Klein verslag

Oss West: een schreeuw, een klap, een afgrijzen

Slordig met geluk, dichtbundel van Menno Wigman. Beeld
Slordig met geluk, dichtbundel van Menno Wigman.

Menno Wigman, de dichter die in februari veel te vroeg overleed, ligt op tafel. Zijn laatste bundel ‘Slordig met geluk’ sluit af met het gedicht ‘Oneindig wakker’. Thierry Baudet droeg het woensdagavond, toen ik naar Ajax keek, voor in de Tweede Kamer – tijdens de Algemene Beschouwingen.

Ja, dat was ongewoon.

Gisteren schreef ik nog hoe weinig werkelijke uitwisseling er was tijdens zulke debatten, hoe weinig echte belangstelling voor de inbreng van de ander. Toen moest Baudet nog spreken.

Hij droeg dus een gedicht voor. Zoals het hoort misschien: uit het hoofd. Je kunt er meisjesharten mee veroveren. Een jongenshart ook, denk ik. Maar niet het hart van een politicus. Die wantrouwt poëzie, voorgedragen door een politicus.

Zo begint het gedicht:

Mooie dingen, allemaal mooie dingen: je hand die voor het eerst een kattenvacht streelt,

Op dit punt kon je uit de Kamer schamper gelach horen. Baudet ging onverstoorbaar verder.

je moeder die bezorgd je knie verbindt, zes moegedraafde paarden in de zon, het onweer waar augustus mee begon, Diana’s hand die naar je broek afgleed, haar lichaam waar je blind je weg in vond,

De regie schakelde naar vak K, waar vicepremier De Jonge achter de hand – als een voetballer – iets tegen de premier zei, die een lachje onderdrukte. Er waren meer kabinetsleden met een spottende grijns op hun gezicht. Die kwast van een Baudet met zijn verzen.

Baudet vergat er een paar. Deze:

de kleur van een kwatrijn van J.C. Bloem, Nick Cave die dwars door Paradiso zong

Hij hervatte met

een woord als moerbei, huisraad, ravelijn, de vondst van een nog net niet schurftig rijm: mooie dingen, allemaal mooie dingen, zoals de treinen waarop ik gezoend heb, het zachte golven van een dranklokaal, een meisjeskamer die naar adel geurt, het wonder dat geen dag zich ooit herhaalt, o mooie dingen en mijn mond benoemt het voor ik me met het domme zwart verzoend heb.

Dat laatste vers las Baudet niet, dat had hij veranderd in ‘mijn mond benoemt het voor ik me met de rituele schijndebatten hier verzoend heb’.

Dat was natuurlijk jammer en een verwringing van de poëzie, het sleurde Wigmans slotgedicht door iets modderigs. De zachtmoedige woorden werden ineens een instrument om mee te steken of te snijden. De schoonheid minnende lyricus Baudet werd in één vers weer de politicus die een afrekening zoekt.

Bijna was het gelukt, maar niet helemaal: een gedicht kan in deze Kamer, waar geen woord als waarachtig wordt ervaren, niet overleven. Er is hier voor poëzie niet voldoende zuurstof.

Mooie dingen, allemaal mooie dingen.

En dan, even voor half negen in de ochtend, ergens bij het station van Oss West, een schreeuw, een klap, een ­afgrijzen, een wegkijken.

Alles in de schaduw stellend.

Zijn we slordig met geluk?

Was dit dan de laatste dag van de ­zomer? Een klap op een spoorwegovergang die zich razendsnel over het hele net verspreidde, naar hoofden en harten, ook die van politici die hun leedwezen betuigden. En allemaal waren we ouder, leidster en machinist.

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen. Lees meer afleveringen van zijn Klein Verslag op trouw.nl/kleinverslag.

Lees ook:

Groot verdriet in Oss na ongeluk met elektrische bakfiets

Bij een ongeluk met een trein en een elektrische bakfiets bij een bewaakte spoorwegovergang in Oss zijn vier kinderen overleden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden