Opinie

Over seksueel geweld valt ook in Nederland niet te praten

Een demonstrant tegen seksueel geweld in India. Beeld anp
Een demonstrant tegen seksueel geweld in India.Beeld anp

BRIEF HOOFDREDACTIE - 'Het verhaal moet van a tot z verzonnen zijn, want wie wil er nou seks met Asha?'

Aldus een van de reacties op de column van Asha ten Broeke van afgelopen dinsdag. In die column beschreef Ten Broeke hoe ze op achttienjarige leeftijd slachtoffer was van verkrachting.

Dat heeft ze geweten. Er werd niet alleen met ongeloof gereageerd, Ten Broeke kreeg zelfs van doorgaans weldenkende vrouwen verwijten, bijvoorbeeld het verwijt dat ze zichzelf op één lijn stelde met Jyoti Singh, de Indiase vrouw die in een bus door een groep mannen werd verkracht en het leven liet. Dat was nog eens wat anders dan een dronken ventje van achttien van je afschoppen.

Zeker. En de ophef in India was weliswaar aanleiding voor de column, maar Asha heeft haar eigen ervaring nergens gelijkgesteld aan het lot van Singh. Beter lezen alvorens te reageren, had geholpen.

De column van Ten Broeke was een pleidooi om te praten over seksueel geweld, niet alleen over de verschrikkelijke vormen van vrouwenonderdrukking en geweld in India, maar ook over seksueel geweld, groot en klein, dichtbij.

De discussie is niet nieuw. Hij speelt al sinds de seksuele revolutie en de eerste feministische golf. Maar nog altijd is er veel zwijgen over seksueel geweld. In haar column zocht Ten Broeke verklaringen daarvoor. Een van de verklaringen is dat vrouwen die slachtoffer zijn van seksueel geweld niet alleen worden gehinderd door schaamte, maar ook door een cultuur die de verantwoordelijkheid op de verkeerde plaats legt.

Ten Broeke vatte dat samen in een zin die juist door zijn vele ontkenningen mooi en krachtig is: 'We leren jongens niet dat ze niet moeten verkrachten, waardoor niet verkracht worden de verantwoordelijkheid is van de vrouw.'

Sommige reacties op internet waren een bijna potsierlijke illustratie van haar gelijk. Want hoe had de achttienjarige Asha ten Broeke het in haar hoofd gehaald om 's avonds alleen op stap te gaan? En waarom was ze niet gewoon weggegaan toen die jongen vervelend werd?

Een debat van doven.

Er was discussie over definities; wat Asha beschreef was geen verkrachting, maar slechts aanranding, of misschien zelfs niet meer dan een mislukte vrijpartij.

Er was discussie over het cijfer dat ze aanhaalde; 11 procent van de vrouwen in Nederland ooit verkracht? Kan niet waar zijn!

En dan was er nog de slimmerik die opmerkte dat Ten Broeke regelmatig schrijft over de culinaire verleidingen die aan je trekken als je door een stationshal loopt; voor een jonge man is vrouwelijk schoon net zoiets! Alsof een vrouw verkrachten zoiets is als een patatje eten. 'Een vrouw is geen kroket', luidde adequaat een van de reacties.

Daarnaast was er ook lof en bewondering voor de column van Ten Broeke, vooral onder vrouwen, en vooral in brieven en mails aan de redactie. Je zag hier weer de bekende verschillen: op de website gaat het er veel grover aan toe dan in brieven aan de redactie. En erger nog dan de website is Twitter. Op de site komt het nog enigszins tot debat, maar op Twitter wordt vooral op de vrouw (of man) gespeeld.

Het illustreert de klacht van PvdA-voorzitter Spekman (en van premier Rutte) dat internet 'het afvalputje van de samenleving' is geworden. Filosoof Sebastien Valkenberg deed deze week nog een boeiende poging om GeenStijl te bestempelen tot afstammeling van de radicale Verlichting. En als je goed zoekt zijn die elementen zeker te vinden: de strijd tegen instituties, gevestigde machten en heilige huisjes. Maar veel van wat op GeenStijl verschijnt, dient geen hoger doel dan plat sarcasme. En als het om vrouwen gaat wordt het stadium van kritiek al helemaal niet gehaald; er is slechts vleeswaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden