Panenka heeft zijn verhaal over 'de strafschop' al duizend keer verteld

LONDEN, PRAAG - Benauwend warm is het in het stadion van Rode Ster Belgrado op de avond van 20 juni 1976. De arena ligt in een kuil, waar de vochtige warmte blijft hangen. Het is op deze broeierige plek dat in één tel tijd voetbalgeschiedenis wordt geschreven. Die avond is het een voorrecht bij de EK-finale West-Duitsland - Tsjechoslowakije tot de ooggetuigen te mogen behoren.

De ploegen hebben ook na 120 minuten enerverend voetbal het pad naar de zilveren beker nog altijd niet gevonden. Jan Svelik en Karol Dobias hebben de outsiders al binnen een halfuur op een sensationele 2-0 voorsprong gezet, Dieter Müller zorgt voor de aansluitingstreffer en Bernd Hölzenbein doet wat Duitse topvoetballers zo vaak doen: in de slotminuut scoren, 2-2. De verlenging verandert de stand niet meer.

Sergio Gonella is de eerste scheidsrechter die op een groot toernooi de teams vanaf de strafschopstip de beslissing moet laten brengen. De eerste zeven spelers schieten raak. Sepp Maier krijgt geen kans van Marian Masny - de enige Slowaak in het gezelschap -, Zdenek Nehoda, Anton Ondrus en Stani Jurkemik. Anderzijds heeft Ivo Viktor in het doel evenmin kans tegen Rainer Bonhof, Karl-Heinz Flohe en Hennes Bongartz. Er hoeft vervolgens niet eens een redding van Viktor aan te pas te komen om de Tsjechoslowaken voor het eerst te laten jubelen. Ulli Hoeness schiet de bal ruimschoots over. Een half minuutje later wordt Antonin Panenka een legendarische figuur. De balartiest van de kleine club Bohemians Praag kiest geen hoek. Hij gebruikt binnen- noch buitenkant van de rechtervoet. Ook een wreeftrap wil hij er niet van maken. Panenka ziet dat Maier naar de linkerhoek gaat vallen. Op dat moment wordt de bal vanaf de stip geschept. Daar waar de tenen in de voorvoet overgaan, raakt Panenka de bal. Als Sepp Maier gewoon blijft staan, kan hij het boogballetje middendoor zo maar vangen. Nu loopt het geheel en al anders af. De Duitse keeper ligt verslagen op de grond, verbijsterd ziet hij hoe de bal zachtjes landt op de plek waar hij, de grote Sepp, net nog stond. De landing van de bal is zo beheerst, dat het doelnet amper hoeft te bollen. De beslissing is gevallen: 5-3.

Ongeloof

Wat twintig jaar later nog helder voor de geest staat is dat aanvankelijke gevoel van ongeloof. Dit kan toch niet waar zijn ? De Tsjechoslowaken juichen al, maar het applaus op de tribunes laat zeker drie seconden op zich wachten. Iedereen die het heeft gezien moet het eerst even laten inwerken. Een rij voor mij op de perstribune zoeken de onvergetelijke Nico Scheepmaker en Jan Mulder contact. Ze moeten elkaar overtuigen dat het echt waar is wat zij zo juist hebben gezien. Terug in Nederland lees ik van Scheepmaker: “Dit was de absolute verneukgoal. Aan de open mond van Jan Mulder zag ik dat het waar was, wat ik gezien meende te hebben.” Jan Mulder schrijft dan nog voor De Tijd. Hij stelt voor Antonin Panenka voor altijd te eren. “Als ik het niet met mijn eigen ogen had gezien, zou voor mij de ongeloofwaardigheid even groot zijn geweest als bij een boogbal over de ijshockeykeeper. Deze Tsjech behoort niet eens meer tot het kleine gilde van elfmeter-specialisten, hij is erbovenuit gestegen. Hij is de strafschop geworden voetballer en ik stel voor in de toekomst, als eerbetoon en herinnering aan hem en het moment, niet meer te spreken van penalty, maar van panenka.”

Zo ver komt het niet, maar nu het zondagavond op het EK van 1996 opnieuw om een finale tussen Duitsers en Tsjechen zal gaan, heeft de naam Antonin Panenka de internationale pers weer ruimschoots gehaald. Zijn naam is voor altijd gevestigd. “U wilt het verhaal van Antonin over die strafschop weer eens horen?”, vraagt de secretaresse van Bohemians Praag. “Ach, Antonin, hij is nu bijna vijftig, maar hij speelt nog zo graag met de bal. Hij kan er nog alle kunstjes mee. In onze technische staf is hij tegenwoordig een zeer gewaardeerde trainer. De jeugd is gek met hem. Ik zal zijn telefoonnummer geven.”

Antonin Panenka heeft zijn verhaal over De Strafschop al duizend keer verteld. En nooit heeft deze levensgenieter het vervelend gevonden zijn verhaal te vertellen. Iedereen wil het ook nu nog met hem over Belgrado 1976 hebben. “Deze strafschop had ik eigenlijk al in Zagreb tegen Nederland willen nemen. In de eerste wedstrijd was het Nederlands elftal onze tegenstander. Tegen dat team met Cruijff, Neeskens, Krol en Rensenbrink gaven wij ons zelf tevoren geen enkele kans. We hoopten op een verlenging en vervolgens op strafschoppen. Daar hadden we ook flink op geoefend. Ik had in een wedstrijd nog nooit op deze manier een penalty genomen, maar omdat het mij op de training steeds weer lukte, besloot ik het zo te doen. Onze trainer Vaclav Jezek was er fel op tegen. Hij verbood het mij in feite. Maar goed, tegen Nederland hoefden we niet eens strafschoppen te nemen. We wonnen in de verlenging tot onze eigen verrassing met 3-1.”

In het hoofd van Antonin Panenka bleef het plan aanwezig om in de finale zo nodig met een wippertje zijn penalty te nemen. Terwijl Jezek hem steeds weer waarschuwde het riskante voornemen niet in praktijk te brengen, deed Antonin het op het beslissende moment toch. Hij had er bij voorbaat schik om. “Sepp Maier vond zichzelf altijd nogal een humorist. Ik weet dat hij het er lange tijd moeilijk mee heeft gehad. Toen hij eens in Praag kwam, weigerde hij een fan zijn handtekening op de foto van die penalty te zetten. Ook mij negeerde hij aanvankelijk, later draaide hij bij.”

“Strafschoppen nemen is een loterij”, zei Guus Hiddink na de uitschakeling tegen de Fransen. Dat is niet waar. Een serie strafschoppen is prachtig en buitengewoon spannend om te zien. Het zou mooi zijn wanneer voortaan altijd na een gelijkspel de strafschoppen over winst en verlies beslisten. Het is geen loterij, omdat voor een strafschop de voetbalkunde van spelers en keepers aan de orde is. Traptechniek, zelfbeheersing, omgaan met spanning, reactievermogen - het zijn sportieve factoren die passen bij het hoogste niveau, waar de details toch al zo vaak de doorslag geven. Het toeval speelt ook een minder prominente rol dan men volgens een nogal eens veronderstelde fifty-fity theorie zou willen aannemen. Er zijn landen waar het penalty schieten heel goed wordt beheerst en er zijn landen waar men er weinig van terechtbrengt. Tot die laatste categorie behoort Nederland, zoals ook uit het laatste staatje in dit artikel blijkt.

Op de EK- en WK-eindtoernooien zijn twee ploegen zeer bedreven op het gebied van de penalty: uitgerekend de finalisten die zondagavond op Wembley staan. Tsjechië/Tsjechoslowakije heeft drie keer op deze manier de wedstrijd moeten beslissen. Drie keer werd gewonnen, niet één strafschop werd gemist, alle twintig raak! Het lijstje van de Duitsers op EK's en WK's is niet veel minder: vijf keer op voor een strafschopsessie, vier keer gewonnen, alleen van Panenka verloren, alleen Hoeness gemist.

De EK- en WK-strafschopseries:

EK'76: Tsjechoslowakije-West-Duitsland 5-3 EK'80: Tsjechoslowakije-Italië9-8 WK'82: West-Duitsland-Frankrijk 5-4 EK'84: Spanje-Denemarken 5-4 WK'86: België-Spanje5-4 WK'86: Frankrijk-Brazilië4-3 WK'86: West-Duitsland-Mexico 4-1 WK'90: Argentinië-Italië 4-3 WK'90: West-Duitsland-Engeland4-3 WK'90: Argentinië-Joegoslavië 3-2 WK'90: Ierland-Roemenië 5-4 EK'92: Denemarken-Nederland 5-4 WK'94: Bulgarije-Mexico 3-1 WK'94: Zweden-Roemenië 4-3 WK'94: Brazilië-Italië (finale) 3-2 EK'96: Engeland-Spanje 4-2 EK'96: Frankrijk-Nederland 5-4 EK'96: Tsjechië-Frankrijk6-5 EK'96: Duitsland-Engeland6-5

Dat strafschoppen nemen geen loterij is, bewijst een kwart eeuw penalties in de drie Europa Cup-toernooien. Sinds het begin in 1970, zijn 102 wedstrijden vanaf de stip beslist. Ajax moest het vier keer doen en verloor vier keer: van Levski Sofia, van Juventus, van Bohemians Praag en pas nog eens van Juventus. Van de Nederlandse clubs hebben alleen Sparta (tegen Hamburger SV), PSV (in de finale van 1988 tegen Benfica) en Feyenoord (Sion) het gered. De andere verliezers waren AZ'67 (Barcelona) en Roda JC (Sredets Sofia). Van een fifty-fifty verhouding is geen sprake. De beste strafschopnemers zaten in Oost-Duitsland. De DDR-clubs moesten vijftien keer penalties nemen, zij wonnen dertien keer. Schotland bevestigt de reputatie een land van voetbal-losers te zijn: vier keer strafschoppen in de Europa Cup, vier keer verloren.

Het lijstje per land, met winnen/verliezen via strafschoppen:

1. Oost-Duitsland 13-2 2. Hongarije7-1 3. (West)Duitsland 7-3 4. Polen 4-2 5. Oostenrijk 3-1 6. Engeland 7-6 7. Roemenië 3-2 8. Bulgarije2-1 9. Joegoslavië 8-8 10. België 4-4 11. Frankrijk4-4 12. Italië 11-12 13. Spanje 8-9 14. Tsjechië/Tsj.Slow. 2-3 15. Denemarken 1-2 16. Israël 0-1 17. Ierland 0-1 18. Wales 0-1 19. Portugal 5-7 20. Zweden 2-4 21. Sovjet-Unie 5-8 22. Nederland3-6 23. Zwitserland 2-5 24. Griekenland 1-5 25. Schotland0-4

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden