Ouwemannenkwaal

Ik hoorde het Frits Bolkestein in gesprek met Sven Kockelmann, afgelopen woensdagavond, duidelijk zeggen; hij wilde niet lijden aan die ouwemannenkwaal, namelijk om alles van vroeger beter te vinden. En al wist hij er in het vervolg slechts uit te persen dat de Tweede Kamer tegenwoordig misschien beter dan vroeger functioneerde, ik nam het me toch weer eens ter harte.

Zo oud als Bolkestein ben ik nog niet, maar toch oud genoeg om op het paradijs van mijn jeugd terug te kijken. Of paradijs? Dat was het eigenlijk niet. Ik mocht maar weinig, vond ik toen, kreeg geen geld om Dinky Toys te kopen. En ik verveelde me nogal. Ga buitenspelen, riep mijn moeder, maar daar had ik geen zin in. Zij moest mij bezighouden.

Ergens rond mijn twaalfde kwam samen met de televisie het bericht mijn leven binnen dat er verandering op til was. Bloemenkinderen werden ze genoemd en ik zag een paar beschilderde meisjes met bloemen in het haar. California. Het was nog ongehoord, maar langzamerhand werd het gewoner. Een neef van mij liet zijn haar lang groeien en ging op een woonboot wonen. In Kalliope, het krantje van mijn school, schreef mijn klasgenoot Peter van der Veer een stukje over hasjiesj. Hippies, provo's, kabouters. The times they are a changing. Die tijden althans. Dat er tenslotte niks van terechtkwam en ook de nieuwe machthebbers langzamerhand veranderden in de regenteske betweters van weleer was jammer, maar nam het paradijselijke gevoel niet weg.

Als je wilde, kon er iets veranderen. En nu moet ik dus voelen van Bolkestein en mijzelf dat het nog steeds kan, dat de wereld niet hopeloos achteruit gehold is. Dat kost enige moeite. De hippies en provo's zijn immers allang het bos ingevlucht en junk geworden of hebben zich aangepast. We moeten een nieuw soort dissidenten zoeken.

Misschien is Geert Wilders er wel een, bedacht ik vanochtend opeens. Ik erger me wild aan die man, maar ik sluit niet uit dat dat aan mijn ouwemannenkwaal ligt. Wilders probeerde de afgelopen dagen het debat over het nieuwe Europese noodfonds lam te leggen, te frustreren door almaar om hoofdelijke stemming te roepen en te zeggen dat ze moesten wachten tot zijn rechtszaak tegen dat fonds voorbij was.

In Amerika noemen ze zoiets 'filibustering': je weet wel dat het misschien niks uithaalt, maar je probeert de zaak zo lang mogelijk uit te stellen en je tegenstanders te ergeren. Waarom ergert Wilders' gedrag mij zo? Hij irriteert en provoceert, maar dat deden de provo's ook. Hij stookt de mensen op, maar dat vonden mijn ouders van Rob Stolk en Roel van Duijn ook. Hij beweert de stem van het volk te vertegenwoordigen, zoals de toenmalige wereldverbeteraars de stem van de jeugd in pacht meenden te hebben. Ik moet van Geert Wilders houden. Nee, dat is echt onmogelijk.

Bolkestein zei ook niet dat ik alles van nu goed moest vinden, maar dat ik het verleden niet moest verheerlijken. Ik probeer het. Ik probeer Geert Wilders te begrijpen. Echt, ik doe m'n best. Makkelijk is het niet, maar 'al ontbreken de krachten, toch is de wil te prijzen'. Wisten de ouden reeds. Ah, ga ik weer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden