Ouwe-jongens-krentenbrood werkt niet bij Colombiaanse drugsbaron

DEN HAAG - Hij gaat nog regelmatig terug naar 'zijn' gevangenissen. Directeurgeneraal mr. F. Evers van de rijksgebouwendienst rijdt dan naar Hoogeveen, of naar Leeuwarden, en wil van het personeel horen hoe de splinternieuwe inrichting bevalt.

Evers, bij het ministerie van Vrom hoofdverantwoordelijk voor het ontwerp en de bouw van overheidsgebouwen, heeft de afgelopen vijf jaar getekend voor capaciteitsuitbreiding bij Justitie. Onder zijn leiding vond de nieuwbouw van gevangenissen en huizen van bewaring plaats in Sittard, Arnhem, Leeuwarden, Grave, Hoogeveen en Rotterdam. Evers was daarnaast nog eens verantwoordelijk voor de verbouw en uitbreiding van bestaande penitentiaire inrichtingen als Nieuw Vossenveld in Vught.

Het lijkt alsof Evers in al die jaren niet is opgeschoten. "Toen ik vijf jaar geleden bij de rijksgebouwendienst kwam, speelde eigenlijk eenzelfde discussie als nu" , zegt hij. "Ook toen was er plotseling een groot cellentekort en een forse discussie over een eventuele uitbreiding van de capaciteit van het gevangeniswezen. Ik zag dat cellentekort destijds als een van de eerste problemen die ik zou moeten oplossen. Toen al ben ik veel onverwachte bezoeken gaan brengen aan gevangenissen, het liefst na zessen, onaangekondigd, zodat ik met de mensen op de werkvloer kon praten over wat hen bezighield. Een gebouw maak je namelijk voor diegenen die het moeten gebruiken, of het nu een kantoor is of een gevangenis."

De gedetineerden lijken op het eerste gezicht de gebruikers van de gevangenis, zegt Evers, maar dat is natuurlijk niet zo, voegt hij daar direct aan toe. "De gebruikersgroep wordt gevormd door het personeel, en als je daar niet op let, gaat het helemaal mis. Ik heb in die periode met name veel geleerd van de personeelsleden die in de oude inrichtingen zaten. Nadat de eerste nieuwe gevangenissen werden opgeleverd, heb ik ook die veelvuldig bezocht, al was het maar omdat er zoveel belangstelling uit het buitenland is."

Evers voelt zich persoonlijk verantwoordelijk voor de zaken die mislopen. Neemt een gedetineerde het hazepad, dan rijdt Evers naar de lekke gevangenis en gaat zelf na hoe dat zover is kunnen komen. "Na de ingebruikname van de gevangenis in Hoogeveen bijvoorbeeld, wilde ik na een aantal ontsnappingen en moeilijkheden weten wat er speelde. Ik ben met de directeur en het personeel om de tafel gaan zitten en heb de hele reeks feilen doorgenomen en vervolgens vastgesteld of die organisatorisch of bouwtechnisch moeten worden opgelost."

Zo langzamerhand is zoveel ervaring verzameld, dat de nieuw te bouwen gevangenissen zullen worden aangepast. Architecten moeten het in het vervolg doen met standaardtralies en mogen geen eigen ontwerpen voor hekwerken meer maken, de openslaande ramen gaan verdwijnen om de vervuiling van de luchtplaatsen te voorkomen, en Evers laat uitzoeken of lantaarnpalen op de binnenplaatsen het gevlieg met helikopters kunnen tegengaan.

Het ministerie van justitie heeft Evers vanwege zijn ervaring begin dit jaar gevraagd zitting te nemen in de commissie Beveiliging gevangeniswezen, die komende maand staatssecretaris Kosto van justitie moet adviseren over een stringenter veiligheidsbeleid. De commissie moet met een antwoord komen op de aanhoudende vlucht van drugs handelaren, die alles in het werk stellen snel weg te komen en door hun dikke beurs kunnen rekenen op alle medewerking buiten, en soms binnen de gevangenis.

Evers geeft aan dat de commissie worstelt met een dilemma: "Ik ben jurist, en ga er als leerling van criminologen als Enschede en Hoefnagels vanuit dat ons penitentiair systeem een verworvenheid van de eerste orde is. We willen in Nederland niet naar een systeem zoals dat in andere landen functioneert, met een 'aidszaal' met 500 seropositieven, bewakers met automatische geweren en schietgaten in de muren. Anderzijds hebben we de laatste jaren een type gedetineerde gekregen die wellicht om zo'n regime vraagt."

De kunst is nu, aldus Evers, dat bewonderde systeem niet overboord te gooien bij het treffen van voorzieningen voor een bepaalde zware groep gevangenen. "En dan heb ik het over de gedetineerden van meestal buitenlandse origine, de drugshandelaren die over een bijna ongelimiteerde hoeveelheid geld beschikken. Dat zijn degenen die spectaculair kunnen ontsnappen. Zij gaan er vanuit dat iedereen zijn prijs heeft."

De omgang met dat soort mensen vereist een heel ander soort benadering, concludeert Evers. "De man die indertijd in Sittard over de muur ging, was een ontzettend aardige man. Daar konden de bewakers allemaal goed mee op schieten. Dat was geen gewelddadig beest dat je achter tralies gooit en heel streng behandelt. Nee, dat was iemand die zich in zijn dagelijkse gedrag volkomen conformeerde aan het lichtste regime, ogenschijnlijk overweg kon met de ruimste regels. En zo strooide hij zand in de ogen van het gevangenispersoneel. Die aardige man huurde op hetzelfde moment handlangers in om hem op te halen. Bij dit soort vluchtpogingen zal er desnoods op bewaarders geschoten worden, geen enkel probleem."

Dit type gedetineerde is pas sinds een paar jaar in het Nederlandse systeem vertegenwoordigd, zegt Evers. "De commissie-Hoekstra zal aangeven hoe je nu met dat soort mensen moet omgaan. Met een amokmaker weten we wel om te gaan. Die zetten we gewoon even apart. Maar wat te doen met iemand die zich ogenschijnlijk plezierig gedraagt, maar feitelijk vluchtgevaarlijk is? Afzonderen en luchten in een tijgerkooi? Dat is het dilemma waar we nu vreselijk mee zitten."

Nederlandse inrichtingen gaan tot nu toe uit van het principe dat er een gemeenschap te bouwen is die berust op een wederzijds verdragen van werkers en gedetineerden. "Er is over het algemeen wederzijds respect voor elkaars positie. Daarom zijn bewaarders ook niet gewapend, zelfs niet met een stok. Er is een sfeer van: jongen, je moet nu eenmaal een tijd uitzitten, laten we dan plezierig met elkaar omgaan. En het lukt in bijna alle gevallen om zo'n sfeer te creeren."

Om de zware groep gedetineerden binnen te houden, zullen dus extra maatregelen nodig zijn, een ouwejongens-krentenbood-sfeer houdt een Colombiaanse drughandelaar niet in zijn cel. Als alle nieuw te bouwen gevangenissen worden afgestemd op de zwaarste groep, dan lijden de 'goeden' onder de 'kwaden', al is dat in dit verband een wat ongelukkige uitdrukking. Evers is daar ook niet voor, ook omdat het opkrikken van de veiligheid van alle gevangenissen een dure zaak is. Hij wil de zware groep daarom buiten het huidige aanbod gaan onderbrengen.

Een speciale, aparte supergevangenis voor de rijke criminelen ziet Evers niet zitten. "Wie zou daar willen werken?" Wel pleit hij voor speciale zwaar bewaakte afdelingen, die in tegenstelling tot de Extra Beveiligde Inrichtingen (Ebi's) buiten de inrichting moeten komen, maar wel binnen het gevangeniscomplex liggen. Die Ebi's kunnen wat Evers betreft, beter worden opgeheven. Gedetineerden uit de Ebi's maken namelijk net als andere gevangenen gebruik van de algemene sport- en arbeidsvoorzieningen van de 'vrijere' strafinrichting, en ondernemen juist vanuit die accommodaties de benen.

"Ervan uitgaande dat de inlichtingendiensten van de politie kunnen tippen als een uitbraak op komst is, moet een gedetineerde in de toekomst binnen enkele minuten naar een strenger bewaakte inrichting worden gebracht, zonder dat dit tot paniek leidt bij de andere gevangenen. Zij merken wel dat de man wordt overgeplaatst, maar hoeven niet te weten dat hij in de extrabeveiligde inrichting zit. Dit gegeven pleit dus voor aparte onderdelen in de inrichting die niet zoals nu, binnen het gebouw geintegreerd zijn, maar op afstand liggen, echter wel binnen de muren."

Duurste bewoners

"De vraag is dan: welke voorzieningen moeten die mannen dan hebben? Moeten zij op die afdeling kunnen voetballen, fitnessen, of werken? Als je daar dus allemaal 'ja' tegen zegt, worden de drugshandelaren de duurste bewoners van Nederland. Ik kan een waterdichte gevangenis bouwen, maar die is duur en zonder buitenlucht. Beter is het de strenge veiligheidsvoorschriften te combineren met een striktere organisatie en een strenger regime."

Evers stelt dat de zware groep eigenlijk wat rechten zou moeten worden afgenomen. "De Beginselenwet gevangeniswezen moet aangepast, zodat je deze groep anders kunt behandelen. Nu al hebben de inrichtingen overdekte luchtkooien waaruit geen ontsnapping mogelijk is. Maar die worden niet gebruikt, omdat gedetineerden met succes daartegen in beroep gaan. Volgens de Raad van Toezicht is de kooi geen menswaardige luchting conform de wet. Er moet dus geknabbeld worden aan de rechten van gevangenen. Is geen enkele twijfel over mogelijk.

Nu kunnen vluchtgevaarlijke gevangenen nog gewoon naar 'buiten' bellen, en als iemand een buitenlandse taal spreekt, is het buitengewoon moeilijk vast te stellen of iemand geen 'vlucht boekt'. Er mag niet eens worden afgeluisterd. Zo is van alles te regelen. Daar moeten we verandering in brengen, anders lukt het niet dit soort gedetineerden binnen te houden."

Naast zijn plannen voor de zware jongens komt Evers ook met een voorstel voor de 'lichte gevallen'. "We kampen nu met een enorm cellentekort. Dat los je niet op door twee mensen op een cel te plaatsen, want voor hetzelfde geld bouw ik twee aparte cellen. Ik stel dat er in de dure gevangenissen voor langgestraften gedetineerden zitten die daar helemaal niet thuishoren. Waarom moet iemand die zijn boete niet wil betalen, een dure cel in de Rotterdamse gevangenis bezet houden? Ik denk dat bijvoorbeeld verkeersovertreders die een paar weken moeten zitten, of mensen die tijdelijk achter tralies moeten voor een economisch delict, veel eenvoudiger, dus goedkoper, kunnen worden opgevangen. Die zouden niet per se hoeven te werken en te sporten. En ook de beveiliging kan stukken eenvoudiger. Je hebt een instelling nodig die op slot kan, maar moet hier zonodig een hoge muur en hekwerken omheen? Ik denk het niet."

Evers is op dit moment in onderhandeling met een bouwbedrijf dat systeembouw levert voor de premiekoopsector. Dat bedrijf zou ook goedkoop een 'lichte' gevangenis moeten kunnen neerzetten, zodat in de echte gevangenissen weer plaats is voor overvallers en verkrachters.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden