Over de tijd dat een rode vlag nog als zwaailicht fungeerde

interview | Oud-Wegenwachter Wim Philips: Via praatpalen luisterden we of er file stond

Even de adem inhouden. Dan zit het jasje van zijn historische uniform als gegoten. Wim Philips (75) uit Bolnes mag dan al jaren met pensioen zijn, een 'Wegenwachter' blijft hij. Natuurlijk viert hij vandaag in Rhoon de zeventigste verjaardag van ANWB's Wegenwacht. De boomlange hulpverlener belichaamt immers de Wegenwachthistorie. Hij begon zelfs nog op de BSA-motor-met-zijspan van de mobilofoondienst. Hoezeer is het Wegenwachtwerk veranderd sinds hij aantrad in 1962?

Thuis tussen de Wegenwacht-parafernalia - 'het is hier een soort museum' - bladert Philips door dikke plakboeken over zijn loopbaan. Die begon aan de Rijksweg 13 bij Delft. Mooie en droevige anekdotes buitelen over elkaar heen. Zijn plakboek zit vol bedankbriefjes van 'pechgevallen'. Als Wegenwacht-nummer 167 reed hij in Zuid-Holland. "Ik repareerde zo veel mogelijk zelf", vertelt hij. "Daar kreeg je toen meer tijd voor." Zijn zwaailicht? Hij pakt een rode vlag. "Die zette ik in een jerrycan."

De grootste verandering in zijn loopbaan blijkt niet de auto-, maar de communicatietechniek. Aan de A13 experimenteerde de ANWB begin jaren zestig met nieuwigheden als mobilofoons en praatpalen. Philips pakt een knalgeel driehoekig vaantje. "Daarmee zwaaide een automobilist die pech had", zegt hij.

Draadloos contact per mobilofoon maakte Philips' werk makkelijker. Opdrachten schalden uit de buitenluidspreker op zijn gele hulpvoertuig over straat. "Iedereen kon meeluisteren."

Het was een hele verbetering. Maar het kon lang duren voordat er assistentie verscheen. Een jonge Philips trof in 1962 zwaargewonden aan bij een botsing in de mist op de A12. "De veldwachter kwam op de fiets, net als de huisarts uit Nootdorp."

Ondanks alle leed en ellende die hij aantrof, zoals drie dode meisjes, sliep hij nooit slecht. Bovendien waren er leuke avonturen. Zoals toen hij de lamp van zijn eend verboog tot schijnwerper in een speurtocht naar een verloren juweel. Hij vond 'm.

De gekste dingen maakte Philips mee. Zoals de acteurs Joop Doderer en Lou Geels met pech. Terwijl Philips de auto repareerde, repeteerden ze Swiebertje in de berm. Philips belandde met Dorus, Tom Manders, in een Moerdijkse koffietent.

Een hoogtepunt was zijn reis begin 1973 naar het nieuwste EEG-lid Groot-Brittannië. Europese Wegenwachters gingen bij wijze van welkomstgroet in Londen defileren en hulpverlenen. "Zat ineens premier Heath naast mij in mijn Ami 8."

Wegenwachters zijn oppassende, behulpzame buitenlui, tuk op zelfstandigheid. In 1965 stemden zij over een extra taak als politiereservist, blijkt uit Philips' plakboeken. "Ik was ervoor, de meerderheid niet", zegt Philips. Later zou hij vele tankstations uitrusten tot Rode Kruisposten, met brancards en al. In de Koude Oorlog hadden die, en de praatpalen, een defensierol in communicatie en hulpverlening. "Dat is vrij onbekend", zegt hij. "Wist je dat we via praatpalen luisterden of er file stond?"

De autopech is volgens Philips al die jaren grofweg hetzelfde gebleven. Falende elektronica was ook toen hij pensioneerde in 2001 de grootste malheur.

Wat ook bleef, is een hulpvaardige wegenwacht-levenswijze. Die raakt Philips, die trouwde in tenue, niet meer kwijt. Hij pensioneerde nooit echt. Hij rijdt zijn Wegenwacht-BSA bij evenementen en repatrieert gestrande ANWB-leden in Europa. Philips toont een recent bedank-sms'je en verklaart: "Een Wegenwachter helpt nu eenmaal graag".

Anno 1946

De vereniging ANWB richtte de Wegenwacht in 1946 op naar voorbeeld van de Britse AA. De eerste Wegenwachters hadden aanvankelijk ook de taak bewegwijzering te onderhouden. Momenteel telt de ANWB 815 Wegenwachters, waaronder vijf vrouwen. Zij verleenden vorig jaar ruim 1,1 miljoen keer hulp bij pech. De praatpaal wordt daarbij nog zo weinig gebruikt dat die volgend jaar verdwijnt.

Wegenwacht op waterstof

De ANWB trakteert de jarige Wegenwacht vandaag op een brandstofcel-auto. De nieuwste auto, een speciaal geprepareerde Renault Kangoo, rijdt op elektriciteit die hij opwekt met een brandstofcel uit getankt waterstof. De auto wordt ingezet bij Wegenwachtstation Rhoon, waar een van de weinige publieke waterstoftankstations is. Met een rijbereik van 300 kilometer kan de Wegenwacht hiermee reguliere diensten draaien rond Rotterdam.

Een pr-stunt is het zeker niet, verzekert Erwin Peters, ANWB-manager Research & Development. "We willen hiermee járen gaan rijden." Peters wijst erop dat de Wegenwacht vaak nieuwe autotechnieken uitprobeert, zoals sinds vijf jaar een elektrische Wegenwachtauto op Schiphol. Nieuwe techniek leidt volgens hem ook tot nieuwe pechklachten. "Bij elektrische auto's vriezen de laadsnoeren soms vast", zegt hij. Welke specifieke problemen een waterstofauto heeft, moet de tijd leren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden