Over vijf jaar begint in Letland de toekomst

RIGA - Vijf alternatief geklede jongeren zitten gezellig op een muurtje in de zon. Ze worden omringd door metershoge bergen sneeuw die langzaam begint te ontdooien. Handig, dat smeltwater aan hun voeten. Kunnen ze mooi hun droge brood in dopen voordat het in hun mond verdwijnt.

Het plein in het oude deel van de Letse hoofdstad Riga is een geliefd verzamelpunt voor jongeren die houden van grunge, heavy metal en punk. Vanaf hun muurtje plagen ze leeftijdgenoten die keurig gekapt en gekleed voorbijlopen, ze vertellen elkaar hoe vaak de politie hen de afgelopen week wel niet heeft gecontroleerd op straat en ze wisselen adressen uit waar hasj te koop is. 'Future?', stottert een achttienjarige werkloze met een portret van Sex Pistols-zanger Johnnie Rotten op zijn t-shirt. No future.

Dat zou je niet zeggen als je door Riga loopt. De stad stond tussen de twee wereldoorlogen bekend als het bruisende centrum van het noorden. Die reputatie heeft zij vijf jaar nadat Letland zich afscheidde van de voormalige Sovjet-Unie al ruimschoots terug. Trendy café's, restaurants en nachtclubs zitten vol met modieus geklede twintigers en dertigers, bij de autohandelaar tegenover de kathedraal bestuderen belangstellenden een rode Porsche Carrera en om de hoek doet Benetton goede zaken.

Niet omdat de prijzen zo laag liggen, integendeel. Luxe-artikelen kosten in Riga soms zelfs meer dan in Parijs: vijftienhonderd gulden voor het nieuwste model zaktelefoon, zeshonderd gulden voor een wintercolbertje van Pierre Cardin, negentig gulden voor een parfum van Joop! Volgens een verkoopster van een kledingzaak aan de Brivibas Boulevard, de Champs Elysées van Riga, ligt dat aan de hoge tolheffing en transportkosten. Maar met zo'n driehonderd klanten per maand is er toch nog een aardige winst te maken.

De nieuwe rijken vallen buiten alle statistieken die het Ministerie van Sociale Zaken kan leveren. Het gemiddelde salaris wordt daar geschat op 250 gulden per maand. Werklozen krijgen een half jaar lang ongeveer de helft van dat bedrag, om het even hoeveel ze hebben verdiend. Als ze daarna nog geen werk hebben, kunnen ze zich nuttig maken met het schoonvegen van straten of kerkhoven. In ruil daarvoor krijgen ze zes maanden langer dezelfde uitkering. Daarna wacht de armenzorg.

Volgens het ministerie is het percentage werklozen de afgelopen drie maanden gestegen tot zeven procent. De woordvoerster zoekt de verklaring bij de privatisering van staatsbedrijven die leidt tot een enorme inkrimping van het personeel. Maar in de hoofdstad heeft slechts 0,5 procent van de inwoners geen baan. De reden weet iedereen: de taxi-chauffeurs, de oude vrouwtjes die rijendik met hun schoenveters bij de ingang van de markthal staan; de professionele bedelaars en de mafiosi - ze dragen allemaal bij tot een economie die voor veertig procent zwart is.

“Toen ik drie jaar geleden in Riga kwam, wist ik dat het petroleum-systeem zo corrupt was als de pest”, zegt Pim Erkelens, financieel directeur van Shell-Letland. “Bij de grens stonden Russsische tankwagens waar benzine vermengd met water voor zwart geld werd verkocht. Criminele figuren vroegen beschermingsgeld aan buitenlandse bedrijven die zich hier wilden vestigen. En speculanten eisten exorbitant hoge huren voor hun kantoren. Je werd bedonderd waar je bijstond.”

De Nederlandse multinational wist dat het opzetten van pompstations in de Baltische staten vele miljoenen zou kosten. Maar daar staat tegenover dat Estland, Letland en Litouwen een ideale plek op de wereldkaart innemen. Pim Erkelens: “Als ze zich weten te ontwikkelen tot de Benelux van het noorden, met hun enorme achtergebied in de voormalige Sovjet-Unie, wordt onze aanwezigheid economisch erg interessant.”

Shell werd hartelijk ontvangen, zelfs door de Noorse en Finse olie-maatschappijen Statoil en Neste. De twee concurrenten hadden de nieuwe afzetmarkt al twee jaar eerder ontdekt, maar ze konden wel wat steun gebruiken bij hun strijd tegen de mafia. “Samen krikten we de spelregels op”, zegt de Nederlandse topman. Tot grote vreugde van de drie overheden die veel geld zien verdwijnen in het zwarte circuit. Van hun kant proberen zij meer controle-middelen in te bouwen in nieuwe wetten.

“Het probleem is alleen dat die wel moeten voldoen aan de Europese overeenkomsten over het vrije verkeer van kapitaal”, zegt Solvita Harbacevia, adjunct-directeur van het Europese Integratiebureau in Riga. Als pas afgestudeerde juriste aan de Amsterdamse School voor Internationale Betrekkingen gaat zij na of alle wetsontwerpen overeenkomen met de regelgeving in de Europese Unie. Dit jaar moet ze wel 350 rapporten doorploegen. “Ik krijg al hoofdpijn als ik eraan denk.”

Letland wil graag lid worden van de Europese familie. De Unie is in de eerste plaats aantrekkelijk om veiligheidsredenen. De angst zit er nog steeds in dat Rusland elk moment kan binnenvallen. Bovendien ziet het grote economische voordelen wanneer het kan toetreden tot de EU. Genoeg reden om alles op alles te zetten, voordat de onderhandelingen over een half jaar beginnen.

Zo bereiden Solvita Harbacevica en haar collega's een publiekscampagne voor, met de gedachte in het achterhoofd dat er in Letland misschien ook wel een referendum over de toetreding gaat plaatsvinden. Sinds begin dit jaar is een speciale minister voor Europese Zaken actief. Alle betrokken bewindvoerders komen eens in de maand in zijn kantoor vergaderen en talloze ambtelijke werkgroepen doen het voorwerk.

Als Letland ergens mee scoort, dan is het wel met het nieuwe Nationale bureau voor mensenrechten - waar Nederland overigens zeven ton aan heeft bijgedragen. Directeur Kaija Gertnere, alweer een jonge, goedopgeleide vrouw met een topfunctie, zou het zo niet willen stellen. “We hebben dit kantoor echt niet geopend om de internationale gemeenschap te kalmeren”, zegt ze kattig. Maar de voortdurende klacht van Rusland bij de VN over schendingen van de mensenrechten in Letland was wel een aanleiding. Zo'n dertig procent van de bevolking is Rus.

Een onderzoek naar de discriminatie van deze bevolkingsgroep staat echter niet nummer 1 op de prioriteitenlijst. “Daar is de situatie veel te ingewikkeld voor”, zegt Gertnere. “Bovendien wordt iedereen die hier met een klacht komt, behandeld als een individu en niet als lid van een minderheid. We willen niet in dezelfde val trappen als westerse mensenrechtenorganisaties”.

Tegen wetsontwerpen waarin discriminerende maatregelen staan voor minderheidsgroepen protesteert de onafhankelijke instelling wel. De afgelopen maanden heeft het bureau zich ook ingespannen voor de rechten van kinderen. Binnenkort volgt een onderzoek naar seksueel geweld binnen het gezin. Gertnere hoopt daar advies over te krijgen van de Nederlandse politie.

Nog vijf jaar, schatten de Shell-man, de juriste en de mensenrechtenonderzoekster. Dan heeft Letland zijn achterstand grotendeels ingehaald. De Porsches hoeven tegen die tijd niet meer door straten vol gaten te rijden; de oude vrouwtjes hoeven niet meer te koukleumen bij de markthal en de rebellen van Riga....?

Terug naar het plein in het centrum. Het is drie graden onder nul en het sneeuwt. Maar op het muurtje zitten dezelfde jongen met het t-shirt van Johnny Rotten en zijn vrienden. No Future? “Ik zou wel advocaat willen worden, maar dan moet ik nu huiswerk maken en ik heb liever plezier met mijn vrienden”, zegt een meisje met blonde vlechten. Een skinhead geeft geen antwoord op de vragen. Hij laat liever een klodder spuug achter op de jas van de verslaggeefster.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden