Palestijnse olijfolie

Sinds kort zijn er fair trade én biologische producten uit Palestina. Olijven, olijfolie én tahini, sesamzaadpasta, verkrijgbaar via biologische winkels.

Jeroen Thijssen

Ieder mens doet graag goed, liefst zo dat het anderen opvalt. Belangeloos goed doen en er toch iets voor terugkrijgen is natuurlijk nog leuker. Concepten als Wereldwinkel en Fair Trade drijven op die menselijke karaktereigenschap. Sinds kort is er een nieuwe loot aan de boom: fair trade én biologische producten uit Palestina. Dat wil zeggen, de staat Palestina, de Westbank en de Gazastrook. Olijven, olijfolie én tahini, sesamzaadpasta, verkrijgbaar via biologische winkels, informatie te vinden via Canaan.nl.

Bijzonderheid: de olijven van Canaan hebben hun leven lang aan de boom gezeten. Ze zijn ’gerijpt aan de boom’. Nog een bijzonderheid: in Palestina groeien al zesduizend jaar olijfbomen.

Wacht eventjes. Olijven, dat wil zeggen bruine, rijpen toch altijd aan de bomen? En hoe zit dat met die zesduizend jaar? Hebben de Palestijnen toen de olijfboom overgenomen van de Grieken, die groothandelaren in olie van de laatste duizend jaar voor Christus?

Voor vragen over olijfolie kun je altijd terecht bij Meeuwig, de oudste en bekendste olijfoliewinkel van Nederland. Daar beginnen ze net niet te lachen bij de vraag. Voor zover zij weet, zegt een juffrouw voorzichtig, rijpen alle olijven aan een boom, inderdaad. De mededeling van Canaan ’is meer iets voor het etiket.’

En hoe zit het met die zesduizend jaar? De olijfboom is toch veel ouder? Dat weet ze zo niet uit haar hoofd. Ze wil het wel opzoeken, maar dat kan ik zelf ook. In de boekenkast prijkt de onvolprezen culinaire bijbel, de vraagbaak voor ieder die voorbij het recept kijkt, The Oxford Companion to Food. Uiteraard besteedt dit naslagwerk van bijna negenhonderd pagina’s ook uitgebreid aandacht aan de olijf en zijn olie.

Daarin staan leerzame zaken. Tienduizend jaar geleden oogsten steentijdvolkeren af en toe de bessen van de wilde olijf. Die bevatten meer pit dan vrucht; al ruim drieduizend voor christus werd de bom gecultiveerd en veredeld, tot de vruchten eetbaar waren. En dat gebeurde niet in Griekenland, zoals ik dacht, en ook niet in Italië, maar in Syrië of Palestina. Weer wat geleerd.

Toevallig ben ik in Zwolle, dat nog tot morgen Hoofdstad van de Smaak is, bij Haiko Natuurlijk in de Vechtstraat. Hij heeft de olijfolies staan, én de zwarte olijven, én de tahini. Een mooie slanke fles is het, van een halve liter, voor euro10,95. Dat is duur, maar niet excessief. Overigens is die fles op de site van Canaan twintig cent goedkoper. De olijven kosten euro 4,40 voor een half pond, de tahini vijf euro per driehonderdvijftig gram.

Eenmaal thuis kan het proeven beginnen. Eerst de boomgerijpte olijven, die intrigeren het meest. Het deksel schroeft moeizaam open, onder het metaal prijken eivormige olijven in verschillende tinten bruin. Ze geuren heerlijk, naar wijn en herfst en bijna iets van brood, al klinkt dat gek. Zo scherp als ze geuren, zo complex smaken ze. Zout, maar niet te, een beetje zuur, een beetje zoals een bos ruikt in de herfst.

Dan de tahini. Dik als pindakaas is ze, maar fijner gemalen en voorzien van een dikke laag olie. De pasta zelf is heel vaag bitter, maar wel erg lekker.

Ten slotte gaat de fles olie open. Er zit mooi, bruingroen vocht in, dat traag in een proefschaaltje klokt. Geuren doet ’ie niet erg, maar zo uit een lepeltje prikt hij peperig in de tong.

Eenmaal op een broodje blijft er van het veelbelovende begin niet veel over. Dit is tamelijk vlakke olijfolie, die zijn prijs vooral waard is vanwege het goeddoen. Ik ben wel idealistisch met de olijven.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden