Overheid, maak markt voor duurzaam voedsel

Voor biobrandstof gelden eisen van duurzaamheid. Die moeten ook voor de productie van voedsel gelden, zegt Dorette Corbey.

In 2050 zijn er 9,1 miljard mensen. De FAO heeft berekend dat er dan 70 procent meer voedsel geproduceerd moet worden, op een beperkte hoeveelheid extra land. De landbouwsector staat tegelijkertijd voor de opgave om te verduurzamen. Landbouw veroorzaakt nu een kwart van de uitstoot van broeikasgassen. Verlies van biodiversiteit, vervuiling van water en uitputting van bodems vinden een deel van hun oorsprong in de productie van voedsel. De oplossing ligt voor de hand. Voor biobrandstoffen gelden duurzaamheidscriteria, om ongewenste neveneffecten te voorkomen. Maar verreweg het grootste deel van de geproduceerde palmolie of maïs komt niet in de benzinetank, maar in de voedselketen terecht. Daarom is het veel effectiever om duurzaamheidseisen te formuleren voor álle maïs, voor álle palmolie, álle voedselproducten.

Veel bedrijven zien in dat de groeiende voedselproductie problemen veroorzaakt. Er zijn dan ook veel private initiatieven om de voedselproductie te verduurzamen. Van duurzame suiker, eerlijke koffie, biologische groente tot keurmerken voor vlees, eieren en vis. Deze initiatieven zijn klein, want duurzaam voedsel is duurder. Diervriendelijke producten kopen we steeds meer, maar broeikasgassen en landgebruik spreken minder tot de verbeelding. Daardoor is duurzaam produceren voor veel boeren moeilijk. Dat vraagt een overheid die hen steunt en die een markt creëert voor duurzaam voedsel. Dat kan door de duurzaamheidseisen die gelden voor biobrandstoffen ook toe te passen op de voedselsector.

undefined

Kipfilet

De eerste stap is het invullen van duurzaamheidscriteria: wanneer is voedsel duurzaam? Hoeveel broeikasgassen mag een kilo biefstuk of graan veroorzaken? Een kipfilet veroorzaakt twee keer zoveel uitstoot van broeikasgassen als een vegetarische burger, een biefstuk zelfs negen keer zoveel. Dat kan minder, bijvoorbeeld door beter om te gaan met mest. Om rundvlees te produceren is 22 keer zoveel land nodig als voor een vleesvervangend product. Land is schaars, daarom moet efficiënt landgebruik deel uitmaken van duurzaamheidscriteria. De productie van voedsel kost naar schatting gemiddeld twintig keer zoveel energie als dat het aan calorieën oplevert. Duurzame landbouw verspilt geen water en zorgt dat bodems niet uitgeput raken.

Tweede stap is voedselleveranciers vragen meer duurzaam voedsel op de markt te brengen. Net zoals leveranciers van benzine en diesel biobrandstoffen bijmengen, zouden voedselproducenten hun aandeel duurzaam geleidelijk moeten verhogen. Bijvoorbeeld door een percentage plantaardige eiwitten bij te mengen in reguliere vleesproducten. Het kabinet kan hierover afspraken maken via de 'Alliantie Verduurzaming Voedsel', of een verplichting opleggen. Door deze aanpak ontstaat een markt voor duurzaam voedsel. Grote zuivel-, koekjes- of vleesfabrikanten moeten op zoek naar duurzaam werkende boeren. Dat draait de machtsverhoudingen in de sector om en maakt investeringen rendabel. Deze aanpak opent de weg naar een landbouw- en voedselsector die verspilling tegengaat.

Om dit te realiseren, is inzet op Europees niveau nodig. Nederland is echter in staat een voortrekkersrol te vervullen vanwege zijn uitstekende kennis op het gebied van landbouw, biochemie, logistiek en de sterke agro-foodsector. De urgentie is groot. Voedsel is van levensbelang, verduurzaming sterkt ons vermogen om ook in de toekomst voldoende voor iedereen te produceren.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden