Overal met je kop tegen de muur

Fred Hartman werd ziek. Een tocht langs allerlei instanties leerde hem dat hij geen recht heeft op financiële steun.

Twee jaar lang was Fred Hartman (52) conciërge. Toen die baan wegbezuinigd werd, nam hij het heft in handen en begon voor zichzelf als aannemer. Hij schafte een tweedehands bedrijfswagen aan, kocht gereedschap en verwierf opdrachten. „Badkamers verbouwen, nieuwe keukens plaatsen, dat soort dingen.” Het bedrijfje begon net goed te lopen toen Hartman merkte dat hij steeds sneller moe werd. Daarbij had hij regelmatig pijn.

Darmkanker, stelde de internist vast. Maar wel te behandelen.

Hartman werd dit voorjaar bestraald. Dat zorgde voor complicaties. Door de straling ontstond er een vernauwing tussen zijn nekwervels, waardoor Hartman moeite heeft zijn armen en benen te bewegen. „Ik werk het liefst met mijn handen”, zegt Hartman. „Maar op zeker moment liep ik achter een rollator offertes voor verbouwingen te bezorgen.”

Hartman moet nu eerst aan zijn nek geholpen worden. Hij hoopt binnenkort te horen of een operatie nodig is, maar hij weet al dat daar wachtlijsten voor bestaan.

Ondertussen lopen zijn kosten door en heeft Hartman geen inkomen. Als zelfstandige had hij geen arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten. „Die kost 1000 euro in de maand”, zegt hij. „Dat geld had ik niet, en als ik het zou doorberekenen in mijn uurprijs, was ik gelijk een stuk duurder dan mijn concurrenten.” Daarbij: voor zijn gereedschap en bedrijfsauto had Hartman een lening afgesloten en aan zijn ex-vrouw moet hij alimentatie betalen. Nu hij dat niet kan opbrengen, dreigt zij met deurwaarders en beslaglegging. Voor die kwestie wil Hartman een pro-deo-advocaat inschakelen, maar daarvoor bestaat een wachttijd van weken.

Hartman woont samen met zijn nieuwe partner. Hun woonlasten zijn berekend op twee inkomens. Zonder het inkomen van Hartman komen ze elke maand vierhonderd euro tekort. Hartman krijgt ook geen uitkering, omdat zijn partner daarvoor weer net te veel verdient. Hun huurappartement verruilen voor een goedkope huurwoning is gelet op de wachttijden geen reële optie. Toen duidelijk werd dat Hartman voorlopig niet zou kunnen werken, begon hij aan een tocht langs instanties. Eerst de Kamer van Koophandel, waar zijn bedrijfje stond ingeschreven. Die liet hem weten niets te kunnen doen, want Hartmans bedrijf bestond nog geen twee jaar én hij had geen beleidsplan voor hoe het verder met de zaak moest als hij weer beter zou zijn. Volgend loket: het Regionaal Bureau Zelfstandigen. Daar werd Hartman ’van hot naar haar doorverbonden’, om uiteindelijk na vier maanden te horen dat men niets voor hem kon betekenen. Daarop bezocht Hartman meermalen het kantoor van de sociale dienst, waar volgens hem niemand hem te woord wilde staan. Uiteindelijk kwam hij uit bij Sociaal Raadslieden Rotterdam, een gemeentelijke organisatie die gratis hulp en advies geeft over sociale en juridische onderwerpen. Van een Sociaal Raadsvrouw kreeg hij hulp bij het aanvragen van belastingteruggaaf. „Dat is 150 euro in de maand”, zegt Hartman. „Zoveel ben ik alleen al kwijt aan ziektekosten.”

„Ben ik arm?”, vraagt Hartman zich hardop af. „Mensen zullen zeggen van niet: ik heb nog onderdak, draag fatsoenlijke kleren. Maar ik eindig elke maand in de min.”

Het is ’heel jammer’ zegt Hartman, dat je nergens ondersteuning krijgt. „En dat is nog zacht uitgedrukt. Wat mij irriteert is dat je overal met je kop tegen de muur loopt. Eigenlijk ben ik ontzaglijk pissig.”

Af en toe krijgt Hartman nu wat toegeschoven van vrienden en bekenden, en iemand die hij kent uit het kerkelijk vrijwilligerswerk wist toevallig een paar diaconale noodfondsen. „Daar was ik blij om natuurlijk, maar dan krijg je eenmalig 500 of 1000 euro, net genoeg om een rekening te betalen. Ik zou graag eens een maand op nul uitkomen.”

Hoe moet het nu verder? „Ik heb geen idee”, zegt Hartman. „Werken zit er voorlopig niet in, ik kan per dag nog geen halfuur lopen. Ik ben nu een oud vod, zo heb ik me van mijn leven nog nooit gevoeld. Het is moeilijk om positief te blijven denken. Ik wil best ander werk gaan doen, maar wie zit er te wachten op een vijftiger die lichamelijk weinig kan?”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden