Palestijnen riskeren hun leven tijdens olijfpluk

tel aviv – Toen Salam Fajad, de Palestijnse premier, deze week zijn hemdsmouwen opstroopte, de ladder op klom en op de Westelijke Jordaanoever een oudere vrouw begon te helpen bij het plukken van haar olijven, wilde hij naar eigen zeggen een daad stellen.

Want in dit gebied is het seizoen van de olijvenpluk synoniem aan: aanvallen van Israëlische kolonisten op Palestijnse boeren. Vaak zijn het de jonge kolonisten die de Palestijnen proberen te verjagen en er niet voor terugdeinzen om de honderden jaren oude olijfbomen te vernielen. Een 15-jarig religieus jongetje legde het onlangs op televisie uit: „De Palestijnen hebben hier niets te zoeken. Dit is ons door God geschonken land en dus zijn de bomen van ons.”

De Israëlische premier Ehoed Olmert en minister van defensie Ehoed Barak hebben de afgelopen dagen het optreden van de kolonisten veroordeeld, maar in de praktijk treedt Israël er nauwelijks tegen op. Palestijnse boeren die naar hun olijfbomen willen – en daarvoor vaak eerst nog wegversperringen moeten passeren – moeten vaak zelfs permissie aan het leger vragen om naar hun boomgaarden te gaan. Israëlische soldaten moeten toezicht houden, maar meestal grijpen ze niet in.

Israëlische mensenrechtenorganisaties hebben zich de afgelopen weken georganiseerd om de Palestijnse boeren te helpen bij de olijfpluk, met als gevolg dat zij nu ook slaags raken met de kolonisten.

Premier Fajad betitelde woensdag naast ’zijn’ olijfboom het optreden van de kolonisten als terrorisme. „De olijfboom is niet alleen een belangrijke bron van inkomsten, maar staat ook symbool voor de standvastigheid van het Palestijnse volk”, aldus de premier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden