Over de roes in de Bar des Artistes

Belangrijkste werk van Tom Kristensen voor het eerst vertaald

De openingszinnen van 'Vernieling' bevatten meteen alles wat we over hoofdpersoon Ole Jastrau moeten weten: een man ligt op zijn divan te lezen, en als zijn telefoon gaat legt hij zijn boek open op een stapel ongeopende recensie-exemplaren. Deze vermoeide journalist zal in de komende bladzijden in snel tempo op zijn eigen ondergang afstevenen. Hij komt nergens meer toe, gaat steeds meer drinken en verliest zijn vrouw, zoon, baan en huis.

'Vernieling', al uit 1930 maar nu voor het eerst in het Nederlands vertaald, wordt beschouwd als het magnum opus van een van de belangrijkste Deense schrijvers van het interbellum. Hij schreef naast essays en romans ook modernistische poëzie.

Natuurlijk is het niet zo fraai om die totale aftakeling van Jastrau bladzijde na bladzijde, scène na scène te moeten meemaken. Het is dan ook vooral Kristensens superieure schrijfstijl die de lezer bij de les houdt. Onwillekeurig moet je glimlachen als Jastraus zoontje van vier in beeld komt 'met zijn buik vooruitgestoken als een kleine paardenhandelaar'. En ook het spitse sarcasme bij de introductie van de katholieke pater Gardhammer, spreekt aan: 'Hij glimlachte als een pensionhoudster, hartelijk en sluw.'

De schrijver wilde in zijn roman het wezen van het alcoholmisbruik vatten, van de roes van het eerste glas tot de totale ineenstorting van het bewustzijnsverlies. Terwijl Ole Jastrau op de eerste bladzijden nog min of meer 'normaal' functioneert, wordt hij gaandeweg een alcoholicus, die van de Bar des Artistes naast Het Dagblad zijn ware thuis maakt. Die jazzbar onder hotel Kong Fredrik was in het Kopenhagen van de jaren twintig een bekende kroeg. Hij lag overigens net naast Politiken, waar Kristensen zelf als journalist werkte. Het boek bevat nog meer autobiografische elementen. Om te beginnen stond de schrijver bekend als een grote drinker, en zou hij na het voltooien van zijn roman de grootstad zijn ontvlucht omdat de drank daar al te overvloedig voorhanden was. Ook de personages uit de roman zouden destijds goed herkenbaar zijn geweest als de collega-journalisten van Kristensen, wat bij de publicatie enorm veel wrevel opwekte omdat zowat iedereen erin wordt afgeschilderd als drankverslaafd.

Het werd de schrijver niet in dank afgenomen dat hij de drinkgewoonten van de burgerij - en daarmee ook de bourgeoismoraal en -cultuur - zo zwaar op de korrel nam. Zijn voornaamste kritiek luidt dat de burgerij alles in het geniep doet. De altijd donkere Bar des Artistes staat daarbij symbool voor de verborgenheid.

Als Jastrau op een dag naar een feestje moet, stelt hij vast hoezeer de burgerlijke aanwezigen zich verlustigen in de arme stakkers die wegens dronkenschap in de cel zitten. Ze willen hen maar wat graag gaan bekijken in hun cellen, als dieren in de dierentuin. Jastrau, die zelf eens een nacht in zo'n cel heeft doorgebracht, walgt van die dubbele burgerlijke moraal. Want de burgerij drinkt ook, maar dan in het duister.

Zelf wil hij ontsnappen uit de kooi van het burgerlijk fatsoen. Dat doet hij trouwens met grote overgave. Hij zegt zijn baan op, omdat hij 'geen vast aangestelde producent van meningen meer wil zijn.'

Hallucinant is verder de scène waarin hij - nog gekleed in het rokkostuum van de vorige dag - uit een drankcoma ontwaakt in een hotelkamer en vaststelt dat zijn das is beschreven met de woorden: 'Dank voor het bier'.

Er gebeurt niet veel in deze roman. Personages lopen in en uit, praten wat, schoppen een scène, en belanden onveranderlijk in de Bar des Artistes, waar ze met drank proberen de leegte te bestrijden. "Jastrau ademde de geur van menselijke nabijheid met diepe teugen in en voelde geluk. O, er was geen leegte! Leven! Leven!"

De hoofdpersoon wordt voortdurend gekweld door een gevoel van totale vervreemding. De roes van de drank moet hem daarvan bevrijden, maar te veel drank leidt onvermijdelijk tot nog meer leegte en vervreemding. Als hij met een zware kater door Kopenhagen loopt, lezen we: "Het waren allemaal maskers, het was een doek met beelden van huizen, winkels, etalages, stoepen, voetgangers en fietsers, dat voor de werkelijkheid was gehangen."

Kristensen is er wonderwel in geslaagd de effecten van alcohol van binnenuit te beschrijven in een schitterende stijl. Maar het vraagt van de lezer wel moeite om al die scènes tot zich te nemen. Want de roes van de alcohol, die steeds opnieuw moet worden opgeroepen, is in zijn dwangmatige herhaling onnoemelijk saai.

Tom Kristensen: Vernieling.

Vert. Annelies van Hees. Lebowski Publishers; 477 blz. euro 25

Magnum opus van klassieke Deense schrijver blinkt uit in zijn superieure stijl maar verveelt in het thema van drank en roes

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden