Overheid geeft luchtvaart veel te vrije hand

De auteur is freelancejournalist.

Uiteraard is het aandragen van snelle en ondoordachte ideeen zinloos. Toch roept de overtolerante houding van de Nederlandse overheid ten opzichte van de burgerluchtvaart een groot aantal vragen op, die zonder uitstel beantwoord dienen te worden.

Het gaat niet aan dat de verantwoordelijke politici geuite kritiek ontlopen door te verklaren dat hulpverlening aan de slachtoffers nu de hoogste prioriteit heeft. Deze hulpverlening blijkt bij de burgemeester van Amsterdam in vertrouwde handen te zijn. De politiek moet nu actie ondernemen en daarbij de hand in eigen boezem durven steken.

In al onze machteloosheid jegens de nabestaanden is dit onze enige mogelijkheid om een kleine bijdrage te leveren aan hun verwerkingsproces. Op de nutteloosheid van de vliegramp in de Bijlmermeer kan iets worden afgedongen indien deze tragedie een keerpunt wordt in het veiligheidsdenken over de burgerluchtvaart. Veiligheids-, geluidshinder- en milieubelangen hebben het veel te lang moeten afleggen tegen de belangen van economische groei.

Een van de grootste punten van zorg is het feit dat het de elkaar op leven en dood beconcurrerende vliegtuigfabrikanten zijn, die bepalen of er bij vermoedelijke fabricagefouten aan toestellen al dan niet een waarschuwing naar luchtvaartmaatschappijen uit gaat. Dat vliegtuigbouwers niet staan te trappelen om hun tekortkomingen wereldkundig te maken hebben we in het verleden meerdere malen mogen ervaren. Er wacht de overheid nog een schone taak om hier meer greep op te krijgen.

Een tweede discussiepunt vormt het onaanvaardbaar hoge startgewicht van vliegtuigen. Door de verhevigde concurrentie in de luchtvaart nemen vliegtuigen steeds meer vracht en ook steeds meer kerosine mee. Dit laatste om minder kostbare tussenlandingen te hoeven maken. Een gevolg hiervan is dat vliegtuigen slechts langzaam kunnen klimmen, waardoor ze bij het starten gevaarlijk dicht over de bebouwing scheren en een ongekende geluidshinder veroorzaken.

Vliegtuigen zijn tegenwoordig zo zwaar beladen dat het startgewicht boven het aanvaardbare landingsgewicht uitkomt. Komt een toestel vlak na het opstijgen (de gevaarlijkste manoeuvre van de hele vlucht) in moeilijkheden, dan moet eerst kerosine geloosd woden, niet alleen om het brandgevaar te verkleinen, maar ook om weer op een aanvaardbaar landingsgewicht te komen.

Het is pure speculatie om te stellen dat het El-Al-toestel niet verongelukt zou zijn, als het nadat het in moeilijkheden was geraakt, geen een extra ronde had hoeven te vliegen om kerosine te lozen. Wat wel vaststaat is het feit, dat in dezelfde week van de Bijlmerramp een Boeing van Pakistan International Airways op Schiphol bijna een ramp veroorzaakte, doordat het kort na de start een noodlanding moest maken. Het toestel kon niet eens meer kerosine lozen. Door zijn overgewicht werd het bij de noodlanding voor miljoenen guldens beschadigd.

De conclusie dat de overheid hier faalt in haar toezichthoudende rol op de burgerluchtvaart laat zich eenvoudig trekken.

Een ander onbegrijpelijk aspect aan het gevoerde luchtvaartbeleid is het feit, dat de huidige wetgeving, behoudens een minimale vlieghoogte, geen enkele beperking oplegt aan het vliegen boven dichtbevolkte gebieden. De huidige situatie waarbij alles mag, is volkomen onhoudbaar geworden.

Dat het ook anders kan, wordt dezer dagen bewezen door de verkeersleiding op Schiphol, waar men na de vliegramp tijdelijk geen vluchten meer over de Bijlmer toestaat, om de gevoelens van de bevolking te sparen. Het buiten gebruik stellen van deze drukke aanvliegroute boven woongebied heeft op Schiphol kennelijk niet tot problemen geleid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden