Pakistan, strijden om water

Mai Jori Jamali: 'Het vee gaat dood als er niets gebeurt. We hebben al tien jaar gebrek aan water, maar nu is het acuut.' (FOTO SUZANNA KOSTER) Beeld
Mai Jori Jamali: 'Het vee gaat dood als er niets gebeurt. We hebben al tien jaar gebrek aan water, maar nu is het acuut.' (FOTO SUZANNA KOSTER)

Ze is arm en neemt het als vrouw met een ezelkar op tegen de machtige mannen in hun landcruisers. Het gevecht van de Pakistaanse boerin Mai Jori Jamali.

REPORTAGE

Suzanna Koster

Een machtige elite domineert doorgaans de politiek in Pakistan, vooral op het platteland waar zo’n twee derde van de Pakistanen leeft. Maar er zijn uitzonderingen. Ezeldrijfster Mai Jori Jamali, moeder van negen kinderen, is er éen van.

De 39-jarige vrouw woont met haar man en negen kinderen in een lemen huis in Gulam Mohmand in het zuidwesten van Pakistan. Het heeft twee kamers, één ervan staat op instorten, Haar familie deelt een ezeltje en een buffel met de buren. Ze lijkt niet anders dan andere vrouwen in haar simpele salwar kameez, een wijde broek met shirt, en hoofddoek. Maar dat is ze wel. Jori doet mee aan de provinciale parlementsverkiezingen. Een vrouw uit deze armste bevolkingsgroep deed nooit eerder mee in Jaffarabad in de provincie Baluchistan. Zelfs de mannen uit deze armste onderklasse doen er zelden of nooit aan mee.

Jori is dan ook in alles de tegenpool van haar twee tegenstanders. Ze is arm, kan lezen noch schrijven, heeft geen machtige familie en heeft een ezelkar in plaats van een landcruiser. Dan is ze ook nog eens vrouw in een gebied waar twee jaar geleden vijf vrouwen levend werden begraven, omdat ze weigerden mee te werken aan hun uithuwelijking. Een provinciale senator noemde de moord een onderdeel van ’de traditie’.

Jori zegt dat ze niet anders kon dan meedoen met de verkiezingen. Het meest prangende probleem is het watergebrek, stelt ze. Kanalen staan in de zomer maandenlang droog; het water wordt afgetapt door de rijke landheren.

„Het vee gaat dood als er niets gebeurt. We hebben al tien jaar gebrek aan water, maar nu is het acuut. De oogst is de helft van wat hij normaal is”, zegt ze. De winst voor de familie bedraagt zo’n 100 euro per jaar. Dat moet aangevuld worden met 4 tot 8 euro voor verkochte handwerkjes per maand en 80 eurocent per dag als haar man werk als dagloner heeft. Hiermee leeft Jori’s familie volgens de Wereldbank onder de armoedegrens, net als zo’n 60 miljoen andere Pakistani, krap een derde van de bevolking.

Er zijn meer problemen. Er zijn geen aansluitingen voor gas om te koken. Pakistans belangrijkste gasveld Sui levert wel aan de hoofdstad Islamabad, maar niet aan Jori’s dorp, dat honderden kilometers dichterbij ligt. De aanvoer van elektriciteit is beperkt.

Een vervallen medische post met een budget van zo’n 300 euro per jaar doet dienst voor 30 tot 40 patiënten per dag, zegt Mohammad Hassan, de enige medewerker. Er zou minstens 1300 euro nodig zijn. Longontsteking, diarree en hepatitis zijn hier belangrijke doodsoorzaken.

Stukken beton uit het plafond van de school liggen op de grond. Bij de meisjesafdeling komen docenten niet opdagen, zeggen dorpelingen. De overheid zou geen gratis schoolboeken leveren. Tot Jori’s spijt gaan daardoor maar twee van haar negen kinderen naar school. „Ik zou blij zijn als ze een hogere opleiding konden volgen, want ik heb mijn hele leven moeilijkheden gekend. Ik wil niet dat zij dat ook krijgen.”

Toch kwamen de dorpelingen vroeger nooit in actie. Dat zij dat nu wel doen, heeft te maken met de opkomst van televisiezenders en met een ontluikend democratisch bewustzijn, zegt oud-ontwikkelingswerke Adam Malik, medewerker van de Awami Partij. Zijn partij, die anderhalf jaar geleden werd opgericht, rekruteerde Jori.

Tot de landelijke verkiezingen in 2008 werden zelfs populaire politieke partijen als de Pakistan People’s Party en de Pakistan Moslim Liga-N buitenspel gezet door de toenmalige president en legerleider Pervez Musharraf. Hij kwam in 1999 met een niet-gewelddadige coup aan de macht en trad af in 2008.

Straatprotesten van Pakistaanse juristen inspireerden vorig jaar verschillende politieke initiatieven, zoals nieuwe partijen, politieke fora en een discussiecafé. Musharraf had tientallen rechters ontheven uit hun functie, omdat ze weigerden zijn herverkiezing te legaliseren. De rechters wisten honderdduizenden mensen op de been te brengen en werden uiteindelijk in ere hersteld door de huidige regering, mede dankzij de televisie.

In 2002 hief Musharraf het verbod op private zenders op. Tientallen lokale en nationale nieuwskanalen begonnen met uitzenden. Mede daardoor durfde de Awami Partij de strijd aan te gaan met machtige families in Jaffarabad, zegt Malik. „Mai Jori en ons team voelden zich veilig door de aanwezigheid van de media. Als de landheren ons iets aandoen, berichten de media erover.”

Dat gebeurde ook. Jori zou bedreigd zijn en er zouden pogingen tot omkoping zijn geweest. De familie van haar opponent Nasir Khan Jamali zou de schuldige zijn. „Naar mijn weten heeft nog niemand haar bedreigd. Het is een vrij land”, zegt hij. Buiten zijn kantoor staan politiemensen op wacht. Ondanks de bedreigingen heeft Jori geen politiebescherming.

Jori werd uiteindelijk gekozen in een dorpsvergadering. De Awami Partij betoogde dat een vrouwelijke kandidaat het gebied letterlijk een nieuw gezicht kon geven na de brute moorden op de vrouwen, twee jaar geleden. Jori’s echtgenoot, een lokaal raadslid, steunt haar. Zijn armoede drijft hem daartoe, zegt hij.

Het was geen toeval dat de Awami Partij, waarin een aantal oud-communisten dient, in Gulam Mohmand op zoek ging naar een kandidaat. In de jaren zeventig hielden zich er communisten schuil. Ze hielpen arme boeren met het beschermen van hun land. Dat hadden ze gekregen na landhervormingen, zegt Malik. Ook toen al was de familie van de tegenstander van Jori aan de macht, en probeerde het land te onteigenen. Vijf boeren kwamen om het leven, herinnert Jori zich, die toen nog een kind was. Het dorp kreeg zo de bijnaam Klein Moskou. Kort daarna greep een dictator de macht in Pakistan. Het activisme stopte.

Nu, dertig jaar later, staan boeren en landheren weer tegenover elkaar, maar dan bij verkiezingen. „Wij boeren, werkers, moeten opstaan. Ieder jaar stemmen we op de rijken. Stem dit jaar op een boerenvrouw”, spreekt ze een menigte toe in een feesttent in de buurt, terwijl ze haar linkerhand opheft. „Lang leven Mai Jori”, roepen toehoorders. Na de speech wordt ze geïnterviewd.

Even later vertrekt ze op haar houten ezelkar naar de volgende bijeenkomst. Een paar honderd dorpelingen lopen enthousiast achter haar aan. Kinderen rennen uitgelaten tussen de stoet door. Een oudere man grijnst van oor tot oor. „We gaan winnen.” Zijn vuist in de lucht.

Twee dagen later, op de dag van de verkiezingen, is de stemming omgeslagen. Alle kandidaten beschuldigen elkaar van fraude. Uiteindelijk oordeelt Fafen, een Pakistaanse organisatie die verkiezingen observeert, dat er grote ongeregeldheden plaatsvonden. Jori zegt dat ze een klacht zal indienen bij de verkiezingscommissie. Nasir wint ruim, met veertig keer zoveel stemmen als Jori.

Dat Jori niet won, kwam voor weinigen als een verrassing, ook niet als de verkiezingen wel eerlijk waren verlopen. In een land waar verkiezingen draaien om persoonlijkheden, dynastieën en stammen, spreken campagnes op basis van lokale problemen, zoals die van Jori, geen grote groepen stemmers aan.

Maar dat kan veranderen, schrijft columniste Huma Yusuf in de Pakistaanse krant Dawn. Jori’s campagne is volgens haar slechts één van de voorbeelden die laten zien dat Pakistan zich opmaakt voor nieuwe, praktische politiek. „Nu stemmers beter geïnformeerd raken dankzij voortdurende mediaverslaggeving, en steeds meer kiezers goed kunnen lezen, worden ze geraakt door campagnes die het onrecht benoemen.”

Als die ontwikkeling doorzet hebben kandidaten als Jori in de toekomst wel een kans om op basis van hun ideeën aan de macht te komen, betoogt Yusuf. Maar dan moet het proces niet onderbroken worden door dictatuur, wat in het verleden zo vaak gebeurde.

Jori zit in elk geval niet bij de pakken neer. „Ik ga hoe dan ook protesteren bij de overheid om te zorgen dat we weer water krijgen”, zegt ze.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden