Levenslessen

Oud-voetballer Aziz Doefikar: 'De Marokkaanse cultuur zit de spelers van nu in de weg? Bullshit'

Aziz Doefikar, maatschapelijk werker en oud voetballer Beeld Merlijn Doomernik

Jeugdwerker Aziz Doufikar (55) was de eerste voetballer van Marokkaanse afkomst in de eredivisie. Hij begrijpt wel dat talentvolle landgenoten, zoals Ajax-aanvaller Hakim Ziyech, niet kiezen voor Oranje. Vandaag en dinsdag speelt Marokko voor de Afrikacup zonder Ziyech. Hij is geblesseerd.

1. Kom op tijd

Ik was altijd de enige Marokkaan in mijn team. Mensen noemen me een pionier omdat ik de eerste Marokkaanse voetballer in de eredivisie was. ‘Jij hebt deuren geopend’, zeggen ze dan. Nee. Iedereen heeft eigen kwaliteiten. Natuurlijk ben ik blij dat er nu 23 Marokkanen in de eredivisie spelen, maar dat is niet mijn verdienste. Ik heb gewoon gevoetbald. Ik heb geen barricades hoeven slechten.

Mijn familie steunde en stimuleerde me. ‘Anders kom je in de fabriek te werken’, zeiden ze. Toen ik naar PEC Zwolle ging, drukte mijn trainer Co Adriaanse me op het hart: ‘Grijp deze kans met twee handen aan.’ Dat deed ik. Ik greep die met drie handen aan.

Voor mij was het makkelijker om door te breken dan voor andere Marokkanen die later in de eredivisie gingen spelen. Toen ik voetbalde ging het om mij, niet om mijn Marokkaanse cultuur. Ik moest kwaliteit leveren.”

2. Pas je aan

“Je moet je aanpassen aan de cultuur waar je woont. Ik ben geboren in Casablanca, maar ik voel me Nederlander. Ik ben hier opgegroeid. Als ik thuis ben, ben ik in mijn cultuur en praat ik Marokkaans, maar daarbuiten ben ik Nederlander.

Ik was acht toen ik naar Nederland kwam, met mijn moeder, vier zussen en vier broers. Mijn vader woonde hier al een paar jaar. Hij was automonteur in Marokko en bezocht ooit in Nederland zijn broer, die in een diervoederfabriek in Leiden werkte. Toen hij daar kwam kijken, vroeg hij aan hem: ‘Waarom doet die machine het niet?’ ‘Is al dertig jaar stuk’, zei mijn oom. ‘Mag ik er eens naar kijken?’ vroeg mijn vader. Niet veel later deed hij het weer. De baas zag het en vroeg: ‘Waarom kom je niet hier werken?’ Mijn vader overlegde later met mijn moeder en met ons. Hij emigreerde in 1968 en wij kwamen in 1971 achter hem aan.

Miloudy, mijn vader, overleed in 1978, hij was pas vijftig. Mijn moeder Sadia heeft ons daarna de weg gewezen. Ze zei: ‘Ik hoef geen andere man. Ik heb jullie. Volg je studies.’ Ze is nu 87.”

3. Wees loyaal

“In het voorjaar van 1986 kwam er een fax binnen bij PEC Zwolle. Van de Marokkaanse voetbalbond. Of ik naar Ierland wilde komen voor de voorbereidingen op het WK van 1986 in Mexico. Marokko had zich geplaatst. Co Adriaanse was tegen. Hij zei dat hij me nodig had in de na-competitie om met PEC Zwolle te kunnen promoveren.

Ik accepteerde dat meteen. Co was de man die de deur voor mij geopend had, zodat ik de eerste Marokkaan kon zijn in de eredivisie. Ik wilde loyaal aan hem zijn. Ik had respect voor hem. Ik wilde hem niet teleurstellen, niet kwetsen. Co was mijn tweede vader. Dankzij Co ben ik waar ik nu ben.”

Aziz Doefikar, maatschapelijk werker en oud voetballer Beeld Merlijn Doomernik

4. Verdiep je in elkaar

“Ze zeggen dat het de Marokkaanse cultuur is, die de spelers van nu in de weg zit. Bullshit, die cultuur heeft er niks mee te maken. Cultuur is nooit een excuus. Ik haat dat. Het gaat om de kwaliteit van de speler en hoe de trainer met de speler omgaat. De trainer moet zijn spelers willen leren begrijpen en de spelers moeten de club willen snappen. Je moet je verdiepen in elkaars achtergrond.

Als ik nu zou moeten kiezen tussen Oranje of Marokko, zoals onlangs Noussair Mazraoui en eerder Hakim Ziyech en Sofyan Amrabat moesten doen, dan zou ik ook kiezen voor Marokko. Ik kies met mijn hart. Ik voel me Nederlander, maar ik ben daar geboren.

Oranje moet wel aan Nederlands-Marokkaanse spelers met een dubbel paspoort laten voelen dat het geïnteresseerd is. Oranje moet niet afwachten. Ik geloof zeker niet dat ze voor Marokko kiezen omdat ze zich niet welkom voelen in de samenleving. Ze denken gewoon dat ze meer kans maken, dat ze verder komen in het voetbal als ze voor Marokko kiezen. Het doet de Marokkanen pijn dat er in het verleden jongens kozen voor Oranje, die na een paar interlands nooit meer werden opgeroepen. Ze voelen zich daardoor niet serieus genomen.”

5. Blijf wie je bent

“Hakim Ziyech is geboren in Dronten, waar ik werk. Hij kwam als jongen vaak naar ons jeugdhonk. Ik zei laatst tegen hem: ‘Blijf wie je bent. Dan ben je echt.’ Ook op het veld. Kies je pad en laat je niet afleiden. Ja, hij kan chagrijnig zijn en ja, hij is weleens gefrustreerd. Maar zo is hij. Ik ben zó trots op hem. Ik praat veel met Hakim over het leven, we lachen veel. Ook over de telefoon. Soms zie ik hem na een wedstrijd, zoals laatst tegen AZ. Af en toe masseer ik hem. Dan belt hij me op: ‘Aziz, kom, masseren.’ En ik kan dat, dus ik doe dat voor hem. Hakim is een van mijn zonen.”

6. Eerst kijken dan oordelen

“Op mijn 43ste ging ik in Dronten voetballen. Walter Visser, een teamgenoot, was hier jongerenwerker en nodigde me uit eens te komen kijken. Misschien vond ik het ook wel leuk om dit werk te doen. Na een week wist ik: dit wil ik. Ik vind het leuk om jonge mensen te stimuleren. Ik ga bij ze zitten en met ze praten. Ik stel vragen. Eerst waren hier vooral Marokkaanse, later ook Nederlandse kinderen. Ik werk vooral op straat en zei tegen de Nederlanders: ‘Kom nou eerst eens kijken voordat je oordeelt.’ Nu is iedereen hier samen. Ongeveer tachtig kinderen: Nederlanders, Marokkanen, Syriërs, Irakezen. Iedereen is welkom.”

7. Geef knuffels

“Kinderen die hier terechtkomen, hebben het lastig. Ze hebben een luisterend oor nodig, iemand die het hart voor ze opent. Ze voelen trots als je ze een knuffel geeft. Met een knuffel laat je zien dat ze niet bang hoeven te zijn. Ze voelen dat ik ervoor hen ben.

Aziz Doufikar als Fortuna-middenvelder in 1990 Beeld ANP

Iedereen in Dronten weet wie Aziz is: de knuffel-Marokkaan. Ze zeiden: ‘Dat moet je niet doen.’ Ze kijken vreemd naar me als ik een meisje omhels. Het interesseert mij niet. Die meisjes zitten in de problemen en ze vragen hulp. En ze komen naar mij. Ik kan ze helpen. Contact is belangrijk. Kijken, luisteren en voelen, met je hart. Ik gooi alles wat ik heb erin om te helpen. Ik heb geen diploma’s, maar wel een hart.”

8. Maak gemengde wijken

“Drie jaar geleden wilde ik een huis huren in Lelystad. Ze wezen me een huis toe in een buurt met allemaal Marokkanen. Ook de Turken zetten ze bij de Turken en alle Antillianen zetten ze bij elkaar. En dan hoor je vervolgens dat de buitenlanders in Nederland niet goed integreren. Ik vind het schandalig dat iedereen bij elkaar gezet wordt. Dat kan niet. Wijken moeten gemengd zijn. Op die manier kweek je onderling begrip. Nu krijg je haat.

Ik heb nooit racistische opmerkingen naar mijn hoofd gekregen. Omdat ik respect toon. Ja, wel vanaf de tribune. Kanker-Marokkaan dit en kanker-Marokkaan dat. Vieze vuile zwarte. Kamelenneuker. Maar dat raakte me niet. Ze konden lullen wat ze wilden, ik bleef gewoon glimlachen. Als ik scoorde, dan ging ik terug naar die tribune. Je moet zelf ook vuur maken in het voetbal, toch? Het is een beetje treiteren, een beetje pesten.”

9. Wees geen clown

“Ik woon sinds 2010 weer met mijn moeder samen. Op zolder heb ik mijn tv, een bed en bank en daar kijk ik series of films. Wat er verder in de wereld speelt? Politiek? Wat brengt het mij? Mijn burgemeester nodigde me twee jaar geleden uit voor Prinsjesdag. Ik zag daar hoe politici buiten de Tweede Kamer amicaal met elkaar omgingen. Terwijl ze in de Kamer allemaal naar elkaar schreeuwen. Het zijn clowns. Politici hebben twee gezichten. Ik hou niet van toneelspel. Wees wie je bent. Wees eerlijk.

Mijn missie ligt in Flevoland: Dronten, Swifterbant en Biddinghuizen. Ik ben geïnteresseerd in mijn moeder, mijn familie en de kinderen met wie ik werk. Hebben zij me nodig? Dan kom ik. Dat is mijn wereldje.”

10. Laat het eindoordeel los

“Ik vrees mijn moeder en God. Ik ben bang dat ik iets verkeerd doe en dat mama daar pijn van heeft. Dat ze mij nooit meer vergeeft. En ik vrees Allah’s eindoordeel, na het leven. Maar omdat ik niet zeker weet of ik alles goed doe, laat ik het idee van het eindoordeel los. Dat komt toch wel. Ik volg mijn geweten, volg het pad, houd mijn hoofd recht en ik ga door.”

Aziz Doufikar (Casablanca, 1963) is een Nederlands-Marokkaans voormalig voetballer. Hij begon al jong met voetballen bij SV Lelystad, waarna Ajax hem opmerkte en inlijfde. Doufikar haalde nooit het eerste elftal, omdat Johan Cruijff op dezelfde positie speelde. In 1984 debuteerde Doufikar bij PEC Zwolle ’82 in de eredivisie en speelde daarna in de Portugese competitie voor Sporting Espino. Hij keerde daarna in 1990 terug naar Nederland en speelde drie seizoenen voor Fortuna Sittard (foto boven als Fortuna-middenvelder in juli 1990), waarna hij terugkeerde naar Espino. In totaal speelde hij 120 wedstrijden in het betaalde voetbal in Nederland. Doufikar is jeugdwerker in Dronten en de vader van zoon Roberto (22).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden