Ouderdom als roeping

Soms hoor ik mensen die ouder worden zeggen: Wat moet ik hiermee? Luister naar de Poolse dichter en Nobelprijswinnaar Czeslaw Milosz. Hij noemt de ouderdom 'een roeping'. Toen hij dat schreef was hij tachtig.

Dat is het leuke van dichters: ze geven ons nieuwe woorden waardoor we de werkelijkheid anders gaan zien en beleven. De ouderdom als roeping klinkt toch heel anders dan 'de ouderdom als fase van aftakeling' of 'de ouderdom als kostenpost voor de samenleving'.

Een roeping houdt een opdracht in die van de andere kant komt. Je krijgt een opdracht waarvan je zegt: waarom ik? Reeds de bijbelse profeten wringen zich in alle mogelijke bochten om onder hun roeping uit te komen. Begrijpelijk, want die houdt meestal een hoop gedoe in. Niemand kiest er bijvoorbeeld voor om grijs en gebrekkig te worden.

Veel ouderen denken daarom: O, was ik nog maar jonger. En dan vergelijken ze wat ze toen konden met nu. Maar zoals ik in mijn boekje over de spiritualiteit van ouder worden ('Meer geluk dan grijsheid') laat zien, maken ze zichzelf zo ongelukkig. Ze pakken hun concrete roeping niet op, die even dichtbij ligt als het kunstgebit op hun nachtkastje. Het resultaat is dat ze zichzelf onaantrekkelijk vinden, afgedankt.

De roeping van de ouderdom eist overgave aan de werkelijkheid van afhankelijkheid van een rollator of iemand die je papieren helpt invullen. Overgave is niet passief berustend, want dan geven we onszelf niet echt: we houden iets mokkends. In echte overgave aanvaarden we actief de realiteit, hier en nu. Dan kan er iets wonderlijks gebeuren: er verschuift iets in je, zodat je met nieuwe ogen naar het leven kijkt. Ceslaw Milosz dichtte nuchter:

'Geachte ogen van me, het gaat niet best met jullie/ Ik krijg van jullie geen scherpe tekening,/ En als er een kleur is, dan is hij wazig.'

Naarmate hij aanvaardt dat hij minder goed kan zien, begint hij iets anders duidelijker waar te nemen:

'Zonder ogen, starend naar één licht punt,/ Dat zich uitbreidt en dat mij omvangt.'

Staande in het einde, ziet hij al een nieuw begin.

Wie zich overgeeft aan de opdracht van zijn of haar roeping, gaat iets betekenen voor de wereld. Je wordt een gezondene, een profetisch symbool van kwetsbaarheid. Als oudere ben je de vreemde 'ander' die alleen al door er te zijn, een kritische kanttekening plaatst bij de dominante economische mythe die ons in een grote crisis heeft gestort. Wie of wat we ook mogen wezen, we zijn niet geschapen als onkwetsbare wezens die pas echt mens zijn wanneer ze volledig controle over zichzelf en anderen hebben.

Integendeel: juist onze kwetsbaarheid maakt empathie en liefde mogelijk, warmte en betrokkenheid. Kwetsbaarheid is de voorwaarde voor compassie. Maakt God zelf zich van het Kerstkind tot de Gekruisigde niet kwetsbaar, met wonden die toegang geven tot een nieuw en dieper bestaan?

Ouder worden is een roeping tot kwetsbaarheid. Evenals op hun wijze de bijbelse profeten deden, bewaak je in het mandje van je rollator het vlammetje van de humaniteit. Zo helpen ouderen voorkomen dat de wereld door onmenselijkheid vergaat. Dat bezingt Milosz in zijn gedicht 'Lied over het einde van de wereld':

'En zij die donder en bliksem verwachtten/ Zijn teleurgesteld./ Alleen een witharige oude man die een profeet zou kunnen zijn/ Maar geen profeet is want hij heeft het veel te druk,/ Herhaalt terwijl hij zijn tomaten opbindt:/ Een ander einde van de wereld is er niet/ Een ander einde van de wereld is er niet.'

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden