Overleven in twee werelden

Er zijn nog 640 Samaritanen, de helft is Palestijns, de helft Israëlisch.

’Ibrahim of Avi, kies maar’’, zo stelt de eigenaar van de kruidenierszaak, annex eethuis, annex pensionnetje zich voor. Ook de taal maakt hem niet uit, Arabisch of Hebreeuws. Hij leeft in beide werelden, beter gezegd hij laveert tussen beide werelden.

Ibrahim (Avi) Cohen woont op de berg Gerizim, hartje Samaria. Hij is Samaritaan, één van de exact 640 die over zijn van het volk dat ooit meer dan een miljoen zielen telde.

De helft van hen woont op de berg, 887 meter hoog boven de Palestijnse stad Nabloes, het bijbelse Sichem. De kinderen gaan in Nabloes naar een Palestijnse school, het dagelijks verkeer is met de Palestijnen. Zij hebben zelfs een afgezant in het Palestijnse parlement.

De andere helft van de Samaritanen woont in Cholon, een voorstadje van Tel Aviv, de kinderen gaan er naar een Israëlische school, het dagelijks verkeer is met de Israëliërs, ze dienen in het Israëlische leger.

Alle kinderen hebben na school extra les om de eigen Tora en het eigen schrift te leren, een voorloper van het Hebreeuws dat alleen de Samaritanen nog gebruiken.

Op zaterdag en feestdagen komen ze bijeen. Sommigen zijn op de berg of in Nabloes geboren en wonen nu in Cholon, anderen zijn in Cholon geboren en wonen nu op de berg. Volgens hen is de berg Gerizim de plek waar Abraham (Ibrahim) zijn zoon Isaak wilde offeren. Wat dat betreft hebben ze nog wat af te rekenen met koning David die besloot dat de berg (Moria) in zijn stadstaat Jeruzalem lag.

,,Alleen om zijn eigen status op te poetsen’’, zegt Hoesni Cohen, de conservator en gids in het museumpje waar de Samaritanen hun schatten bewaren. De Samaritanen hebben Jeruzalem nooit erkend als heilige stad. Voor hen tellen alleen de eerste vijf boeken van Mozes. Ze verwerpen de boeken van de profeten, die verzinsels zouden zijn van het Huis van David.

Aan de muur in het museumpje – ter grootte van een huiskamer – hangt de stamboom van hun hogepriesters die duizenden jaren terug gaat. Een oude Tora-rol met de vijf boeken van Mozes heeft een ereplaats. De naar hun zeggen oudste Tora-rol ter wereld ligt in een kluis in hun synagoge en komt alleen tevoorschijn op feestdagen. Hij zou geschreven zijn door Abiesja, de achterkleinzoon van de hogepriester Aaron.

Ineens haalt Hoesni een groot vel papier te voorschijn met de namen van de 12 stammen. Het is een afdruk van het borduursel op het gewaad van de hogepriester, en dat gewaad is wonderbaarlijk. ,,Als de priester het draagt licht de energie van zijn hart het brokaten borduursel op’’, legt Hoesni Cohen uit. ,,Als alle stammen oplichten, gaat het goed met de wereld, maar als een stam niet oplicht is dat een teken dat er met die stam iets mis is.’’

Naar zijn zeggen hebben geleerden op de universiteit van Haifa al bewezen dat de hogepriester met zijn speciale gaven zo echt kan vaststellen hoe het met de wereld gaat.

Tussen alle oudheden staat een schrijfmachine, merk Imperial. ,,Het is nog de enige ter wereld die ons schrift kan schrijven’’, zegt Hoesni trots. ,,Meer dan een eeuw geleden speciaal voor ons in Duitsland gemaakt.’’

Zelf behoort Hoesni tot de priesterorde van de Samaritanen, zoals zijn naam Cohen aangeeft. Maar daarvan zijn er velen, op de berg.

Het volk bestaat in feite uit vier grote families. De geringe omvang van de gemeenschap levert de nodige problemen op. Samir – ook al een Cohen – werkt bij zijn broer in de kruidenierszaak. Hij is 26, maar moet nog vier jaar wachten tot hij mag trouwen, vertelt hij. Het is een van de maatregelen om overbelasting van ’de markt’ te voorkomen.

Ibrahim wordt dit voorjaar 30, en de huwelijksdatum staat al vast voor augustus. Tevoren moet het stel zich aan een medisch onderzoek onderwerpen, om bepaalde ziektes ten gevolge van inteelt te voorkomen.

Om de spoeling iets minder dun te maken, zijn de afgelopen jaren Samaritaanse mannen met joodse, islamitische en christelijke meisjes getrouwd. Die moesten zich wel eerst tot het Samaritaanse geloof bekeren. Het gaat een aanzienlijke aantallen, laat Hoesni zien: dertig joodse meisjes, vijf moslimmeisjes en vier christenen. De laatsten zijn echte import: uit de voormalige Sovjet-Unie. Voor de Samaritaanse meisjes is het uitgesloten om met niet-Samaritanen te trouwen. Anders dan bij het joodse systeem, waarbij de moeder bepalend is voor de identiteit van het kind, loopt hun afstamming via de mannelijke lijn.

Jongetjes worden besneden als ze acht dagen oud zijn, net als bij de Joden. Alleen zijn de Samaritanen strenger in de leer. Ze houden geen rekening met feestdagen of speciale omstandigheden. Zo wil het verhaal dat een paar decennia geleden in Israël een te vroeg geboren baby in een couveuse lag. Op de achtste dag arriveerde de familie voor de besnijdenis, maar de artsen weigerden het kind uit de couveuse te halen. Alleen de hogepriester kon uitkomst brengen, maar die woonde op de berg bij Nabloes dat toen onder Jordaans bestuur viel. Er was in die tijd summier contact - slechts een keer per jaar mochten de Samaritanen naar de berg voor de offerceremonie. Pas na tussenkomst van de president van Israël, Jitschak Ben Zwi, die speciale banden met de Samaritanen onderhield, kon het Jordaanse koningshuis worden ingeschakeld dat op zijn beurt contact legde met de hogepriester. Deze vaardigde een decreet uit: een couveuse was als een baarmoeder. De acht dagen hoefden pas geteld te worden nadat de baby uit de couveuse was.

Ibrahim is tegen gemengde huwelijken: ,,Al die vreemde invloeden zijn niet goed voor onze gemeenschap.’’ Toch waren de Samaritanen er bijna niet meer geweest. Zo maakte in 1920 het National Geographic Magazine een reportage over de speciale paasofferceremonie van de Samaritanen, een oudtestamentisch schouwspel. De mannen gaan gekleed in witte gewaden met rode tulband. De hogepriester draagt een witte tulband. Precies wanneer de eerste ster aan de hemel te zien is, geeft hij het teken en worden tientallen meegevoerde schapen geslacht.

Dan, om middernacht, gaan de ovens open en begint het gemeenschappelijk maal op de berg.

Zo eindigde indertijd de beschrijving in de National Geographic: ,,Bij ons vertrek keken we om en wierpen we een laatste blik op het kamp dat werd verlicht door de volle maan en de gloed van vlammen die een rookwolk opwierpen over de berg. We dachten bij onszelf dat we getuigen waren van een laatste bijbelse offerceremonie. Want de Samaritanen zijn een volk dat aan het uitsterven is.’’

De Samaritanen telden toen niet meer dan 140 zielen.

Anno 2006 (hun jaar 3638, want ze tellen de jaren vanaf de intocht in Kanaün) worden ze op bizarre wijze heen en weer geslingerd in het conflict tussen Israëliërs en Palestijnen. Ze zijn in het bezit van een Palestijnse en Israëlische identiteitskaart en kunnen vrij heen en weer reizen – een ongekend voorrecht dat speciaal is vastgelegd in de akkoorden tussen Israël en de Palestijnen.

Aan de voet van de berg bakent een hoge muur de weg naar de Gerizimberg af van de rest van de weg die doorloopt naar Nabloes. Vlak daarvoor hebben de Israëliërs een wegversperring opgericht. De Palestijnen mogen hun stad nauwelijks in of uit. Maar de Samaritanen mogen door naar hun berg.

Het klinkt haast te mooi om waar te zijn – en dat is het ook. Klagen doen de Samaritanen niet, zeker niet tegenover vreemden. Maar zo nu en dan verschijnen er berichten in de media over kleine incidenten en schermutselingen: met Palestijnen en met kolonisten die zich halverwege de berg hebben gevestigd.

Ibrahim/Avi vat het kort – en glimlachend – samen: ,,De Palestijnen zien ons als Joden en de Israëlische soldaten behandelen ons als Palestijnen. Maar we zijn al eeuwen gewend te overleven.’’

Op de vraag hoe groot hij de overlevingskansen van zijn volk inschat, antwoordt hij – alweer glimlachend: ,,Dat is een vraag die ze mijn grootvader ook hebben gesteld, en dat is tegelijkertijd mijn antwoord. Wij blijven bestaan zolang we onze traditie behouden, zolang we elke zaterdag uit onze Tora lezen.’’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden