Oud publiek

Sterft de generatie die van echte kunst houdt langzaam uit?

Bereikt de kunst in Nederland alleen bejaarden? Dat bange vermoeden moet iedereen die de laatste jaren een concert, toneelvoorstelling, museum of literaire avond bezoekt wel eens zijn overvallen. Er valt niet aan te ontkomen: wie in het Amsterdamse Concertgebouw een pianoconcert beluistert, ziet om zich heen niets dan grijze kapsels. Literaire avonden worden steevast bezocht door oudere vrouwen. En in de schouwburg is het publiek vaak 'oud, ouder, oudst', om te spreken met actrice Carine Crutzen, die de angstige observaties van de kunstensector in de Volkskrant op 6 november nog eens kernachtig samenvatte.

Maar zoals Anna Enquist in een gesprek met de redactie van Letter&Geest opmerkte: wat is daar eigenlijk zo erg aan? Moet alles dan worden afgesteld op een jong publiek?

Een terechte vraag, die je aanvankelijk meteen zou beantwoorden met 'welnee!' Maar de zorgen zijn toch niet af te doen als leeftijdsdiscriminatie. Er gaat een grotere angst achter schuil, die niet alleen door kunstenaars, maar ook door het vergrijzende publiek zelf wordt gedeeld: als er nú al niemand onder de zestig in de zaal zit, hoe moet het dan als dit publiek uitsterft? Is er dan nog iemand die geeft om Beethoven, Mark Rothko of Shakespeare? Weet de nieuwe generatie überhaupt nog wie dat zijn?

Ook in het essay dat Anna Enquist voor Letter&Geest schreef, klinkt iets door van zulk cultuurpessimisme. Het geduld sterft uit, meent Enquist. We verliezen de rust om ons langzaam iets eigen te maken, om te begrijpen dat je pianospelen niet in één keer onder de knie hebt - en het luisteren naar klassieke muziek ook niet. We verliezen de aandacht en de discipline die nodig zijn om kunst te maken, maar vooral om kunst te leren waarderen. Daarom is grijs publiek in haar ogen enerzijds níet erg, want de bejaarden vormen juist het ideale, nog geduldige publiek. Anderzijds juist wél, als signaal dat jongeren het geduld niet meer opbrengen om een symfonie of toneelstuk uit te zitten. Of om de schilderijen van Rothko te waarderen.

Toch zie ik dat laatste niet zo somber in. Is het werkelijk zo dat de cultuur van jongere kunstliefhebbers oppervlakkiger wordt, of verplaatst de diepgang zich eerder zijwaarts naar plaatsen waar het oudere publiek hem niet zoekt? Want voor oudere kunstliefhebbers is het duidelijk: wie vertrouwde kunsttempels bezoekt als het Haags Gemeentemuseum en het Concertgebouw van Amsterdam weet zeker dat hij of zij kunst met een grote K voorgeschoteld krijgt. Dat jongeren daar niet op afkomen betekent niet ze verslaafd zijn aan de oppervlakte, maar dat ze de diepgang zoeken in kunstvormen en op locaties die ouderen soms als 'lager' beschouwen - en die trouwens ook beter passen binnen hun budget.

Ze liggen misschien thuis 'Breaking Bad' te streamen - een tv-serie die meer stof tot denken geeft dan menig roman. Of ze luisteren op Spotify naar de zanger Stromae, wiens teksten in diepgang in ieder geval de matige poëzie in Schuberts 'Die schöne Müllerin' overtreffen.

Een vergrijzend publiek lijkt mij vooral een signaal dat diepgang zich manifesteert op andere plaatsen. Die natuurlijk wel cooler lijken doordát er weinig ouderen komen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden