zijn persoon gaat ontstaan. Als het moet is de 24-jarige, reeds kalende neoprof niet te beroerd zelf als gangmaker te fungeren. In de Ronde van Italië, waar hij in één weekeinde de twee zwaarste bergritten op zijn naam schreef, kon het feest hem ook al niet lang genoeg duren. Hij sloeg de adviezen van zijn mentor, Chiappucci, in de wind en negeerde de waarschuwingen van zijn ploegleider, Boifava. Voor de ingang van het rennershotel praatte hij na zijn dubbelslag honderduit met iedereen die in zijn avonturenroman was geïnteresseerd en deelde tot één uur in de nacht handtekeningen uit. “Het was voor mij een feestdag. Ik had geen zin om te gaan slapen.”

Het pleziertje werd Pantani uiteindelijk vergund, verguld als de Italianen zijn dat een nieuwe, sterke generatie wielrenners op het punt van doorbreken staat. De Giro d'Italia werd niet geregeerd door Miguel Indurain, maar door Jevgeni Berzin en Marco Pantani. De laatste werd het boegbeeld van de Azzurri, nadat Chiappucci in de eerste week al een forse achterstand had opgelopen. Hij is het in de Tour de France wederom, sinds Il Diavolo jongstleden vrijdag met koorts moest afhaken. Tot veelvuldig aanvallen heeft het aanstekelijke enthousiasme wel geleid, tot overwinningen nog niet in deze drie weken durende beproeving. Het heeft minder met de kwaliteiten van Pantani te maken dan met zijn impulsieve karakter.

Gisteren werd zijn ontembare strijdlust beloond met de achtste plaats, 5,41 achter ritwinnaar Roberto Conti. Hij knabbelde ruim twee minuten van zijn achterstand op Indurain af en liep anderhalve minuut in op zijn mikpunt, Virenque. Die heeft hij in twee nevenklassementen (berg en jongeren) ook boven zich staan. De bolletjestrui is overigens heel ver weg: 137 punten maar liefst.

Na vrijdag, wanneer met de klimtijdrit de Alpen vaarwel wordt gezegd, stort het rijk van Pantani weer goeddeels in. “Marco is geboren voor de bergen, zoals Cipollini geboren is voor de sprint”, zegt Giovanni Grazzi, de ploegarts van Carrera en rechterhand van professor Conconi, over hem. Met zijn 56 kilo is de 1,72 meter lange Pantani maar een schriel ventje. “Maar zijn vermogen is groter dan dat van Chiappucci”, gaat Grazzi verder. “Pantani kan fysiek alle grote Alpen- en Pyreneeënritten winnen. Zijn spieren kunnen een enorme inspanning aan.” Maar de motor kent ook zijn beperkingen. “Bij mij treedt de verzuring eerder in dan bij renners als Berzin en Indurain”, vult Pantani aan. “De anaerobe grens is lager. Mijn limiet ligt op 48 kilometer per uur. Dat betekent dat ik in tijdritten op het vlakke altijd moet inleveren. Op zware hellingen daarentegen kan ik het vermogen ontwikkelen van iemand die in staat is het werelduurrecord te verbeteren.”

Karavaan

De wereld heeft het mogen aanschouwen in de gedenkwaardige 15e etappe in de Ronde van Italië, die de karavaan via de Dolomietenreuzen Stelvio, Mortirolo en Valico di Santa Cristina van Merano naar Aprica voerde. Pantani loste op de tweede col Berzin en schudde later ook Indurain van zich af. Van de toekomstige Tourwinnaar kreeg de Italiaan overigens geen grote indruk. Indurain noemde dat later een onjuiste constatering. Voor hem telt slechts de eerste plaats. Hij pleegt zich in een etappewedstrijd niet in te spannen om in het klassement van drie naar twee te stijgen.

Dat de uit Cesena afkomstige Pantani een begenadigd klimmer zou worden, werd in zijn amateurperiode al duidelijk. In 1992 won hij de zogenaamde Baby-Giro, de Ronde van Italië voor liefhebbers. Net als in de profversie van dit jaar heerste Pantani als een grootvorst in twee opeenvolgende bergritten. Het jaar ervoor was hij tweede en in 1990 derde in het eindklassement. Dat hij beroepsrenner zou worden, leed geen twijfel, alleen kwam er in zijn optiek maar één ploeg in aanmerking om hem op de loonlijst te plaatsen: Carrera. Dat had alles met Chiappucci te maken: zijn jeugdidool, zijn voorbeeld en nu zijn mentor. Direct na de Olympische wegwedstrijd in Barcelona, vierde hij (op 2 augustus 1992) zijn debuut in de Trofeo Matteotti. De onderhandelingen met Boifava namen maar weinig tijd in beslag. “Ik heb niet eens over geld gepraat. Stel je voor dat het af zou ketsen omdat ik een te hoog bedrag zou noemen, dan was meteen de kans verkeken om in één ploeg met Chiappucci te komen.” Volgens Moreno Argentin, de steun en toeverlaat van Berzin, had Pantani geen slechtere beslissing kunnen nemen. “Als Marco kampioen wil worden, moet hij meteen naar een andere ploeg”, liet de inmiddels oud-coureur zich onlangs ontvallen. Waarop de als door een adder gebeten Chiappucci giftig reageerde: “Alleen een klootzak als Argentin kan zoiets zeggen.”

Pantani was al even verontwaardigd. Geen kwaad woord over de kleine Coppi. De liefde gaat zover dat Pantani op zijn schouder een klein duiveltje heeft laten tatoueren. In navolging van zijn meester Il Diavolo wil diens kroonprins als Il Diavoletto door het leven. In etappewedstrijden zijn ze ook vaak kamergenoten. Over de koers zelf wordt echter niet lang gesproken. “Tot tien minuten voor het startschot houd ik me daar alleen in gedachten mee bezig,” vertelt Pantani. “Ik praat veel over mijn hobby, het zeevissen, en het vissersbootje waarmee ik wel eens de Adriatische zee op ga. Claudio heeft het op zijn beurt voortdurend over zijn dochtertje en zijn verzamelwoede.” Als hij dan toch vakmatig de verschillen met Chiappucci moet typeren, dicht hij zichzelf probleemloos de underdogrol toe: “Claudio is een betere wielrenner. Hij is net als ik een aanvaller, maar tegelijkertijd een goede rekenaar. Ik ben veel impulsiever. Daardoor verlies ik ook wedstrijden die ik met een beter tactisch inzicht kan winnen.”

Pantani was tot zijn veertiende rechtsachter in de plaatselijke voetbalclub. Zijn vader, pizzaverkoper in een straatstalletje, had aanvankelijk geen geld om een racefiets voor Chiappucci junior te kopen. Hij is een kind van de Romagna-streek, en vertelt buitenstaanders graag het uit de overlevering stammende verhaal dat de mensen uit die regio zouden typeren. “Wanneer je van Bologna naar Emilië rijdt, moet je daar de oude weg naar de Adriatische zee nemen. De eerste persoon die je een glas wijn aanbiedt, moet iemand van Romagna zijn. De mensen uit mijn streek zijn koppig, kleinzerig en waren in het verleden vaak ook bloeddorstig, maar in de aard genereus.” Zijn omgeving heeft van Pantani ook nog een paar karaktertrekken ontdekt: strijdlustig, praatgraag, vriendelijk en charmant.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden