Paasopstand in Dublin

Honderd jaar geleden brak in Dublin de Paasopstand uit. De Ieren vertellen er prachtig over. Kende u Willie Halpin al, die zich in een schoorsteen verborg? En de dappere James Connolly?

"Ze denken dat ze op alles bedacht zijn, op alles een antwoord hebben, maar de dwazen, de dwazen!" Spetters vliegen uit de mond van een woedende man in donkergroen uniform. We zijn even terug in 1915. Bij het graf van republikein O'Donovan Rossa staat de beroemde Patrick Pearse, een schooldocent die het tijd vond voor een revolutie. Hij wilde een onafhankelijk Ierland, los van Groot-Brittannië. "Ierland zal onvrij nooit in vrede zijn!"

Ik sta op de enorme begraafplaats Glasnevin, waar 1,5 miljoen zielen rusten. Het zijn niet de geesten, maar de poëtische woorden van Pearse die kippevel bezorgen. De acteur gaat zo enorm in zijn rol op, dat je de onmacht uit die tijd vóelt.

Veel Ierse jongeren staan om me heen. De alcohollucht verraadt de wilde avond van gisteren met pintjes Guinness, maar de kater is overwonnen om stil te staan bij de Paasopstand, op 24 april dit jaar precies honderd jaar geleden. Patrick Pearse had een bijzondere liefde voor de Ierse cultuur en Gaelische taal. Om onder het juk van de Britten vandaan te komen, moest er volgens hem een bloedoffer komen. Als lid van de militaire raad van de Irish Republican Brotherhood (IRB) hielp hij bij het plannen van de Paasopstand van 1916. Een paar dagen na het voorlezen van de proclamatie van de Ierse Republiek moest hij zich echter al overgeven.

Ieren zijn echte vertellers, ze weten historie op een mooie manier op te rakelen. Niet via droge verhalen, maar met anekdotes vol details. Op Glasnevin laat de jonge gids de overledenen onder de laag aarde weer even tot leven komen.

Aan de andere kant van Dublin, in gevangenis Kilmainham Gaol, toont Roy Barron de plek waar veertien rebellenleiders (ook Pearse ) de kogel kregen. "De gewonde James Connolly moest aan een stoel worden vastgebonden, omdat hij anders omviel." We lopen door donkere, koude cellen, terwijl Roy vertelt hoe de Paasopstand families uit elkaar rukte. "Mijn opa sprak niet meer met zijn broers."

Bernard Bermingham verwelkomt bezoekers van The 1916 Freedom Tour met een oud geweer in zijn handen. Hij draagt een lange, crèmekleurige jas, maar de chauffeur heeft een groen uniform zoals dat van Patrick Pearse. De legergroene truck The Long Fella is een omgebouwde schoolbus, met kogelgaten en zwart-witfoto's, smalle bankjes waarvoor je niet al te lange benen moet hebben.

"Ik weet hoe een opstand families kan veranderen", zegt Bernard. Lang niet iedereen steunde in 1916 de rebellen die in opstand kwamen tegen de Britse overheersing. Na de overwinning van de Britten gingen Dubliners zelfs juichend de straat op. "Veel Ieren vochten op dat moment in de Eerste Wereldoorlog vóór de Britten, dus een opstand werd als onfatsoenlijk gezien. En tijdens de opstand was er een week lang niets te eten."

The Long Fella rijdt door de straten van Dublin. Bernard vertelt bijna anderhalf uur aan één stuk door. Over de eerste rebel die een Brit doodschoot, maar niet veel later zelf het leven liet. De vrouw die over haar pistool urineerde, voordat ze zich overgaf. De machinegeweren rondom picknickpark St. Stephen's Green. Bij bijna iedere slag waren de Ierse strijders met te weinig man - er kwamen uiteindelijk in de zes dagen die de opstand duurde honderden rebellen om.

Verkiezingsborden van Sinn Féin en Fine Gael staan langs de weg. Duizenden mensen lopen kledingwinkels in en uit, fietsers proberen met gevaar voor eigen leven een plekje te vinden tussen de dubbeldeksbussen. Deze bruisende stad, waar je 's nachts urenlang mee kan zingen met klassiekers als 'Molly Malone', was in die dagen een slagveld. Kijk maar naar de kogelgaten in het General Post Office aan O'Connoll Street, toen het hoofdkwartier van de rebellen.

Niet alleen ik, ook Dubliners kunnen zich de strijd moeilijk voorstellen. Singer-songwriter Paul O'Brien, geboren in havenwijk East Wall, maar wonend in Den Haag, ging op zoek naar de verhalen en schreef een album over de Paasopstand.

'You'll see them walk down Sherriff Street

In twos and threes and groups

They're the lassies from the morning shift

Making bombs for Kitchener's troops'

Je ziet ze door Sherriff Street lopen

In duo's, drietallen en groepen

Het zijn de meisjes van de ochtendploeg

Die bommen maken voor de troepen van

Kitchener (Britse veldmaarschalk, JdK)

Voor hem is de geschiedenis nog tastbaar: Pauls oma kwam uit Schotland en werkte in de Britse kogel- en bommenfabriek. Zijn andere grootmoeder kreeg juist een Britse kogel in het been. "Mijn ouders spraken er nooit over", zegt Pauls moeder Lily O'Brien. "Niemand had het over die tijd."

East Wall is een wijk met smalle woningen, waar veel havenarbeiders woonden. Mondige mannen die niet zomaar over zich heen lieten lopen en zich massaal aansloten bij de opstand. Ik loop langs donkerrood baksteen, grind en gestuukte muren met pastelkleuren. Uit de schoorstenen komt de lucht van brandend turf. De straten glinsteren door het water, dat bijna altijd in een laagje over Dublin ligt, als nooit verdampende ochtenddauw. Wie hier woont, moet flink stoken om de gure zeebries en vochtige lucht buiten te houden.

Achter die blauwe deur daar woonde vroeger een bommenmaker, vertelt Hugo McGuinness van de East Wall History Group, een goede 'bron' voor Paul O'Brien. En dáár woonde de vrouw die de rebellen thee kwam brengen. Hugo kent let-ter-lijk het verhaal achter iedere steen, weet alle namen en jaren uit zijn hoofd. Praten over koetjes en kalfjes doet hij niet, alleen maar over 1916. Reuze-interessant, dat wel. We ontmoeten Eamon, die de medailles van zijn opa Walter Carpenter toont. En Halpin, kleinzoon van Willie Halpin, een strijder klein genoeg om zich in de schoorsteen te verbergen. "Mijn ouders spraken nooit over Willie. Waarschijnlijk omdat door zijn lengte een beetje lachend over hem werd gedaan."

Ieren gingen uiteindelijk tóch massaal achter de rebellen staan, geschokt door de executie van de gewonde James Connolly. De nationalistische sentimenten groeiden. Nadat de anti-Britse partij Sinn Féin in 1918 de verkiezingen won raakten de Ieren in een onafhankelijkheidsoorlog verwikkeld. Na ruim zeven eeuwen Engels bewind werd Ierland, op het noorden na, in de jaren dertig onafhankelijk, in 1949 een republiek. Willie lacht. "Ik ben trots op mijn opa."

Naar Dublin

AerLingus en RyanAir vliegen vanaf Amsterdam rechtstreeks op Dublin. De stad ontdek je eenvoudig met de Hop-on Hop-off bus, of met een rode Batavus-fiets van Rent a Bike Dublin (reist het snelst).

rentabikedublin.com

1916tour.ie

heritageireland.ie/en/kilmainhamgaol

paulobrien.eu

eastwallforall.ie

Paasopstand

Dublin staat van zaterdag 26 t/m dinsdag 29 maart stil bij de Paasopstand van 1916. Het hele jaar door zijn er speciale evenementen. Kijk op:

visitdublin.com

ireland.com/nl

Gidsen: 'A Pocket History of the 1916 Rising', Gill Books (alleen in het Engels)

'100% Dublin', Dominique Lenferink.

Anderszins verdiepen in de materie? Lees de roman: 'De ster Henry Smart' (1999). Hier schetst Roddy Doyle een ander perspectief op de Paasopstand. 'Dublinezen'

(2016), het eerste boek van James Joyce 'Dubliners', is opnieuw vertaald door Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes. (Athenaeum, 19,99 euro). Volgens de achterflap vormt het boek 'een suite van epifanische inkijkjes in de verlamde ziel van de Dublinees in het begin van de twintigste eeuw'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden